Interview met Willem-Alexander na 25 jaar toch gepubliceerd

Kroonprins In een deze dinsdag verschenen boek over NRC Handelsblad staat ook een nooit eerder gepubliceerd interview met toen kroonprins Willem-Alexander. „Als je de gewraakte passages ziet, denk je ‘wat was daar nu mis mee’.”

Willem-Alexander, toen nog kroonprins, zag in het interview niet uit naar het koningsschap: „Nee, zeker niet.”
Willem-Alexander, toen nog kroonprins, zag in het interview niet uit naar het koningsschap: „Nee, zeker niet.” Foto Leo van Velzen

Een niet eerder verschenen interview met koning Willem-Alexander, dat hij als kroonprins in 1995 gaf aan NRC Handelsblad, is nu grotendeels wel gepubliceerd. In het deze dinsdag verschenen boek Slijpen aan de geest, 50 jaar NRC Handelsblad, citeert auteur John Kroon uit het interview.

Dat het interview niet werd gepubliceerd was toen al bekend. Volgens Kroon was dat omdat koningin Beatrix passages wilde laten schrappen. De krant weigerde: van tevoren waren de onderwerpen doorgesproken en voor NRC gold het journalistieke principe dat gezegd gezegd was. De onderhandelingen tussen de Rijksvoorlichtingsdienst en toenmalig hoofdredacteur Ben Knapen, een van de interviewers, leidden ertoe dat NRC het interview helemaal niet meer plaatste. Zonder de passages zou het geen goede weergave zijn geweest van het gesprek, vond NRC.

Kroon, die dertig jaar bij de krant werkte, onder meer als adjunct-hoofdredacteur, wist van het bestaan van het interview. De tekst is nergens meer te vinden; de betrokken interviewers hadden het niet meer en het bevindt zich ook niet in het archief van NRC. Maar hij vond elders wel een transcriptie van het gesprek, dat op een cassettebandje was opgenomen. Kroon wil niet zeggen hoe hij er precies aan is gekomen, maar zegt dat hij het „onzin” vindt dat het interview nooit is gepubliceerd: „Als je de gewraakte passages ziet, denk je ‘wat was daar nu mis mee’.”

Geen kerkganger

Die passages gaan volgens Kroon onder meer over het mogelijke einde van de monarchie in een verenigd Europa en over zijn geloof. Over het laatste zei Willem-Alexander dat hij niet „echt kerkelijk, geen kerkganger” was. Die uitspraak zou hij twee jaar later in 1997 na zijn belijdenis in het openbaar herhalen in een tv-interview. Hij zei toen: „Ik ben niet zo kerkelijk, maar wel overtuigd gelovig.”

Over het einde van de monarchie antwoordt de kroonprins op de vraag van Knapen en mede-interviewer Laura Starink of een verenigd Europa niet tevens het einde van de monarchie zou inluiden: „Als er ooit een verenigd Europa ontstaat met een nationale regering, dan zou dat kunnen. Maar daar zie ik Europa nog niet naartoe gaan. De kans dat mensen met zo veel culturele achtergronden een politiek-sociaal-culturele eenheid kunnen worden… Als je in New York of in Los Angeles bent, kom je hetzelfde type Amerikaan tegen. Maar het verschil tussen Amsterdam en Napels is gigantisch.”

De huidige hoofdredacteur van NRC, René Moerland, zegt dat Kroon het transcript „kennelijk uit de vrije nieuwsgaring” heeft verkregen. „Hij is door de voormalige hoofdredactie benaderd om deze biografie te schrijven en had de vrije hand.”

Ben Knapen, nu CDA-senator, is verrast over de publicatie en noemt die „niet conform” de afspraak. Die was volgens hem: „Zij zouden mogen lezen en correcties mogen aanbrengen. Ik hield me het recht voor om vervolgens te zeggen: wel/niet publiceren.” Hij herinnert zich dat de correcties „met vorm” te maken hadden „waardoor het leek – als we die overnamen – alsof er iemand sprak die dertig jaar ouder was en veel minder spontaan. Dan doe je geen recht aan het gesprek.”

Laura Starink herinnert zich „een leuk gesprek” en zegt: „Achteraf hadden we gewoon moeten publiceren.”

