Inhaligheid bij vaccins kan Westen opbreken

Vaccinnationalisme Rijke landen bestelden enorme hoeveelheden vaccins tegen Covid-19 en zijn volop aan het vaccineren. Armere landen komen er nauwelijks aan te pas. Het vaccinnationalisme van rijke landen kan zich echter tegen hen keren.

Medewerkers van een ziekenhuis in het Zuid-Afrikaanse Klerksdorp wachten donderdag na haar intenting.
Medewerkers van een ziekenhuis in het Zuid-Afrikaanse Klerksdorp wachten donderdag na haar intenting. Foto Phill Magakoe / AFP

Macht, kennis en financiële slagkracht zijn ongelijk verdeeld in de wereld en zelden is dat zo pijnlijk duidelijk geworden als bij de verdeling van de vaccins tegen het coronavirus. VN-secretaris-generaal Antonio Guterres wees er woensdag op dat tien rijke landen tot dusverre 75 procent van alle coronavaccinaties hebben toegediend. Op dat moment had in 130 armere landen nog niemand zelfs maar een, laat staan twee prikken ontvangen. „Op dit kritieke moment is de vaccinongelijkheid de grootste morele test voor de wereldgemeenschap”, constateerde Guterres dan ook.

Omdat iedereen beseft dat snelle vaccinatie tegen Covid-19 niet alleen levens kan redden maar ook de economie weer sneller op gang kan brengen, verdrongen rijke westerse landen elkaar de laatste maanden bij de grote farmaceutische bedrijven die de vaccins produceren. Voor de zekerheid bestelden ze enorme hoeveelheden van de verschillende vaccins, vaak veel meer dan nodig voor hun eigen bevolking.

Een land als Canada kan zijn bevolking ongeveer vijf keer van vaccinaties voorzien, als alle vaccins binnen zijn. De Amerikaanse hulporganisatie One berekende dat zelfs als de VS alle inwoners volledig zouden vaccineren er nog altijd 453 miljoen vaccindoses over zouden zijn. De Europese Commissie bestelde in totaal 2,3 miljard doses, ruim twee keer zoveel als nodig om de eigen bevolking volledig te vaccineren.

Lees ook: G7-leiders: surplus vaccins doneren aan arme landen

Zowel gezondheidsexperts als economen wijzen erop dat het vaccinnationalisme van de westerse landen de wereld duur kan komen te staan. „Het is beslist een illusie te denken dat je als rijk land veilig bent wanneer je al je burgers hebt gevaccineerd, terwijl het virus in armere landen voortwoekert”, zegt Andrea Taylor, onderdirecteur van het Amerikaanse Duke Global Health Innovation Center. „Er kunnen dan gemakkelijk nieuwe varianten ontstaan, waartegen de vaccins geen bescherming bieden. Dan lopen we allemaal weer gevaar.” Afgelopen najaar becijferde de Amerikaanse Rand Corporation, een denktank, het verlies voor de wereldeconomie bij aanhoudende vaccinongelijkheid tussen de rijkere landen en de rest van de wereld op 292 miljard dollar.

Armere landen uit vooral Afrika kijken intussen veelal lijdzaam toe. Uit officiële, niet altijd betrouwbare cijfers blijkt weliswaar dat de meeste Afrikaanse landen minder hard door corona zijn getroffen dan westerse landen, maar het virus waart er wel rond. En deze landen kunnen niet de bedragen betalen die Westerse regeringen zonder veel moeite opbrengen. Een land als Argentinië onderhandelde met Pfizer, maar trok zich weer terug omdat het farmaconcern meer vroeg dan Argentinië kon of wilde opbrengen. Sommigen mikken nu op vaccins uit China of Rusland.

Schrijnende ongelijkheid

De voornaamste hoop van veel armere landen blijft gevestigd op Covax, een samenwerkingsverband onder leiding van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) dat aan 180 landen vaccins wil verstrekken. Er is vooral door rijke landen voor enige miljarden euro’s bijgedragen om vaccins aan te schaffen. Covax hoopt 330 miljoen vaccinaties te kunnen leveren voor 1 juli van dit jaar, al is de kans dat dit lukt klein doordat de vaccinproductie trager verloopt dan verwacht. Verdeeld over 145 landen, zou in het gunstigste geval amper 3,3 procent van de bevolking kunnen worden ingeënt. Covax wil op langere termijn 20 procent van de bevolking vaccineren. Slechts een fractie van de circa 70 procent die veel rijke landen nastreven om groepsimmuniteit te bereiken. Burgers in landen als Soedan en Mali kunnen bij het huidige tempo pas in 2024 rekenen op substantiële aantallen vaccinaties.

