Shortselling bestaat al vier eeuwen, waarom is het nu controversieel?

WallStreetBets Speculeren op een koersdaling is eeuwenoud en altijd al omstreden geweest. Maar het heeft ook een belangrijke functie, vinden voorstanders.

Een investeerder op de New York Stock Exchange. 'Shortsellers’ liggen onder vuur van activistische Reddit-gebruikers.
Een investeerder op de New York Stock Exchange. 'Shortsellers’ liggen onder vuur van activistische Reddit-gebruikers. Foto Nicole Pereira/AP

Beleggers en revolutionairen zijn geen natuurlijke combinatie. Simpel gesteld probeert de eerste groep geld te verdienen binnen het systeem waar de tweede groep tegenaan schopt. Sinds afgelopen week lijken revolutionaire beleggers toch te bestaan, met dank aan sociale media. Doelwit: shortsellers.

Geïnspireerd door berichten op Reddit-forum r/wallstreetbets kochten miljoenen particuliere beleggers aandelen in GameStop, een kwakkelende Amerikaanse keten in videogamewinkels. Zo dreven ze de beurskoers razendsnel op. Gevolg: hedgefondsen die hadden gespeculeerd op een koersdaling, ‘shortsellers’ genoemd, verloren miljarden.

Op internet vierden particuliere beleggers de nederlaag van de hedgefondsen. Het ging het over „een aanval op Wall Street” en de vergelijking met protestbeweging Occupy Wall Street was snel gemaakt. Volgens de Volkskrant zijn de ongekende acties gericht tegen „de perversiteit van het beurssysteem, waarin geldhongerige fondsen rijk worden door te speculeren op koersdalingen”.

Maar wat is er verkeerd of ‘pervers’ aan shortsellers? Zeven vragen over een beleggingsstrategie die al eeuwenlang omstreden is.

1 Wat is shortselling precies?

Shortsellers speculeren op waardedalingen van aandelen, obligaties of grondstoffen. Dat doen ze omdat ze vinden dat deze overgewaardeerd zijn. Ook gaan beleggers short om risico’s te ondervangen (hedgen) die ze lopen op andere beleggingen die juist renderen bij koersstijgingen.

Speculeren op een koersdaling is toegestaan en kan op meerdere manieren. In de meest gebruikelijke en eenvoudige vorm lenen beleggers effecten, aandelen bijvoorbeeld, en verkopen die direct weer door. Even later kopen ze de stukken tegen een lagere prijs weer terug. Althans: dat is het plan. Gebeurt het omgekeerde – de koers stijgt – dan incasseert de ‘shortseller’ een verlies.

Shortselling uitgelegd in een graphic

Als het aandeel gaat stijgen, hebben shortsellers een groot probleem

2 Shortposities in GameStop waren aanzienlijk groter dan het totale aantal uitstaande aandelen. Hoe kan dat?

Stel, een hedgefonds wil speculeren op een koersdaling van AkzoNobel. Het leent daartoe aandelen AkzoNobel die in bezit zijn van pensioenfonds A en verkoopt die direct weer door aan pensioenfonds B. Pensioenfonds B kan op zijn beurt de aandelen die het heeft gekocht óók weer uitlenen aan een hedgefonds dat short wil gaan op AkzoNobel. Op die manier worden dezelfde aandelen gebruikt voor meerdere shortposities.

3 Is shortselling risicovol?

Ja. Een stijgende koers betekent dat de shortseller de stukken die hij eerder heeft geleend en verkocht, tegen een hogere prijs moet terugkopen. Omdat prijzen van effecten zoals aandelen geen limiet hebben, zijn de potentiële verliezen op een shortpositie ongelimiteerd. Bovendien bestaat het risico op short squeeze, iets wat lijkt te zijn voorgevallen in het aandeel GameStop. Een short squeeze kan optreden wanneer hedgefondsen een shortpositie sluiten om verliezen te beperken. Ze moeten daarvoor in korte tijd veel aandelen kopen, wat de koers verder opdrijft. Daardoor kunnen andere shortsellers zich genoodzaakt zien ook hun posities af te bouwen, met weer een verdere stijging van de koers als gevolg.

