Opgestookt door leugens en oorlogsretoriek: bestorming Capitool was allesbehalve spontaan

Geweldsuitbarsting De bestorming van het Capitool staat centraal in het tweede impeachmentproces tegen Trump, dat deze week begint in de Senaat. Wat weten we over zijn rol en die van zijn medestanders? Hebben ze de menigte willens en wetens aangezet tot geweld?

Relschoppers bij het Capitool in Washington op 6 januari.
Relschoppers bij het Capitool in Washington op 6 januari. Foto Julio Cortez/AP

In een spijkerjack en een rode baseballcap met het opschrift ‘Make America Great Again’ naderde Ryan Stephen Samsel op 6 januari de veiligheidsbarrière rond het Capitool in Washington. Bij de dranghekken, bewaakt door de Capitol Police, kwam het direct tot een confrontatie. Na een felle woordenwisseling trok Samsel zijn jack uit en draaide zijn MAGA-pet achterstevoren – signaal dat hij klaar was om te vechten.

Samen met andere relschoppers was Samsel onder de eersten die de veiligheidszone binnendrongen in de aanloop naar de bestorming van het Capitool. Ze tilden de dranghekken op en duwden de agenten achteruit. Een van hen viel met haar hoofd op een trap.

Samsel is deze week aangeklaagd voor geweldpleging. Hij is een van de ruim 175 mensen die tot nu toe in staat van beschuldiging zijn gesteld in verband met het oproer, waarbij duizenden aanhangers van toenmalig president Donald Trump probeerden de bekrachtiging van de verkiezingszege van Joe Biden door het Congres te verhinderen.

Het FBI-onderzoek naar de bestorming, waarbij vijf mensen omkwamen, is het grootste sinds de aanslagen van 11 september 2001. Aan de hand van honderden uren aan videobeelden, gemaakt door journalisten en deelnemers, reconstrueren onderzoekers de gebeurtenissen. Onder de arrestanten zijn zeker 22 huidige of voormalige militairen. Ook leden van extreemrechtse groepen als de Proud Boys zijn geïdentificeerd en aangeklaagd.

Bekijk hier meer foto’s van de bestorming van het Capitool

Uit onderzoek blijkt dat de bestorming minder spontaan was dan de beelden deden vermoeden. Aanvankelijk leek het een uit de hand gelopen demonstratie, vergemakkelijkt door zwakke beveiliging van het complex. Intussen is een beeld ontstaan van een meer planmatige aanval op het boegbeeld van de Amerikaanse democratie – zowel door deelnemers als door organisatoren, van wie sommigen nauwe banden hadden met de entourage van Trump.

„Deze mensen kwamen hier met het vooruitzicht geweld te plegen”, zei Greg Ehrie, vicepresident van de Anti-Defamation League en een voormalige FBI-agent, tegen CNN. „Dit was geen langzame escalatie.” Vast staat dat de bestormers langdurig waren gemarineerd in agressieve retoriek – door Trump zelf, zijn medestanders en door het rechtse media-ecosysteem dat hem steunt.

De rally

De basis van de aanklacht wegens opruiing bij het impeachmentproces wordt gevormd door uitspraken van Trump bij een manifestatie nabij het Witte Huis op de ochtend van 6 januari. Deze ‘Save America Rally’ bracht onder de slogan ‘Stop the Steal’ duizenden Trump-aanhangers uit het hele land naar Washington, die geloofden dat Trump van een verkiezingszege was beroofd – zoals hij hen al weken had voorgehouden. „We zullen nooit opgeven, we zullen nooit verlies erkennen”, zei Trump tegen zijn toehoorders. „We lopen naar het Capitool”, vervolgde hij, de indruk wekkend dat hij de mars zou aanvoeren – in werkelijkheid bleef hij in het Witte Huis. „We vechten als de hel, en als je niet vecht als de hel hou je geen land meer over.”

Lees ook: ‘Verdomme waar zitten ze’, klinkt het bij Capitool

De toeschouwers reageerden uitgelaten. Ze riepen: „Neem het Capitool in!” Een deelnemer filmde zichzelf tijdens de mars naar het gebouw met de woorden „misschien breken we de deuren open”. Later scandeerde de menigte op de trappen herhaaldelijk „vecht voor Trump, vecht voor Trump!”. Een relschopper riep door een megafoon tegen agenten: „We zijn hier uitgenodigd door de president van de Verenigde Staten!”

