Opinie

Wiens algemeen belang?

Opinie 010 De crisis dwingt tot nadenken over het algemeen belang. Dat is toe aan herijking. We moeten het herstel na de crisis inzetten voor het nieuwe algemeen belang.

Het afgelopen, bizarre jaar eindigde met een Kerst in lockdown. De druk op de zorg en de zorgen om kwetsbaren leidden tot een ongekende ingreep in de economie en samenleving. Ter wille van het algemeen belang deed de regering een beroep op ons allen. En nog steeds.

Moeilijke keuzes en afwegingen worden gemaakt tussen economie, welzijn, zorg, solidariteit en vrijheid. De politieke keuze nu in het algemeen belang kwetsbaren te beschermen heeft een hoge prijs. Onderwijsachterstanden, economische schade, werkeloosheid, sociale uitputting, depressies en andere negatieve sociale effecten die nu nog niet zichtbaar zijn, maar waar we in de nabije toekomst de rekening van zullen krijgen.

Het laat zien hoe politiek en controversieel het definiëren van het algemeen belang is: waar eerst de keuze voor gezondheid boven economie duidelijk en onomstreden was, is het nu steeds onduidelijker wie welke belangen om welke redenen dient. Deze spanning is in het klein symbolisch voor de maatschappelijke spanning rond de gedachte dat economische groei in ons algemeen belang is. Een gedachte die de afgelopen decennia dominant was en richting gaf aan maatschappelijke ontwikkeling. En die ook in deze crisis leidt tot keuzes die economie boven gezondheid en sociale doelen stelt.

Het algemeen belang is datgene dat voor het welzijn van het volk in het algemeen nuttig, gewenst of nodig is. Het is daarmee een zeer diffuse en vage term, en kan door bijvoorbeeld politici eenvoudig worden aangegrepen om allerlei maatregelen te legitimeren als zijnde ‘in het algemeen belang’. Dat gaat lang goed zolang er een maatschappelijke consensus is over wat in het algemeen goed is voor het welzijn van het volk. Maar die consensus verschuift van tijd tot tijd. Toen de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen in 1784 werd opgericht, was de ambitie via onderwijs en volksverheffing door welgestelden het algemeen belang te dienen. Na de Tweede Wereldoorlog was het wederopbouw en welvaart. En vanaf de jaren 70 en 80 was het economische groei.

Het algemeen belang bestaat dus niet in objectieve zin – het wordt gedefinieerd. De huidige tijd heeft alle kenmerken van een periode waarin de definitie verschuift. Allereerst is dat de bredere verschuiving naar andere waarden en behoeften die economische groei ter discussie stellen. Denk aan brede welvaart, gezondheid, duurzaamheid. Hier komt bij dat veel wetenschap onderzoek aantoont dat economische groei op zichzelf niet voor iedereen tot verbetering leidt, dat in corona de structurele armoede toeneemt en de rijken vooral rijker worden. Ten tweede lopen economische stelsel en structuren vast: meer groei van Schiphol, autoverkeer, consumptie, koeien en aandeelhouders – winst wordt steeds lastiger en kan steeds minder makkelijk met minder negatieve impact. Ten slotte ontstaan er overal alternatieven. Nieuwe technologie, nieuwe praktijken, nieuwe manieren van denken, werken en organiseren.

Vanuit dit perspectief is corona versneller en versterker van transities op alle terreinen van de economie: van energie, voeding, mobiliteit en wonen tot consumptie en zorg. Vanuit het algemeen belang zijn hierop overheden, bedrijven, investeringen en consumenten gedurende decennia gericht geraakt op fossiele en lineair economische groei. Het schiep werkgelegenheid, winst en luxe. Maar ook vervuiling en ongelijkheid.

Corona legt die onduurzaamheid extra bloot en vergroot de spanningen tussen degenen die van die economische groei afhankelijk zijn en degenen die opschuiven naar een nieuw algemeen belang. Die stellen dat het nieuwe algemeen belang een samenleving en economie is die goed is voor natuur en mens.

In plaats van door te gaan op de bestaande weg en vanuit het bestaande algemeen belang de crisis te lijf te gaan, is het tijd die nieuwe definitie van het algemeen belang samen vorm te geven. Dat vraagt veel meer van de maatschappelijk leiders en organisaties dan het managen van de crisis en het ondersteunen van de economie. Het vraagt maatschappelijke discussie over leidende waarden en het nieuwe algemeen belang, voorbij beleidsdoelen of korte termijnproblemen. Het vraagt dat we anders leren meten en waarderen, jongeren anders opleiden, flexibeler kunnen omgaan met verlies en verandering, dat we investeren in positieve impact en dat we coöperatie boven competitie stellen.

Mondiaal klinkt de oproep van wetenschap en samenleving het herstel na de crisis in te zetten voor het nieuwe algemeen belang. Het perspectief na de crisis er een toekomst die niet afschrikt maar aantrekt. We weten dat delen van onze economie niet toekomstbestendig zijn, de alternatieven dienen zich aan. Tijd om vanuit het nieuwe algemeen belang staat en markt in te zetten voor het collectief en voor gemeenschappelijke waarden. En de inzet op vergroening, gezondheid, duurzame investeringen, sociaal ondernemerschap, maatschappelijke coöperatie, duurzame leefstijlen en gezonde mobiliteit te versnellen.

is directeur DRIFT en hoogleraar sociaal-economische transities.
Dit is een korte versie van zijn lezing voor de Maatschappij tot Nut van ‘t algemeen. U kunt de lezing maandag 1 februari online bijwonen.