Brieven

Pensioen

Laat ook Wajongers die werken pensioen opbouwen

Foto Roger Cremers

In Jong en geen pensioenopbouw – is dat ooit nog in te halen? (29/1) gaat het over jonge werkenden die door flexwerk nauwelijks pensioen kunnen opbouwen. Een omvangrijke groep mensen ontbreekt, een groep die vanaf z’n twintigste werkt en door een manmoedig besluit van de fiscus geen enkele mogelijkheid heeft pensioen op te bouwen. Het gaan om Wajongers die werken met toepassing van de loondispensatieregeling - in 2018 betrof het een groep van 18.500 personen (bron: UWV). Deze mensen hebben een lagere loonwaarde waardoor ze van hun werkgever minder betaald krijgen. Het UWV vult dit bedrag aan tot het voor het werk betreffende geldende functieloon. Het totaal is vaak niet meer dan het minimumloon. Doordat het inkomen verdeeld is over twee organisaties valt ieder deel onder de forfaitaire grens waarboven pensioen kan worden opgebouwd. Werkgevers die hun verantwoordelijkheid nemen en een oplossing bedenken, waardoor toch een – zij het bescheiden – pensioen wordt opgebouwd, zijn teruggefloten door de Belastingdienst. Het UWV doet in deze gevallen niets.

Door dit strenge beleid kunnen deze mensen, die soms boven hun kracht en bekwaamheid een waardevolle bijdrage aan onze samenleving leveren geen pensioen opbouwen. Ze zijn later aangewezen op de kale AOW. Kijk in de discussies over het pensioenstelsel ook naar deze groep. Het betreft kwetsbare mensen die niet makkelijk zelf aan de bel trekken. De oplossing is simpel. Pas de forfaitaire grens niet toe op mensen met loondispensatie. Voor de realisatie weten we wie het zijn: de Belastingdienst registreert degenen die aangifte moeten doen – ze krijgen jonggehandicaptenkorting; het UWV registreert alle betreffende personen.

Bloemendaal