Uit onderzoek van The Wall Street Journal is gebleken dat de rally werd gefinancierd door enkele nauwe bondgenoten van Trump. De extreemrechtse mediapresentator Alex Jones, een invloedrijke complotdenker, droeg 50.000 dollar bij in ruil voor spreektijd. Ook regelde hij financiering van de Republikeinse geldschieter Julie Jenkins Fancelli, erfgenaam van de Amerikaanse supermarktketen Publix. Zij droeg 300.000 dollar bij aan het evenement, dat ongeveer een half miljoen kostte.

Onder de organisatoren waren Ali Alexander, een extreemrechtse activist en leider van de ‘Stop the Steal’-beweging, en Caroline Wren, in 2020 een medewerker van Trumps campagne. Alexander, die medestanders op sociale media opriep op 6 januari naar het Capitool te gaan, schreef op 30 december in een tweet over de procedure van Congresleden om de verkiezingszege van Biden te bekrachtigen: „Als ze dat doen, kan iedereen raden wat ik en 500.000 anderen met dat gebouw zullen doen.”

Hielpen Congresleden?

Het is onduidelijk of Republikeinse volksvertegenwoordigers de aanval op het Capitool direct hebben gefaciliteerd. Beschuldigingen dat enkele Congresleden vooraf rondleidingen hebben gegeven aan deelnemers zijn niet bewezen. Wel zei Alexander in een online video dat hij met de Congresleden Andy Biggs, Mo Brooks en Paul Gosar het initiatief had genomen om „maximale druk op het Congres uit te oefenen terwijl ze stemmen”. Afgevaardigde Pete Sessions uit Texas schreef op Twitter dat hij „een geweldige ontmoeting” had gehad met „de mensen van Stop the Steal”. Die tweet is verwijderd.

Lees ook: Richtingenstrijd bij Republikeinen escaleert: worden ze de partij van QAnon?

Bijna 150 Republikeinse Congresleden steunden de leugen over de verkiezingen – en stemden ook na de bestorming tegen de bekrachtiging van het resultaat, in een poging de zege van Biden ongedaan te maken. Enkelen hebben banden met extreme groepen, waarvan leden vertegenwoordigd waren onder de relschoppers. Zo heeft Gosar uit Arizona banden met de Oath Keepers, een extreemrechtse antiregeringsmilitie bestaande uit voormalige en huidige militairen. Lauren Boebert uit Colorado is regelmatig gezien met de Three Percenters, een extremistische tak van de vuurwapenbeweging. Matt Gaetz uit Florida verscheen vorig jaar bij een evenement waarbij ook de witnationalistische Proud Boys vertegenwoordigd waren, meldt The New York Times.

De Republikeinse Afgevaardigde Marjorie Taylor Greene is een prominente uitdrager van complottheorieën van het zogeheten QAnon. In 2019 riep zij haar aanhangers op sociale media op „het Capitool te overspoelen” uit protest tegen „tirannieke” leiders. Afgevaardigde Brooks zei bij de rally op 6 januari: „Vandaag is de dag dat Amerikaanse patriotten namen noteren en een pak slaag uitdelen.”

De voedingsbodem

De gewelddadige retoriek viel in een bodem van verontwaardiging die lange tijd is gevoed door medestanders van Trump. Rechtse media als Fox News, One America News (OAN) en Newsmax verspreidden wekenlang diens leugen dat verkiezingsfraude was gepleegd. Dit werd gepresenteerd als een existentiële bedreiging van het land, waartegen moest worden opgetreden met uitzonderlijke middelen.

Sommige partijgenoten van Trump gingen nog verder, zoals Kelli Ward, voorzitter van de Republikeinse partij in Arizona. Zij riep Trump in december per tweet op „de Rubicon over te steken”, verwijzend naar Julius Caesar, die in 49 voor Christus deze grensrivier in het noorden van het moderne Italië overstak om een dictatuur te stichten in Rome.

Ward is nauw verbonden met de Republikeinse geldschieters Robert Mercer en zijn dochter Rebekah. Rebekah Mercer investeerde in Parler, het rechtse alternatief voor Twitter waar veel deelnemers aan de bestorming van het Capitool foto’s en video’s plaatsten. Parler is sindsdien geblokkeerd – maar een groep alerte hackers heeft voordat de site offline werd gehaald bijna alle posts met documentatie van de bestorming opgeslagen.