Lees ook een portret van Willem-Alexander (2018): Voor de koning is ‘gewoon’ zijn nog niet zo eenvoudig

Toekomstige rol

Het interview met Willem-Alexander gaat onder meer over zijn toekomstige functie als koning. Hij vertelt onder meer dat hij daar niet naar uitkijkt: „Nee dat zeker niet.” De kroonprins noemt het koningschap „geen makkelijke functie, niet door de inhoud en niet door hoe er van de buitenkant tegen aangekeken wordt. Het laat je nooit los. Je bent er continu mee bezig. Vanaf het moment dat je het wordt totdat je het niet meer bent, ben je het 24 uur per dag, 365 dagen per jaar. Je probeert het altijd zo goed mogelijk te doen en altijd te kijken van: doe ik het goed, moet ik me er niets van aantrekken wat mensen ervan zeggen of moet ik de kritiek inpassen en mijn pad veranderen? Dat lijkt mij het zware eraan.”

Vrouwen als staatshoofd

Willem-Alexander voorziet verder dat, na een eeuw met vrouwen als staatshoofd, er met zijn komst een accentwijziging zal zijn. „Een man zal eerder in het bedrijfsleven duiken omdat hij vaak ook met mannen te maken heeft aan de andere kant. Als ik bij de militairen rondloop, heb ik daar veel meer rapport mee dan een vrouw. Ik heb zelf in dienst gezeten. Je verstaat hun taal. Terwijl ik weer veel meer moeite heb om met patiënten te praten. Dat lukt wel, maar ik moet dan veel meer moeite doen om met hen te praten en te denken ‘ik ben er voor hen’ en om hen te steunen, dan wanneer ik een stel militairen een schouderklop geef en vraag hoe ellendig het was in Srebrenica.”

Hij hoopte „in de heel verre toekomst” met een vrouw te trouwen die zich kan richten op de kanten van het koningschap die hem minder liggen.

Lees ook de Ombudsman over de krant en de kroon: Van sociaal bindmiddel naar ‘wreed’ instituut

Verloving

Over de liefde, en vooral de manier waarop de media daarover berichten, gaat het interview ook: enkele maanden voor het gesprek, in januari 1995, is zijn relatie met Emily Bremers bekend geworden nadat zij betrokken raken bij een verkeersongeval op weg naar een gezamenlijke skivakantie.

De kroonprins snapt dat dat nieuws is. Maar hij ergert zich, zo schrijft Kroon, duidelijk aan de manier waarop de media de grenzen van zijn privacy overschrijden. „Het is pas een publieke zaak wanneer je verloofd bent en ik bepaal wanneer ik me ga verloven en niet de roddelpers. Anders ben ik al tienduizend keer getrouwd geweest en gescheiden, enzovoorts.”

Maar het gaat de prins niet alleen om de roddelbladen: „Er zijn in Nederland bladen die zichzelf serieus achten en dan een artikel schrijven en voor de helft of driekwart citeren uit de roddelbladen, alsof het feiten zijn. En dan wordt dat blad weer geciteerd en is het ineens een feit! Laatst een artikel in HP/De Tijd. Als ik daar met een rode pen zou aanstrepen wat er allemaal uit de roddelbladen komt, dan zou u een hele rode pagina zien. Als de serieuze pers het nieuws op die manier van de onderwereld naar de bovenwereld brengt, legaliseert en er waarheid van maakt…”

De kroonprins blijkt verder zich „absoluut” Europeaan te voelen en zich zorgen te maken over het vertrouwen in de Nederlandse rechtsstaat: „Dat zie je toch links en rechts steeds meer verdwijnen, en dat is iets wat me echt beangstigt. Als het vertrouwen in de rechtsstaat helemaal weg zou vallen, dan heb je echt een uitdaging als overheid om dat vertrouwen te herwinnen.”

De Rijksvoorlichtingsdienst wilde niet reageren.

Vrijdag 5 februari verschijnt de recensie van ‘Slijpen aan de geest’ in NRC.
Correctie (27 januari): De foto’s bij dit artikel werden niet gemaakt door Vincent Mentzel, zoals eerder vermeld, maar door Leo van Velzen. Dat is in het onderschrift aangepast.