Opinie

De beurs als een potje World of Warcraft

Maarten Schinkel

Een zwaard met level 25! Oh, als dat eens zou kunnen... Dus verder met die zoektocht, met raadsels en gevechten tot het magische wapen eindelijk kan worden aangeschaft. Maar omdat iedereen die je tegenkomt óók aan kracht wint, is er maar één oplossing. Een zwaard met level 28! Oh, als dat eens...

Er zijn zat games waarin de speler door een wereld zwerft, van opdracht naar raadsel naar gevecht, om de grote plot op te lossen. De recente oogst: Assassins’ Creed Valhalla, Ghost of Tsushima, het tijdelijk mislukte Cyberpunk 2077 en de aanstaande hit Horizon Forbidden West.

In sommige andere spellen, de Massively Multiplayer Online Role Playing Games (MMORPG), kun je ook tijdelijk samenwerken in groepen, met onderlinge communicatie via messageboard of microfoon. Met zijn allen de dungeon in, om samen de machtige eindbaas te verslaan.

Er zijn meer verre voorlopers van dit soort games, maar de bekendste is World of Warcraft. Op het hoogtepunt, in 2010, deden wereldwijd liefst 12 miljoen spelers aan mee.

De vergelijking met de strijd rond het aandeel GameStop dringt zich op. Mannen (meestal), die tien uur of meer per dag achter hun beeldscherm zitten, zwervend door de financiële wereld, slag leverend, informatie ontcijferend. Met af en toe pech maar, hopen ze, vaker geluk. Met een Reddit-groep als messageboard. En met hedgefonds Melvin Capital als de eindbaas die ze samen op de knieën kregen.

Het grote verschil is dat de virtuele wereld waar dít spel in speelde, deel uitmaakt van de werkelijke wereld. Het financiële verlies van 4,5 miljard euro van de eindbaas was echt. De winst van de spelers eveneens – en soms ook hun latere verliezen. Bij World of Warcraft zorgde uitgever Blizzard voor het platform: een enorm park van servers waarin de wereld werd gecreëerd waarin de spelers hun gang konden gaan. Handelsplatform Robinhood, waarin zonder transactiekosten kan worden gehandeld, krijgt nu die rol.

Als het spel echt is, dan is zwaard level 28 dat ook. En dat baart de autoriteiten zorgen. Professionele partijen op de beurzen hebben toegang tot makkelijk krediet, kunnen complexe financiële constructies verzinnen, of ‘short gaan’. Ze handelen met verwaarloosbare transactiekosten. En ze tappen uit de bijna oneindige liquiditeit waarvan de centrale banken het systeem nu al bijna tien jaar voorzien.

Maar wat als, na alles wat de afgelopen decennia door de internetrevolutie overhoop is gehaald, ook het hart van het financiële systeem wordt gedemocratiseerd en toegankelijk gemaakt voor iedereen?

Dat kan, als je niet uitkijkt, een ontwrichting opleveren. Handelde de GameStop-flashmob volgens de regels? Tegenvraag: hielden AirBnB, Uber en al die andere ontwrichters zich aan de regels? Move fast and break things, was het motto. En dat het ‘beter is vergeving te vragen dan toestemming’. Maar misschien wel het belangrijkste is dat de GameStop-zaak het financiële systeem nu zelf een spiegel voorhoudt.

Dat systeem dient van oudsher een lovenswaardig maatschappelijk doel. Het zorgt ervoor dat kapitaal en liquiditeit tegen de juiste prijs op de plekken in de reële economie terechtkomen waar ze nodig zijn. Maar erbovenop is sinds eind jaren tachtig al lang een steeds complexere game gebouwd, waarvan het nut vaak te betwijfelen valt en die, nog in 2008, zélf extreem ontwrichtend bleek.

Veel ouders klagen over hun pubers die Fortnite spelend hun jeugd verdoen. Maar denk eens aan de financiële sector. En vraag je eens af hoeveel tijd, talent en intelligentie dáár al die jaren zijn vergooid achter de beeldschermen.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.