Met nieuwe avondklok snijdt kabinet rechter de pas af

Coronamaatregelen Het kabinet komt tegemoet aan de juridische zorgen over de spoedwet. Een ruime Kamermeerderheid lijkt de nieuwe avondklok te steunen.

Een paar demonstranten tegen de avondklok op het Plein. De avondklok blijft voorlopig van kracht.
Een paar demonstranten tegen de avondklok op het Plein. De avondklok blijft voorlopig van kracht. Foto David van Dam

Dinsdag leek de avondklok ten einde te komen. Donderdag lijkt hij gered te zullen worden. Twee dagen nadat de rechter het voortbestaan van de avondklok ongewis maakte, praat de Tweede Kamer over een door het kabinet met spoed geschreven en ingediend wetsvoorstel waarmee de avondklok van kracht blijft – óók als het gerechtshof in Den Haag in hoger beroep de rechterlijke uitspraak van dinsdagochtend bekrachtigt.

Een ruime Kamermeerderheid blijft de avondklok naar verwachting steunen, blijkt uit een rondgang van NRC. Ondanks twijfels over de zorgvuldigheid van de haastige gang van zaken.

Het kabinet is tegemoetgekomen aan een vraag die al langer leeft in de Kamer: waarom de avondklok niet tegelijkertijd met de ‘Tijdelijke wet maatregelen covid-19’ geregeld is. Het wetsvoorstel dat het kabinet woensdagmiddag naar de Kamer stuurde, amper 24 uur nadat demissionair premier Mark Rutte (VVD) het had aangekondigd, is inderdaad een wijziging van de coronawet.

Eigenlijk wilde het kabinet de avondklok opnieuw buiten die wet om regelen, omdat het een zware maatregel met „een bijzonder karakter” is. Maar nadat demissionair minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus (CDA) woensdagochtend het advies van de Raad van State had gekregen, besloot hij tóch gebruik te maken van de coronawet. Die wet voorziet in de juridische grondslag voor vrijwel alle andere coronamaatregelen en werd speciaal gemaakt om het parlement expliciet vooraf inspraak te geven bij de grote vrijheidsbeperkingen die nodig zijn om de crisis te bestrijden.

Acute noodsituaties

Begin deze maand suggereerde de Raad van State al dat de avondklok via de coronawet geregeld kon worden, in een advies over de ‘oude’ avondklok. Die was gebaseerd op de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag (Wbbbg), een wet bedoeld voor acute noodsituaties. De raad wees op de spanning tussen de vereiste spoed om die wet te gebruiken en de procedure die het kabinet volgde, waarbij de avondklok eerst langs de Kamer ging. Was er dan wel sprake van spoed? Nee, concludeerde de voorzieningenrechter dinsdag.

Het roept het vermoeden op dat de juridische impasse en politieke onzekerheid voorkomen hadden kunnen worden als er vanaf het begin gekozen was voor aanpassing van de coronawet. Maar dat wilde het kabinet niet, schreef minister Grapperhaus in februari in reactie op de Raad van State: „Spoedwetgevingstrajecten geven, vanwege de haast waarmee deze afgerond moeten worden, niet de beste garanties voor een weloverwogen proces en resultaat.”

Haast

De haast van het kabinet is begrijpelijk. Vrijdag dient het hoger beroep van de staat tegen actiegroep Viruswaarheid, dat de avondklok dinsdag van tafel kreeg bij de Haagse voorzieningenrechter. Als het kabinet ook het hoger beroep verliest, is de spoedwet het juridische alternatief.

Lees ook: Viruswaarheid stelde ‘terechte vragen’ over de avondklok, zegt Haagse rechtbank

De juridische fouten die het kabinet rond de avondklok maakte, lijken met de tegemoetkoming aan de Kamer vergeven. Toch willen veel partijen nog weten of de nieuwe oplossing juridisch wél houdbaar is en niet opnieuw zal stranden. SP-Kamerlid Maarten Hijink wil overtuigd worden dat een volgende rechter „wel zal oordelen dat het hiermee proportioneel is om grondrechten in te perken”. Maarten Groothuizen (D66) wil er van verzekerd worden dat er „nu niet iets voorligt waarmee we over een paar weken tot dezelfde juridische conclusie komen”.

Ondanks de juridische zorgen van de Kamer lijkt politieke steun verzekerd, ook omdat veel partijen inhoudelijk niet van standpunt zijn veranderd. VVD en CDA zeiden deze week al een spoedwet te steunen omdat de avondklok „onverminderd” nodig is. Tegenstanders als FVD en PVV willen hem direct van tafel. Vooral de houding van D66, PvdA, GroenLinks en SP is interessant: zij twijfelden aanvankelijk aan de noodzaak van een avondklok, maar lieten zich overtuigen en zijn ook nu van belang voor een meerderheid.

D66 en PvdA lieten woensdag weten dat zij geen „politieke spelletjes” willen spelen en hun steun niet zomaar intrekken. Voor GroenLinks geldt naar verwachting hetzelfde: in de fractie is woensdag besloten de avondklok voorlopig te accepteren. Is het niet vanwege juridische finesse, dan wel uit de vrees dat zónder avondklok het aantal coronabesmettingen snel zal stijgen en de middelbare scholen niet open kunnen.