Reportage

Na drie podiumplaatsen is Lucinda Brand ’s werelds beste veldrijdster

WK veldrijden Lucinda Brand won in Oostende de wereldtitel veldrijden. Het was een Nederlands onderonsje aan de Belgische kust: Annemarie Worst won zilver, Denise Betsema brons.

Lucinda Brand viert haar eerste wereldtitel veldrijden.
Lucinda Brand viert haar eerste wereldtitel veldrijden. Foto Bas Czerwinski/ANP

Als Lucinda Brand (31) uit Rotterdam zaterdagmiddag even na vier uur op een verlaten paardenrenbaan in Oostende door de slagregens heen een finishboog in het zicht krijgt en weet dat haar naaste belager haar niet nog eens passeren zal, valt er een last van haar schouders af. Je kunt het aan haar lichaamstaal zien: ze houdt haar benen stil, steekt haar rechterarm een paar keer de lucht in en laat dan een bevrijdende ontspanning over zich vallen, die volgt na jaren waarin het steeds net niet lukte.

Eindelijk bleef ze van pech gevrijwaard. Zijn foutjes niet bepalend gebleken. En kroont ze zich na drie podiumplaatsen tot wereldkampioen veldrijden. Voor ze bij de gelaten blijdschap komt die hoort bij een sporter die iets groots heeft gepresteerd maar daarvan de impact nog niet kan doorgronden, voelt ze opluchting. Omdat ze weet dat kansen spaarzaam komen. En dat je ze moet verzilveren als het zover is.

Dat leerde ze twee jaar geleden bij het WK in Bogense, Denemarken. Ontroostbaar was ze toen ze bij een fietswissel misgreep, in de modder voorover dook en de regenboogtrui aan de Belgische Sanne Cant moest laten, terwijl zij misschien wel de sterkste was. Extra pijnlijk was het dat haar vader de fiets niet goed aanreikte. Het was misschien wel haar enige kans geweest, zeker op haar leeftijd, en met de jonge generatie toprensters die zich reeds gemeld hadden.

Daarvan raakte ze een jaar geleden doordrongen op de militaire luchthaven van Dübendorf in Zwitserland, toen ze werd afgetroefd door de toen 24-jarige Annemarie Worst en pas 21-jarige Ceylin del Carmen Alvarado. Misschien had Brand haar beste jaren al achter zich liggen, of was ze te laat met de discipline begonnen. Want ze rijdt pas sinds 2016 in het veld. Tot die tijd had ze zich op het wegwielrennen gefocust, en met succes. Ze werd in 2013 Nederlands kampioene, pakte ritten in de Giro en won in 2017 Omloop het Nieuwsblad.

Over de rooie

Van Lucinda Brand werd altijd gezegd dat ze technisch niet vaardig genoeg was om in de klei en het mulle zand ook met ’s werelds besten mee te doen. En het klopte: ze gleed vaak onderuit, om dan op haar inhoud en doorzettingsvermogen weer aan te sluiten, en in het slotstuk over de rooie te gaan. Brand bleef de wegrenster die ook graag wilde crossen. Ze is liefhebber. Geniet op de crossfiets. Maar ze kon nog veel bijleren. Was op zoek naar de tips en trucs die volbloed crossers zich als kind al eigen maken.Eind 2019 maakte ze een opvallende overstap die van haar een wereldtopper in het veld zou maken. Ze verruilde Team Sunweb, waar men het veldrijden als een bonus beschouwde en als een goede manier om de wintermaanden fit door te komen, voor Trek-Segafredo en tekende tegelijkertijd voor de wintermaanden bij Telenet-Baloise, de veldritploeg waar tweevoudig wereldkampioen cross Sven Nys de manager is. En niet zonder resultaat: ze groeide dit seizoen met elf zeges uit tot de veelwinnaar van de cross. Dat maakte haar tot een van de topfavorieten voor de wereldtitel. Als ze zich op het strand van Oostende maar door het mulle zand zou weten te wroeten. Niet per se de ondergrond waar ze ongenaakbaar is gebleken.

Daarom reed ze de voorbije maand talloze keren van Rotterdam naar de Kempen om zich met haar ploeg specifiek voor te bereiden op fietsen in het zand, iets wat haar concurrente Denise Betsema bijvoorbeeld van nature goed ligt, als inwoner van Den Burg, op Texel. Op filmpjes van de ploeg zie je Brand met de mannen mee door het zand slingeren. Ze zoekt naar „een specifiek gevoel op de fiets” dat zich moeilijk laat uitleggen. Het heeft niet alleen met techniek te maken, maar ook met durf, met ontspanning houden als er op hoge snelheid een zandbak zonder einde opdoemt. En welk verzet daarbij dan ideaal is.

Tekst loopt door onder de foto

Aan de Belgische kust kreeg Lucinda Brand (rechts) de meeste tegenstand van landgenote Annemarie Worst.

Foto Bas Czerwinski/ANP

De generale repetitie voor het WK loopt hopeloos in de soep. In de baggercross van Hamme, een week geleden, komt Brand een aantal keer ten val. Ze wordt vierde, de enige van 24 crossen die ze dit seizoen niet op het podium eindigt. Maar deze zaterdag staat iedereen weer op nul. Behaalde successen tellen niet meer mee, verhogen de druk alleen maar om het op de belangrijkste dag nog eens waar te maken.

Gevarieerd parcours

Het is Denise Betsema, drie overwinningen dit jaar, die er na het startschot als eerste vandoor gaat. Ceylin del Carmen Alvarado, de wereldkampioen van vorig jaar, is dan al gevallen en kan een tweede titel vergeten. Brand volgt, geduldig. Ze weet dat er een foutje op dit parcours zo gemaakt is. En dat de situatie in de wedstrijd dan weer totaal anders kan zijn.

Na twee ronden wedstrijd wordt duidelijk dat dit WK een Nederlands onderonsje wordt, zoals het hele seizoen al. Betsema heeft zich in haar snelle start verslikt en heeft gezelschap gekregen van Brand en Annemarie Worst, de nummer twee van vorig jaar. De drie zijn aan elkaar gewaagd, hebben op het gevarieerde parcours in Oostende elk hun favoriete gedeelte. Worst is goed tegen de acht meter hoge brug op, die het strand met de genoemde paardenrenbaan verbindt, Betsema voelt zich thuis in het zand maar valt steeds wat terug op de meterlange stukken die ze rennend moet afleggen, en Brand heeft zich ontwikkeld tot allrounder: ze kan overal uit de voeten. Heel even moet ze een gaatje laten vallen bij een fietswissel in de voorllaatste ronde, maar binnen een paar honderd meter is ze weer terug. Ze probeert woede op te roepen, zou ze later zeggen. Ze zou het niet nog eens uit handen gaan geven.

De drie Nederlandse vrouwen trakteren het televisiekijkende publiek op een meeslepende strijd die duurt tot de slotronde. Betsema is dan al afgehaakt. Pas als Worst voor de derde keer dit WK wegglijdt omdat ze koos voor banden die op het strand voor extra grip zorgen maar niet in het slijk van de renbaan, kan Brand opgelucht ademhalen. Ze hoeft er niet voor te sprinten, kan rechtop gaan zitten en het besef laten indalen dat ze de nieuwe wereldkampioen is. Ze moet er nog aan wennen, zegt ze een halfuur later, haar tranen gedroogd. Dat komt ook omdat er niemand voor haar juichte toen het Wilhelmus klonk. „Maar toch voelt deze trui heel goed. Eindelijk.”