Wat moet mee, en wat mag weg tijdens de verhuizing?

Lezersreacties De wanhoopskreet van , over dat hij dingen moet wegdoen vanwege een verhuizing, leverde veel reacties op. Het blijkt een lastig proces, dat ontspullen, zeggen lezers.

Foto Getty Images

Onderaan de trap van mijn werkkamer staan nog vier grote dozen. Alle tot aan de rand toe gevuld met snapshots die mijn ouders thuis en op vakantie van elkaar maakten. Bij gebrek aan belangstelling van mijn broer en zus sleepte ik ze twee jaar geleden mijn woning maar in, maar tsja, wat moet je met tienduizend kiekjes van je vader en moeder op het strand of in knickerbocker op een berg in Tirol?

Steeds wanneer ik die trap naar de woonkamer af loop, zie ik die verhuisboxen. De ene keer denk ik zeker te weten dat ik die albums en mapjes allemaal – vandaag nog! – in de vuilcontainer kieper. Op zwakkere momenten dringt zich het besef op dat ik daarmee wel heel respectloos met ‘fotografisch erfgoed’ en iemands nagedachtenis omga. Een dingetje waarover ik te zijner tijd in het hiernamaals, zeker van mijn moeder, nog wel wat te horen zal krijgen. Enfin, die dozen staan er dus nog steeds.

Het is maar een deel van de „zooi” (mijn vrouws woorden) waar ik hoe dan ook afscheid van behoor te nemen wanneer zich over een paar jaar het moment aandient dat we veel kleiner gaan wonen. Ik heb met het plan daartoe van mijn echtgenote ingestemd, en ze wijst me er nu alvast op dat ik – „Ja, jammer voor je” – maar heel weinig kunst, antieke voorwerpen en boeken naar ons nieuwe onderkomen zal kunnen meenemen. Mijn wanhoop in een artikel erover maakte tientallen reacties bij lezers los.

Sophie Arend heeft zich al tijdens het leven van haar 96-jarige vader moeten ontfermen over diens boedel, zo schreef ze. Pa ging kleiner wonen, waardoor er voor 200 vierkante meter aan huisraad geen plek meer was. Meneer Arend bewaarde alles. Al zijn correspondentie vanaf 1945 tot en met de vele typemachines en later de computers waarop hij dat schrijfwerk had verricht. Zijn dochter wil nu koste wat kost vermijden dat een ander of zijzelf ooit nog eens met zo’n „ongesorteerde bende” wordt geconfronteerd.

Er zijn ook ouderen die het voor de achterblijvers zo ver niet willen laten komen. Zo bespaart Jan Willem Broekema zijn nakomelingen gedoe door zijn verzameling foto’s nu al te digitaliseren en de originelen gewoon weg te gooien. Verscheurde Jeanine van der Sanden alvast veel van de „Griekse zonsop- en ondergangen” die ze met haar camera vastlegde. En besloot Astrid Kok te ontspullen: hele rijen boeken die ze toch nooit meer las, gingen weg. Ook de postzegelverzameling van haar vader, en „het dure verlovingscadeau dat ik nooit mooi heb gevonden, maar bewaarde uit piëteit”.

Mariel Cordang maakt foto’s van alles wat haar dierbaar is. Ze tekent er haar persoonlijke verhaal bij op en bundelt alles voor haar zoon in haar boek Verborgen Schatten. Het komt ook van pas, verwacht ze, als ze straks onverhoopt dement is en in het verzorgingstehuis belandt. Ondertussen verkoopt ze minder belangrijke bezittingen op Marktplaats of brengt ze die naar de kringloop.

Er reageerden ook lezers die helemaal niet ontspullen, doordat ze op latere leeftijd juist groter zijn gaan wonen. Ingrid Tieken gebruikte de extra ruimte om er voor haar kinderen een eigen herinneringsmuseum mee in te richten. Al hun vroegere speelgoed en ook de T-shirts met de namen van de bands waarin ze speelden, liggen er. Ton Broerse uit Venray heeft in zijn nieuwe seniorenwoning het geluk dat hij zich daar weer met zijn plakboeken en meccanodozen kan omringen. Zijn modelspoorbaan is nu zelfs tweemaal zo groot.

De Rotterdamse dichteres Jana Beranová (88) legde onlangs bij de notaris vast dat haar woning na haar overlijden als onderkomen voor gevluchte buitenlandse schrijvers wordt bestemd. Alle verzamelingen (boeken, gedichten, gereedschappen en meer) die ze erin heeft ondergebracht, ressorteren tevens onder die afspraak. De hele inboedel moet intact blijven. Dat is één uiterste. Het verhaal van de anonieme echtgenoot die korte metten maakte met de bewaarwoede van zijn vrouw door in haar afwezigheid de vuilniswagen te laten voorrijden, een ander. In de meer alledaagse gevallen is afscheid nemen van je spullen nogal een proces, zo wordt uit menig lezersreactie wel duidelijk.