De schrijnende ongelijkheid manifesteert zich op allerlei manieren. Terwijl Israël al tegen de 50 procent van zijn bevolking van negen miljoen inwoners heeft gevaccineerd, hebben de bijna even talrijke Palestijnen in de door Israël bezette gebieden nog maar enkele duizenden vaccinaties ontvangen. Chili heeft al 12,7 procent van zijn bevolking gevaccineerd, het naburige Bolivia 0,1 procent. Maar ook binnen Westerse landen zelf kunnen er flinke verschillen zijn. Mensen in achtergebleven wijken in Britse steden, vaak behorend tot etnische minderheden, werden in de eerste weken minder gevaccineerd dan Britten in betere buurten. Terwijl uit eerder onderzoek juist bleek dat ze een twee keer zo hoge kans hadden aan Covid-19 te overlijden. Ook in Frankrijk, Spanje en India bleek dat armeren sneller sterven aan corona dan mensen die beter af zijn.

Vaccinongelijkheid is de grootste morele test voor de wereldgemeenschap

Antonio Guterres VN-chef

Ook armere landen zijn trouwens vaak geen toonbeeld van eerlijke distributie. In de Filippijnen liet president Duterte de elitetroepen die hem bewaken met een nog niet goedgekeurd Chinees vaccin behandelen om te voorkomen dat zij hem op een of andere manier zouden besmetten. Het is niet duidelijk of hijzelf ook is gevaccineerd. In het door corona zwaar geteisterde Peru lieten 450 prominente Peruanen zich afgelopen herfst stiekem met een experimenteel Chinees vaccin prikken, ver voor gewone burgers aan de beurt konden komen.

Omdat Westerse regeringen beseffen dat hun inhaligheid niet prettig oogt, zegden ze toe kleinere hoeveelheden van hun vaccins af te staan aan minder bedeelde landen, als ze zelf klaar zijn „Dat is niet genoeg”, stelt Taylor. „Er zouden twee dingen moeten gebeuren. Ten eerste moeten rijke landen terwijl ze zelf nog aan het vaccineren zijn hun vaccins nu al delen met armere landen, zodat ook die hun meest kwetsbare groepen kunnen vaccineren, en niet later. Tijdwinst is van het grootste belang. Noorwegen heeft dat bij voorbeeld al wel aangekondigd. Ten tweede moet er heel snel worden geïnvesteerd in productiecapaciteit in armere landen. In India, Brazilië en Mexico loopt dat al maar het zou ook in Afrika moeten gebeuren.”

Patentrecht tijdelijk opheffen

Een andere mogelijkheid zou zijn het patentrecht op Covid-19-vaccins tijdelijk op te heffen. Dit werd al in oktober door India en Zuid-Afrika voorgesteld aan de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en later sloten ook Kenia en Pakistan zich hierbij aan. Maar de VS, de EU en Groot-Brittannië, waar de belangrijkste farmaceutische bedrijven Pfizer, Moderna en AstraZeneca zitten, wilden hierin niet toestemmen. Ook aan een WHO-initiatief om de vaccinkennis in een gezamenlijk bak te deponeren en zo te delen met de rest van de wereld deden de farmareuzen niet mee. Alleen het Brits-Zweedse AstraZeneca heeft een overeenkomst gesloten met het Serum Instituut van India om goedkope coronavaccins voor ontwikkelingslanden te produceren.

Hoewel Taylor kritisch is over Pfizer en Moderna, die volgens haar meer zouden kunnen helpen, voegt ze er aan toe dat het in minder ontwikkelde landen vooral buiten de steden ook moeilijk zou zijn de vaccins van Pfizer op de vereiste temperatuur van -70 graden te bewaren. Maar het belangrijkste is dat het rijke Westen ook nu al vaccins deelt. Taylor: „Voor de wereldgemeenschap als geheel is het echt veel beter als je niet eerst jongere mensen in de rijke landen vaccineert maar die vaccins toedient aan kwetsbaren in arme landen.”