Opinie

Héérlijk uitgefloten

Wilfried de Jong

Op een tribune in stadion De Goffert liep een vrouw met drie plastic glazen bier in haar handen. De manier van dragen deed ouderwets aan; links een glas, rechts een glas en de derde ertussenin geklemd. Zo ging dat vroeger, in de pauze van een voetbalwedstrijd.

Alles leek zoals het voorheen was bij de wedstrijd tussen NEC en De Graafschap. Er werd in Nijmegen luidkeels gezongen en gescholden, er was applaus en hoongelach. Op sommige plekken mochten supporters voor één keer zelfs zonder mondkapje naast elkaar staan.

Het duel was uitgekozen om te onderzoeken hoe de 1.200 toegelaten supporters zich gedroegen in zes verschillende bubbels. Ze waren van tevoren getest, droegen verplicht een ‘tag’ en werden met camera’s in de gaten gehouden.

Ik moest denken aan mijn neef op zijn boerderij in Hazerswoude die in zijn achterkamer op de computer precies kon zien wat zijn koeien uitvraten en hoeveel melk er door een machine uit de uiers werd afgetapt.

De nood is hoog in voetballand. Clubs staan op omvallen, ze vragen loonoffers van hun contractspelers om de boel te redden. Intussen mist het publiek de wekelijkse gang naar het stadion, naar de plek waar ze naar hartelust anderhalf uur mogen ontluchten.

Fans kunnen de lege tribunes op televisie niet meer aanzien.

Een speler van De Graafschap werd tijdens de warming-up voor de wedstrijd hartstochtelijk uitgefloten door NEC-supporters. Hij had er intens van genóten. Eindelijk weer eens een striemend fluitconcert in zijn oren, dat was maanden geleden.

Een universiteit gaat alle data van de wedstrijd verzamelen. Over een maandje weten we iets meer over het wel en wee van het aanwezige publiek. Wie weet krijgt Nijmegen wereldfaam door dit onderzoek.

De afgelopen weken had ik radio-interviews met viroloog Jaap Goudsmit en microbioloog Roel Coutinho. Ervaren als het om virussen en epidemieën gaat. Het mooie was hun optimisme. Ze leerden me dat virussen van alle tijden zijn en altijd onder de mens zullen zijn en meestal blijven, ook corona. Het komt aan op preventie, gezond leven, een snelle strategie bij een pandemie en het steeds maar weer perfectioneren van vaccins.

Paniekvoetbal was uit den boze.

Hun blik gaf enig vertrouwen in de toekomst. Maar dat we nog een tijd moeten wachten op stadions met tienduizenden supporters is een uitgemaakte zaak. Het bordje ‘uitverkocht’ ligt vergeeld in de hoek.

De euforie onder de 1.200 supporters op de tribunes van NEC was ontroerend. De sfeer leek verdomd veel op de goede, oude tijd; het genot van dat verwelkte biertje uit plastic, de rafelige sjaal boven het hoofd tijdens het zingen, het verdriet van een nederlaag, de trouw aan een club.

De werkelijkheid is nuchter en hard. Zolang de afstand tussen mensen anderhalve meter moet zijn en de pandemie nog niet is ingedamd, oogt zo’n stadion – zelfs als er plukjes supporters zijn toegelaten – een tikje sneu. Als een te groot colbert over broze schouders.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.