Dieneke Colenbrander:
Zou u het doen?

Laat mij nou net vannacht weer eens hebben liggen bedenken wat ik allemaal weg kon doen als ik kleiner ging wonen. Het is toch te zot dat je blijft zitten waar je zit, alleen omdat je denkt vast te zitten aan alle – strikt genomen – overbodige spullen? Maar tussen droom en daad staan niet alleen wetten maar vooral weemoedigheid in de weg die niemand kan verklaren. Met enige regelmaat loop ik langs mijn boekenkast, en soms vis ik er weleens een paar uit die ik daarna echt niet mis. Vannacht dacht ik: als ik nu eens alle Hermansen, Wolkersen en Mulischen wegdoe? (Reve is echt een stap te ver). Dat zou al heel wat ruimte geven. Zou u het doen? En heeft iemand alle tekeningen en schoolschriftjes van 3 tot 14 jaar van haar/zijn kind bewaard? Ik wel. Heel soms denk ik: maak een selectie. Maar na twee tekeningen geef ik het op.

Corine Muller-Bauer:
Neem ik die jurk mee?

Wij, 70-plussers, gaan na veertig jaar verhuizen, kleiner wonen. Wat ga ik doen met de jarenvijftigjurken, van mijn moeder, grootmoeder en schoonmoeder, die nog op de vliering hangen? Beeldschone jurken, op maat gemaakt, van prachtige stoffen. Onze drie dochters hebben ze allemaal bewonderd en gepast. De zwart tulen avondjurk met halter en geborduurd ceintuur droeg mijn moeder bijna zeventig jaar geleden naar een feest op Curaçao waar Prins Bernhard de ‘guest of honor’ was. Mijn vader stond naast haar in een witte smoking. Twee jaar geleden leende onze oudste dochter deze jurk voor een oudjaarsnachtfeest. Ze droeg er een zwart maskertje bij. Van beide feesten hebben we een foto, twee mooie jonge vrouwen, grootmoeder en kleindochter in dezelfde jurk, in verschillende werelddelen. Maar is een foto bewaren genoeg, of gaat de jurk mee naar ons nieuwe huis?

Marjan Versluijs-Helder:
Alle Bosatlassen

Wij gaan kleiner wonen. Kinderen de deur uit, dus een huis met alles gelijkvloers is dan de volgende stap. Van drie verdiepingen naar één geeft veel keuzestress: wat wel en wat niet mee? Wat ik niet kwijt wil zijn de Bosatlassen. De atlas van mijn vader uit 1936, 35ste druk, toen te koop voor 7,50 gulden. Het bijzonderste is dat mijn vader die atlas gebruikt heeft. Mijn eigen Bosatlas is van 1964, 43ste druk. Een enorm verschil met die van 1936: Overschie was nog zelfstandig, de Noordoostpolder en Oostelijk Flevoland zijn droog, de Prins Alexanderpolder is nog een polder.

Mijn zoons hebben hun Grote Bosatlas (50ste druk) afgedankt, maar ik bewaar hem. Duitsland is in deze editie weer verenigd. Ik hoop dat mijn kleindochter over tien jaar nog een papieren versie kan toevoegen aan dit rijtje. Daarom gaan de Bosatlassen mee naar het kleinere huis.

Hans van Kessel:
De glazen sculptuur

Vijf jaar geleden las ik van Thomas Rau Material Matters. Nu houd ik sinds 2017 bij wat ik aan ‘material’ verwerf en wat ik er vervolgens mee doe. Al eerder hadden mijn echtgenote en ik afgesproken dat er voor ieder voorwerp wat het huis binnenkomt er een ander afgedankt moet worden. Keukengerei, kleding, maar ook kunst. Ik ben opgegroeid met verzamelen, postzegels, suikerzakjes, sigarenbandjes. Later boeken en nu kunst. We wonen met z’n tweeën in een twee-onder-een-kapwoning. Kinderen het huis uit, nu twee keer zo veel ruimte als nodig. Dus kunnen we onze verzamelingen boeken en kunst goed kwijt. Toch is onze volgende stap ontzamelen. Het eerste kunstwerk is al aan de gemeente geschonken. Wat we niet kwijt willen, is een glazen sculptuur van een bekende glaskunstenaar. Ze heeft dat speciaal voor ons gemaakt. Mijn dochter wil het niet, het vindt nog wel zijn bestemming.

