Waar Adyen floreert in coronacrisis, kwakkelt ABN

Financiële sector De cijfers van Adyen en ABN leggen het verschil bloot tussen de bedrijven. Hoe de pandemie ook verloopt, Adyen profiteert.

Illustratie Rik van Schagen

Het contrast woensdag op de beurs in Amsterdam kon niet groter zijn. De AEX werd aangevoerd door betaalbedrijf Adyen, dat ruim 8,5 procent in waarde steeg tot 2.066 euro per aandeel. ABN Amro eindigde juist in de onderste regionen, met een verlies van 1,5 procent tot 8,42 euro per aandeel. De beleggers reageerden hiermee woensdag op de jaarcijfers van beide Amsterdamse financiële instellingen.

ABN Amro presteerde iets beter dan de analisten vooraf hadden gedacht. De bank boekte in het vierde kwartaal een winst van 54 miljoen euro, waardoor het verlies over het gehele jaar uitkwam op 45 miljoen. De bank betaalt daarom geen dividend uit aan aandeelhouders, zoals de Nederlandse staat met 56 procent van de aandelen.

Het verlies werd door ABN Amro vooral opgelopen in het eerste halfjaar. Dat kwam door toevoegingen aan de stroppenpot om mogelijke verliezen vanwege de coronapandemie op te vangen. In totaal heeft de bank hiervoor nu 2,3 miljard euro gereserveerd, en de bank verwacht in 2021 meer te moeten opzij zetten.

Adyen profiteert juist enorm van de coronapandemie en de gevolgen daarvan voor consumptiegedrag. Het betaalbedrijf zag de klandizie flink toenemen, omdat veel fysieke winkels een webwinkel moesten opzetten om de omzet nog enigszins op peil te houden. En Adyen regelt bijvoorbeeld ook het betaalverkeer van Just Eat Takeaway. Het betaalbedrijf boekte hierdoor over 2020 28 procent meer omzet (682,4 miljoen euro), en 11 procent meer winst (261 miljoen).

Maar het verschil tussen Adyen en ABN Amro is structureler dan de coronacrisis. Adyen heeft een verdienmodel waar eigenlijk alle banken momenteel van dromen. Klanten betalen voor elke transactie een kleine vergoeding, een fee. Dat zorgt voor een vrij zekere inkomstenstroom, zeker gezien de groei van online transacties waar Adyen vooral sterk in is.

Lees ook: Een bank draaien op abonnementsgeld? N26 denkt dat het kan

De traditionele melkkoe van banken staat juist enorm onder druk: de rentemarge. Banken waren gewend flink te verdienen aan het verschil tussen rente die ze uitbetalen (op bijvoorbeeld spaarrekeningen) en de rente die ze van klanten krijgen op leningen (zoals hypotheken). Door de ultralage of zelfs negatieve rentes op de financiële markten, de gevoeligheid om die volledig door te rekenen aan spaarklanten en tegelijkertijd de concurrentie op de hypotheekmarkt, is die rentemarge amper meer voldoende om de kosten van een bank te dekken.

ABN Amro meldde weliswaar opgetogen dat het zijn fee-inkomsten heeft weten te vergroten in het vierde kwartaal, maar dat was ten opzichte van het derde kwartaal. Op jaarbasis zakten die inkomsten juist met 2 procent. De rentemarge maakt nog altijd driekwart van de inkomsten uit, en die zakte met maar liefst 15 procent.

De vraag is nu hoe 2021 gaat verlopen. ABN Amro is optimistisch over het economische herstel. Als het vaccinatieprogramma goed wordt uitgerold, wordt een stevige groei verwacht. Met lagere stroppenpotten tot gevolg, en daardoor lucht voor de bank.

En Adyen? Daarvoor maakt het eigenlijk niet eens meer uit hoe de coronapandemie verloopt. Als de lockdowns worden opgeheven, profiteert het daar ook van via de fysieke pinkasten die het levert.