Verheerlijking van geweld

De belangrijkste promotor van geweld was Trump zelf. Als president gaf hij zich regelmatig over aan verholen en onverholen verheerlijking van geweld. Dat verhevigde in de aanloop naar de verkiezingen van 2020, nu in combinatie met het aanhoudend in twijfel trekken van de betrouwbaarheid van de verkiezingen.

Lees ook: ‘This is not who we are’ – maar geweld tekent cultuur van de VS

Toen lockdownmaatregelen wegens corona in meerdere staten tot protesten leidden, moedigde Trump de gewapende demonstranten aan. „Bevrijd Michigan!”, schreef hij in april op Twitter. Nadat het Capitool van Michigan was bestormd, koos hij de kant van de bestormers, die hij „hele goede mensen” noemde, tégen de Democratische gouverneur Gretchen Whitmer, later doelwit van een verijdeld complot tot ontvoering.

Na de dood van George Floyd door politiegeweld keerde Trump zich naar aanleiding van de landelijke antiracismedemonstraties tegen demonstranten, die hij vereenzelvigde met vandalen en plunderaars. „Wanneer het plunderen begint, begint het schieten”, schreef hij op Twitter. De tweet werd door Twitter verborgen. Later sprak Trump sympathie uit voor Kyle Rittenhouse, een 17-jarige jongen die twee demonstranten doodschoot in Kenosha, Wisconsin.

En in zijn eerste televisiedebat met Biden riep Trump de extreemrechtse groep Proud Boys op „terug te treden en klaar te staan” (‘Stand back and stand by’), nadat hem werd gevraagd witnationalisten af te keuren. Proud Boys reageerde opgetogen op de uitroep van Trump op sociale media: „Standing by, sir.”

Trump schroomde ook niet geweld in te zetten. Op 1 juni werden vreedzame antiracismedemonstranten met harde hand verdreven van Lafayette Square, nabij het Witte Huis, ten behoeve van een fotomoment van de president bij een nabijgelegen kerk. Hij liet zich vergezellen door toenmalig minister van Defensie Mark Esper en de voorzitter van de Joint Chiefs of Staff, Mark Milley. Volgens Fiona Hill van de denktank Brookings Institution wilde Trump testen in hoeverre hij de strijdkrachten zou kunnen inzetten voor zijn eigen doeleinden.

De actie kreeg felle kritiek en Esper distantieerde zich achteraf van het voorval. Alsnog voelden tien voormalige ministers van Defensie, zowel Republikeinen als Democraten, zich geroepen kort voor 6 januari een opiniestuk te publiceren waarin ze benadrukten dat de Amerikaanse strijdkrachten geen rol hebben bij het beslechten van geschillen over de verkiezingen.

Voorbereidingen

Wetshandhavers toonden zich verrast door de uitbarsting van geweld op 6 januari. Robert Contee, korpschef van de politie van Washington, verklaarde dat „er geen inlichtingen waren die aangaven dat inbreuk zou worden gemaakt op het Capitool”. Toch hadden deelnemers vooraf op sociale media openlijk hun plannen uiteengezet, aangemoedigd door een tweet van Trump op 19 december: „Groot protest in D.C. op 6 januari. Wees erbij, het wordt wild!” Aanhangers interpreteerden dat als een oproep tot mobilisatie.

Lees ook Gevechtskleding jongste modetrend in VS

Op fora maakten gebruikers direct na deze tweet plannen om te gaan, wapens mee te brengen en het Capitool te bestormen. Op het forum TheDonald bespraken deelnemers volgens nieuwssite The Daily Beast de indeling van het gebouw, compleet met plattegronden. Sommigen waren uitgerust met kogelvrije vesten en zip-ties, kennelijk om te gebruiken als handboeien, om Congresleden gevangen te nemen.

Op Parler bespraken gebruikers wie als eerste „van kant” moest worden gemaakt, Nancy Pelosi, de Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, of vicepresident Mike Pence. Trump had getweet dat Pence „niet de moed had om te doen wat gedaan moest worden om ons land en onze grondwet te beschermen” omdat hij als voorzitter van de Congreszitting niet bereid was de verkiezingszege van Biden ongedaan te maken – wat hij overigens sowieso niet kon. Tijdens de bestorming riepen indringers, die buiten een galg hadden opgesteld, op om Pence op te hangen.

