De opvallende relschopper wordt snel en stevig gestraft

Avondklokrellen Wie zijn de mensen die opgepakt werden vanwege de avondklokrellen?

Wat voor straffen kregen zij? Na drie weken is een eerste balans op te maken.

Een brandende auto in Eindhoven (linksboven), een waterkanon (rechtsboven) en gevechten met de ME op het Museumplein tekenden het weekeind van 24 januari. Tientallen relschoppers zijn inmiddels berecht.
Een brandende auto in Eindhoven (linksboven), een waterkanon (rechtsboven) en gevechten met de ME op het Museumplein tekenden het weekeind van 24 januari. Tientallen relschoppers zijn inmiddels berecht. Foto’s Remco Koers, Robin Utrecht, Robin van Lonkhuijsen/ANP

Een fietskoerier van Deliveroo, de eigenaar van een kunst- en cadeauwinkel, een automonteur en loodgieter-in-opleiding, een timmerman, een voetballer uit de top van de amateurklasse, ADHD’ers, stevige drinkers, vaders en een beleggingsfondsmanager – telg van een schatrijke textielfamilie. Allemaal stonden ze de afgelopen drie weken als verdachte van relschoppen voor de politierechter.

„Lik-op-stuk”, beloofde minister Ferd Grapperhaus (Justitie, CDA) na de ‘avondklokrellen’ in onder andere Eindhoven en op het Amsterdamse Museumplein, op 24 januari. „Mensen komen er niet mee weg.” Het Openbaar Ministerie zou snelrecht toepassen. „Met als inzet onvoorwaardelijke gevangenisstraffen.”

NRC inventariseerde de rechtszaken die de afgelopen tweeënhalve week bij de elf rechtbanken in Nederland werden gehouden, en woonde zittingen in vijf rechtbanken bij om een beeld te krijgen van de verdachten. Er waren in die periode, tussen 27 januari tot en met 1 februari, 84 snelrechtzaken. Die leverden 69 veroordelingen op, enkele zaken moesten worden uitgesteld omdat er verder onderzoek nodig was. 3 verdachten werden vrijgesproken.

Bij snelrechtzaken worden verdachten binnen zeventien dagen na hun arrestatie berecht. Op de dag van hun rechtszaak brengt een wit busje hen van de penitentiaire inrichting naar de rechtbank. Een politierechter behandelt de zaak in minder dan een uur en doet onmiddellijk uitspraak. Wie celstraf krijgt, moet die meteen uitzitten.

Waterkanon in actie op het Museumplein.

Foto Robin van Lonkhuijsen

Onvoorwaardelijk

Het OM zet bij de avondklokrellen in op maximale celstaffen. „Er volstaat geen andere straf dan onvoorwaardelijke gevangenisstraf”, zeggen officieren van justitie van Amsterdam tot Den Bosch. „In veertig jaar is het niet zo gigantisch uit de hand gelopen”, verwijzend naar de krakersrellen bij de inhuldiging van koningin Beatrix in 1980. De straf moet een afschrikkende werking hebben: „Degenen die overwegen hieraan mee te doen, moeten weten dat er forse straffen op staan.” Het OM strooit dan ook met hoge strafeisen: twee maanden onvoorwaardelijke celstraf voor opruiing in Alphen (waar geen rellen kwamen), vijf maanden voor openlijke geweldpleging in Eindhoven zonder dat een agent is geraakt.

Veel advocaten steigerden. „Normaal staat hier een taakstraf op.” Dat klopt. Zowel rechters als officieren hanteren als houvast ‘straftabellen’, met veelvoorkomende delicten en de straf(eis) waaraan zij daarbij kunnen denken. Bij openlijke geweldpleging zijn taakstraffen gebruikelijk, maar voor de avondklokrellen vaardigt het OM nieuwe instructies uit „met verhoogde strafeisen vanwege verzwarende omstandigheden”, zegt de leiding van het OM.

De Amsterdamse politierechters willen aanvankelijk niets weten van die nieuwe mores. Zo krijgt een 36-jarige man die een karatetrap aan de ME uitdeelde – vastgelegd op een wijdverspreide foto – op 29 januari 120 uur taakstraf opgelegd, terwijl het OM vijf maanden cel eist. De milde straffen stuiten het OM zo tegen de borst dat zesmaal hoger beroep wordt aangetekend. Vanaf die dag beginnen Amsterdamse rechters hoger te straffen en wordt onder meer vier maanden onvoorwaardelijke celstraf opgelegd: de een na hoogste straf voor de coronarellen in Nederland.

Lees ook: ‘Het fundamentele wantrouwen is het grootste risico’

De Raad voor de Rechtspraak zegt dat rechters „die coronarel-zaken behandelen onderling contact hebben, hun uitspraken delen” en zo „de rechtseenheid bewaken”. Maar soms is die eenheid moeilijk te ontwaren. De hoogste straf krijgt de 18-jarige Eindhovenaar Jeremy. Hij wordt met een steen in zijn hand voor een meute relschoppers gefilmd en helpt een groepje dat voor het station van Eindhoven bezig is met de sloop van een Opel Mokka van ProRail. Jeremy krijgt acht maanden celstraf (waarvan vier voorwaardelijk) en een hoge boete, omdat hij aansprakelijk wordt gesteld voor de schade aan de auto (18.000 euro). De jongen kampt met onder meer een ADHD-stoornis. Terwijl een Haagse en een Arnhemse rechter bij twee jongens van dezelfde leeftijd in hun ADHD-stoornis juist een verzachtende omstandigheid zien en werkstraffen opleggen, legt de Bossche rechter Jeremy zelfs een hogere straf op dan het OM eist.

Veel verschillen

Dé relschopper bestaat niet, zo blijkt uit de snelrechtzittingen. Hun leeftijd loopt uiteen van 18 tot 56 jaar. De een is ondernemer, de ander werkloos. En hoewel een enkeling daadwerkelijk deelnam aan het protest tegen de coronamaatregelen, is een ideologische drijfveer moeilijk te zien. Veel van hen zeggen dat ze met vrienden naar Amsterdam of Eindhoven gingen „om even te kijken”. Ze hebben „echt niets gedaan” en beweren te worden verward met anderen.

De rechter heeft daar vaak geen boodschap aan. Voor een veroordeling is deel uitmaken van een gewelddadige groep voldoende. Dat ze verward worden met anderen wordt niet geloofd. Justitie lijkt veel verdachten met afwijkende kleding te hebben opgepakt. Die zijn op camerabeelden makkelijk te identificeren. „Pech dat u een witte trui aan had”, zo krijgt een Eindhovense relschopper te horen.

In de meerderheid (45) van de snelrechtzaken staan niet relschoppers, maar opruiers terecht: mannen en (twee) vrouwen die via social media zoals WhatsApp, Telegram en Snapchat anderen aanzetten tot rellen en geweld met teksten als: „wil heel hilversum zijn strijden!!”, „stenen verf. Brand. Kanker veel vuur” en „zet dat gerechtsgebouw in de hens”.

Ook opruiers zijn geen uniforme groep: in leeftijd variëren ze van minderjarig tot in de veertig en ze wonen door heel het land: van Roosendaal tot Drachten. Hun verdediging is wel steeds dezelfde. Niemand was echt uit op rellen. „Ik probeerde stoer te doen, meepraten met de rest.”

Correctie (12 februari 2021): Het aantal snelrechtzaken en veroordelingen is aangevuld naar aanleiding van drie zaken in Den Bosch.