‘Illusie te denken dat gemeente een goede huisbaas zou zijn’

Talk of the Town | Amsterdam De gemeente Amsterdam overweegt zelf sociale huurwoningen te gaan kopen. De eerste reacties op het plan zijn tamelijk lauw.

Wethouder Laurens Ivens wil sociale huurwoningen opkopen om te voorkomen dat ze in de dure vrije huursector belanden.
Wethouder Laurens Ivens wil sociale huurwoningen opkopen om te voorkomen dat ze in de dure vrije huursector belanden. Foto Jerry Lampen/ANP

Uitzonderlijke tijden vragen om uitzonderlijke maatregelen, zal de Amsterdamse wethouder Laurens Ivens (Wonen, SP) hebben gedacht. Deze week lanceerde hij een opmerkelijk plan: het gemeentebestuur overweegt om zelf sociale huurwoningen op te kopen om te voorkomen dat ze in de duurdere vrije huursector belanden.

Op die manier wil het college het nijpende tekort aan betaalbare woningen in de stad het hoofd bieden. In het afgelopen decennium nam het bezit van Amsterdamse woningcorporaties af van 195.000 tot 179.000, ruim veertig procent van de woningvoorraad. De oorzaak: corporaties verkochten oude huurwoningen en slaagden er tegelijkertijd niet in genoeg te bouwen om te voldoen aan de groeiende vraag aan sociale huurwoningen (maximaal 752 euro huur per maand).

Ivens’ voorstel is omkleed met de nodige mitsen en maren. Hij hoopt in de eerste plaats dat een nieuw kabinet straks de verhuurdersheffing afschaft, een landelijke belasting die de Amsterdamse corporaties jaarlijks ruim 200 miljoen euro kost en hun ruimte om te investeren drastisch beperkt. Pas als duidelijk zou zijn dat dit niet gebeurt, wil Ivens zijn plan verder laten onderzoeken.

Tot begin jaren negentig was het Gemeentelijk Woningbedrijf met tienduizenden woningen de grootste sociale verhuurder van de stad

De gemeente als huisbaas – het zou een opmerkelijke ommekeer zijn in het Amsterdamse woonbeleid. Begin jaren negentig werd het Gemeentelijk Woningbedrijf, met tienduizenden woningen de grootste sociale verhuurder van de stad, geprivatiseerd. Na fusies met woningcorporaties in de regio ontstond woningcorporatie Ymere. Sindsdien heeft de gemeente, op wat gemeentelijk vastgoed na, geen grootschalig woningbezit meer. Herleven straks de tijden van wethouders als Wibaut en Schaefer?

‘Niet voor niets corporaties’

De Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) is niet bepaald enthousiast over het voorstel van het stadsbestuur. „Het opkopen van corporatiewoningen klinkt sympathiek, maar ligt niet erg voor de hand”, zo laat de koepel weten in een reactie. „We hebben niet voor niets corporaties uitgevonden in dit land.” Het AFCW vindt het „een betere optie dat de gemeente zich er voor sterk maakt dat corporaties sneller en eenvoudiger nieuwe woningen kunnen bouwen. Bijvoorbeeld door allerlei extra eisen en regels te schrappen”.

Huurwoningen in Amsterdam. Foto Juan Vrijdag/ANP

Amsterdamse corporaties verkopen jaarlijks nog altijd een deel van hun bezit, omdat ze anders niet genoeg geld overhouden voor het bouwen en verduurzamen van huizen. In de afgelopen twee decennia deden ze soms meer dan tweeduizend woningen per jaar van de hand. Sinds 2017 is het aantal gezakt onder de duizend – conform de afspraken met de gemeente. Veel geholpen heeft dat niet: in Amsterdam moet je gemiddeld vijftien jaar wachten om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning.

Emeritus hoogleraar woningmarkt Johan Conijn noemt het plan van het college „een wonderlijke gedachte”. „Als Ivens vindt dat de corporaties te veel woningen verkopen, moet hij andere prestatieafspraken met ze maken.” Volgens Conijn is de angst dat investeerders ervandoor gaan met het verkochte socialewoningbezit ongegrond: „De corporaties verkopen in het algemeen aan starters op de woningmarkt.” Om speculatie of hoge huurprijzen te voorkomen, verplichten alle Amsterdamse corporaties hun kopers om de eerste twee jaar zelf in de woning te wonen, aldus de AFWC.

Het gemeentebestuur is bereid om flink wat geld te steken in het aanschaffen van woningen, schrijft Ivens aan de gemeenteraad. Tegenover Het Parool heeft hij het over het aankopen van „enkele honderden” woningen per jaar. Met een gemiddelde aankoopprijs van 340.000 euro voor een Amsterdamse woning zou het al gauw gaan om honderden miljoenen op de gemeentelijke balans.

Kopen op de top van de markt

Woningmarktexpert Conijn zou het onverstandig vinden als Amsterdam „woningen zou gaan kopen op de top van de markt, en verlies zou lijden op de exploitatie”. Eigen bezit van woningen, zo meent hij, zou de gemeente in „een oneigenlijke rol” dwingen.

Volgens hem heeft Amsterdam het Gemeentelijk Woningbedrijf dertig jaar geleden mede geprivatiseerd „omdat bleek dat de gemeente geen goede huisbaas was. Er werd te weinig aan onderhoud gedaan. Het is een illusie om te denken dat de gemeente een betere huisbaas is dan de corporaties.” Overigens suggereert Ivens in zijn brief dat hij het beheer van de gemeentelijke woningen aan de corporaties zelf zou willen overlaten en geen nieuw woningbedrijf wil oprichten.

Het lijkt er voorlopig niet op dat de tijden van Wibaut en Schaefer zullen herleven.

Lees ook: Sociaal huren, met een pied-à-terre in de grachtengordel

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.