Zwakke beveiliging

Het schijnbare gemak waarmee de meute het Capitool kon binnendringen schokte velen. De Capitol Police, voorbereid op een demonstratie, was niet uitgerust met de middelen van oproerpolitie. Bovendien was besloten de Nationale Garde slechts beperkt in te zetten, om het beeld van een gemilitariseerd Capitool te vermijden – nadat grote militaire aanwezigheid bij demonstraties van Black Lives Matter vorige zomer kritiek had gewekt.

Lees ook: Waarom schoot de beveiliging van het Capitool zo tekort?

Interim-minister van Defensie Christopher Miller gaf op verzoek van Washington D.C. toestemming voor de inzet van de Nationale Garde, maar onder strikte voorwaarden. Militairen mochten zonder expliciete toestemming niet worden uitgerust met wapens en munitie en niet fysiek in contact komen met demonstranten, tenzij uit zelfverdediging. Het roept de vraag op of het Pentagon de bestorming met opzet eenvoudiger maakte. Volgens critici werd de Nationale Garde op voorhand „ontwapend”.

Pas aan het einde van de middag kreeg de Capitol Police versterking van de politie van Washington. Pogingen van de gouverneur van het naburige Maryland, Larry Hogan, om de Nationale Garde van zijn staat te sturen, werden afgewezen door het Pentagon. Ook Trump verzette zich tegen de inzet van reservisten. Uiteindelijk gaf Pence toestemming. Laat op de dag arriveerden ongeveer 1.750 militairen van de Nationale Garde van Washington en Virginia en kwam de situatie onder controle.

Onderzoek

Veel indringers meenden dat ze op bevel van Trump hadden gehandeld, en wachtten eenmaal in het Capitool verdere instructies af. Toen Trump de relschoppers in plaats daarvan in een videoboodschap opriep naar huis te gaan, voelden sommigen zich bedrogen. „Ga naar huis, we houden van jullie, jullie zijn heel speciaal”, zei Trump, op aandringen van medewerkers van het Witte Huis. „Hij roept mensen op om D.C. te belagen en instrueert hen dan om naar huis te gaan”, schreef een gebruiker van het forum TheDonald boos.

Trump zou de oproep met tegenzin hebben gedaan. Volgens de Republikeinse senator Ben Sasse was hij juist „verheugd” bij het zien van de beelden van de bestorming op televisie. „Trump liep door het Witte Huis, in verwarring waarom andere mensen van zijn team niet even opgewonden waren”, zei hij tegen radiopresentator Hugh Hewitt.

Jacob Chansley, de als viking uitgedoste indringer die ook bekend staat als de ‘QAnon Shaman’, voelt zich volgens zijn advocaat bedrogen door Trump. Chansley, die zich moet verdedigen tegen meerdere aanklachten naar aanleiding van de bestorming, is teleurgesteld dat de ex-president hem geen gratie heeft verleend. Volgens rechtbankdocumenten heeft hij tegen onderzoekers gezegd dat hij naar het Capitool kwam „op verzoek van de president dat alle patriotten naar D.C. zouden komen op 6 januari.” Nu is hij volgens zijn advocaat bereid te getuigen bij het impeachmentproces.

Uit een inventarisatie van de arrestanten door The New York Times komt een beeld naar voren van gemengde motieven: een harde kern van opstandelingen, sommigen van hen gewapend, die de verkiezingsuitslag werkelijk dachten te kunnen veranderen. Onder hen deelnemers met militaire training en aanhangers van milities. En een groep medestanders die zich, eenmaal in het Capitool, gedroegen als toeristen, zonder sterke band met een bepaalde ideologische groep. Eén ding hadden ze gemeen: de rotsvaste overtuiging dat Trump de verkiezingen had gewonnen.

Trump stelde aan het begin van de avond zijn toon alweer bij naar bewondering voor het geweld. „Dit zijn de dingen die kunnen gebeuren als een heilige, ruime verkiezingszege zonder pardon en zo kwaadaardig wordt afgenomen van geweldige patriotten die al zo lang zo slecht en oneerlijk worden behandeld”, schreef hij. „Ga naar huis met liefde en in vrede. Denk voor altijd terug aan deze dag!”