4 Is shortselling een recente uitvinding?

Shortselling bestaat al ongeveer vier eeuwen. De eerste shortseller was Isaac le Maire, een rijke koopman uit Amsterdam en een van de oprichters van de VOC. Le Maire werd vanwege een ruzie uit de VOC gegooid, vertelt historicus Lodewijk Petram, die een boek schreef over de historie van de aandelenhandel. Om de VOC dwars te zitten – en zelf te profiteren – verkocht Le Maire vervolgens zogeheten termijncontracten, die hem verplichtten op een later tijdstip aandelen VOC te leveren tegen een vooraf vastgestelde prijs. Daalde in de tussentijd de koers, dan maakte Le Maire winst. Hij ging dus short op de VOC. De gehoopte koersdaling probeerde Le Maire een handje te helpen door geruchten te verspreiden, bijvoorbeeld over nederlagen in de strijd met de Portugezen.

Lees ook: De Reddit-gebruikers jagen nu op zilver, maar weten ze wel wat ze doen?

5 Waarom is shortselling controversieel?

Shortselling is gevoelig voor manipulatie, zoals het voorbeeld van Le Maire laat zien. Beleggers die speculeren op een koersdaling hebben er immers baat bij negatieve informatie te verspreiden, ook als die vals is. Ook is speculeren op een koersdaling onethisch volgens sommigen, omdat beleggers zouden profiteren van de ellende van anderen. Denk aan George Soros, die miljarden verdiende op de crash van het Britse pond. Of hedgefondsbelegger John Paulson, die steenrijk werd door short te gaan op Amerikaanse hypotheekobligaties. Daarnaast zou shortselling beursgenoteerde bedrijven die in moeilijkheden verkeren verder de afgrond in drukken. Door te speculeren op een koersdaling – en dus geleende aandelen te verkopen – verhogen ze de druk op de beurskoers die toch al omlaag ging, is dan de redenering.

6 Is de kritiek terecht?

Jurist en econometrist Arnoud Pijls, verbonden aan de Erasmus Universiteit, is niet overtuigd. Volgens hem draagt shortselling juist bij aan de efficiëntie van de markt. Het is de enige manier voor beleggers om snel en effectief tot uiting te brengen dat ze iets overgewaardeerd vinden. Pijls: „Zonder shortselling worden negatieve opinies minder snel verwerkt in de prijs.” Wirecard maakt duidelijk waarom dat problematisch is. De Duitse toezichthouder verbood shortselling in de aandelen van het fintechbedrijf omdat hedgefondsen zouden samenspannen met journalisten om de koers te drukken met leugens over miljardenfraude. Het bleken alleen geen leugens. Inmiddels is Wirecard failliet. Ook het argument dat shortsellers een koersval verhevigen, wuift hij weg. „Tenzij een bankrun op de loer ligt, zoals in 2008, is het juist goed dat markten snel reageren. En andersom hoor je nooit een pleidooi om in te grijpen als koersen snel stijgen, terwijl beleggers door een zeepbel ook veel geld verliezen.”

7 Wat vinden Nederlandse pensioenfondsen van shortselling?

Dat verschilt. APG bijvoorbeeld staat de hedgefondsen waarin het belegt toe om short te gaan. De pensioenuitvoerder, met 4,7 miljoen deelnemers de grootste van Nederland, beheert 573 miljard euro, waarvan zo’n 22 miljard in hedgefondsen zit. Het pensioengeld dat APG zelf beheert, mag het niet in shortposities steken.

Bij PGGM, de uitvoerder van met name het Pensioenfonds Zorg en Welzijn, ligt het anders. Daar doen ze helemaal niet aan shortsellling. PGGM, dat 4,3 miljoen deelnemers heeft, doet daarnaast sinds 2015 geen zaken meer met hedgefondsen.

Lees ook: Wall Street schrikt van muitende kleine beleggers