Elsje Veth:
Schoonmoeders Wunderkammer

Nu we gaan verkassen naar een kleinere woning wordt de Wunderkammer op de bovenste etage ontmanteld. Een Wunderkammer vol met curiositeiten van onze in 2014 overleden (schoon)moeder. De sfeer van voorbije herinneringen hangt onmiskenbaar in de volgestouwde kamer. Op slechte dagen hangen de schilderijtjes scheef en gaat de klok plots slaan. Moeder is niet altijd content daarboven op haar Wunderkammer. Bij elk voorwerp hoort een geschiedenis, al is niet altijd duidelijk welke. Enkel het secretaire met rommellades vol gestolde herinneringen verhuist mee. Hoe moeder zal reageren op deze brute inbreuk van haar habitat laat zich raden.

Anke van der Veen:
Toch nog wat rommeltjes

Na jarenlang latten, besloten wij om in één huis te gaan wonen. Zijn huis. Een huis vol met spullen en vooral veel, heel veel boeken. Terwijl mijn man ruimte voor mij maakte in één kamer (6 vierkante meter), ruimde ik mijn huis (100 vierkante meter) op. Nou ja, opruimen… In het begin was ik aan het wikken en wegen over al die leuke dingen die ik zo in de loop der jaren verzameld had. Weggooien of weggeven? Wilde nu echt niemand dat leuke tafeltje? Op een geven moment was ik heel vaardig: huppakee weg ermee. Wat bleef er over? Foto’s, boeken (die de moeite van het herlezen waard zijn), lieve briefjes en tekeningen van de kinderen en toch ook nog wat rommeltjes met herinneringen. Mijn man en ik, wij mengen heel goed, onze spullen moeten nog even wennen.

Lenie de Zwart:
Legosteentjes

Al ruim een jaar ben ik bezig met opruimen, wat niet lukt. Ik verplaats slechts het meeste. Vooral speelgoed uit mijn eigen jeugd kan ik niet wegdoen. Mijn eigen kinderen speelden er niet mee, ook de kleinkinderen niet. Een heel grote houten kist met Lego uit de jaren vijftig mag niet weg van mijn man. Alleen witte en rode steentjes. Geen kind vond het aantrekkelijk. Puur sentiment allemaal. Zo moeilijk!

Frans Kamps:
Alles in een spreadsheet

Twee jaar terug zijn wij verhuisd naar een gelijkvloers appartement. Ik heb een grote verzameling documentatie en boeken over auto’s. Aan mijn vrouw vroeg ik of ik twee wanden mocht gebruiken. Daardoor kon ik alles meenemen. Toch ben ik me ervan bewust dat ik het de komende jaren moet ordenen en registeren in een spreadsheet voor hen die me overleven. Mijn oudste broer had bij zijn overlijden al zijn boeken, honderd strekkende meter, geregistreerd. Waardoor ik kon voorkomen dat, zoals een familielid zei: „container voor de deur en alles weg”. Door die spreadsheet konden we gelukkig de hele verzameling gespecialiseerde boeken verkopen aan iemand die geïnteresseerd was en er ook voor wilde betalen. Met mijn verzameling hoop ik dat het ook zo kan. Hopelijk kunnen nabestaanden bij de bestanden en gebruiken ze die. Want al wil ik het nu niet kwijt: van wat het waard is kun je een kleine auto kopen.

Mirjam Kies:
Mijn allereerste pop

Verhuizen naar een andere woning, zonder trappen? Wie weet. Maar zeker niet naar een tiny house zoals die arme Wim. Mijn hele leven weerspiegelt zich in mijn verzameling boeken over kunst, architectuur en vormgeving, alsmede die op het grensvlak van reizen, journalistiek, historie, talen en nog zo wat. Dat zijn mijn huisgenoten! Evenals een paar honderd cd’s, met bijbehorende apparatuur. Ook zo veel mogelijk kunst moet mee, verreweg het meeste gemaakt door vrienden en bekenden. Dozen vol knipsels, correspondentie en foto’s. Oude kamerplanten, mijn allereerste pop.

Van spullen die weg mogen, hoop ik nog eens een handzaam fotoboekje te maken, elk dierbaar object of meubelstuk voorzien van een persoonlijke herinnering. Om weemoedig in te bladeren als ik verder niks meer kan. Ook handig trouwens als naslagwerk voor bij mijn uitvaart.

Correctie 1 februari: In een eerdere versie van dit artikel stond dat Marise Bootsman foto’s en verhalen van dierbare spullen bundelde in een boek genaamd Verborgen Schatten. Dat moest Mariel Cordang zijn.