‘Opletten dat we niet continu met werk bezig zijn’

Jesse Sprikkelman (21) uit Zutphen is radiomaker en journalist. Hij werkt drie dagen per week bij de radio, en is daarnaast actief in het mediabedrijf dat hij met zijn vriend oprichtte. „Het is prettig om parttime in dienst te zijn.”

in

‘Al mijn hele leven ben ik gefascineerd door radio. Als vijfjarige zat ik op zolder door de babyfoon plaatjes te draaien voor mijn ouders die beneden zaten. Op mijn twaalfde kwam ik bij de lokale omroep terecht. Inmiddels werk ik voor de landelijke radio. Ik produceer twee weekendprogramma’s bij NPO Radio 2: Rinkeldekinkel en Blokhuis. Bij dat laatste programma ben ik ook sidekick.

„Daarnaast heb ik een eigen mediaproductiebedrijf, samen met mijn vriend Jelle. We doen onder meer videoprojecten voor Omroep Gelderland, spreken voice-overs in en hebben LokaalGelderland opgericht: een nieuwswebsite voor Zutphen en omgeving. Met die site verdienen we weinig, maar we vinden het leuk om te doen.

„Het heeft voordelen een bedrijf met je partner te hebben. Als we iets moeten regelen, zijn de lijntjes kort, ook na werktijd. Maar we moeten er tegelijkertijd op letten dat we niet continu thuis met werk bezig zijn. Af en toe zeggen we tegen elkaar: vanavond doen we de laptop en telefoon weg en gaan we het helemaal niet over werk hebben. Soms lukt dat dan ook.

„In het bedrijf steek ik zo’n 30 uur per week en verdien ik ongeveer de helft van mijn inkomen. De andere helft verdien ik in dienst bij de radio, waar ik een contract voor 24 uur heb. Het is prettig om parttime in dienst te zijn. Zo bouw ik iets van pensioen op en heb ik meer zekerheid dan bij het freelancewerk, dat vaak op eenmalige basis of projectbasis gaat.”

uit

‘Ook mijn vriend heeft een vaste baan voor 24 uur. Onze vaste salarissen gaan naar een gezamenlijke rekening waar we de vaste lasten en boodschappen van betalen. Het geld dat we met het bedrijf verdienen, gaat deels naar een beleggingsrekening en deels naar onze privérekeningen om vrij te besteden. We noemen dat ons ‘zakgeld’.

„Op de beleggingsrekening storten we allebei 500 euro per maand. Het geld belegt de bank voor ons, maar we kunnen het wel elk moment opnemen. Zo hebben we extra geld achter de hand bij tegenslagen, maar we hopen het ook ooit voor ons pensioen te kunnen gebruiken.

„In een Excel-bestand houden we de maandelijkse uitgaven bij. Soms concluderen we dat we even op de handrem moeten. Dan let ik wat beter op bij de boodschappen. Ik heb de neiging veel in de kar te gooien. Ik geef makkelijk geld uit.

„Als ik aan het eind van de maand nog geld overhoud, steek ik dat in bitcoin. Ik wil daar niet te veel in investeren, want je kunt zomaar je geld kwijt zijn. Maar het kan ook meezitten: toen de koers van de bitcoin deze maand omhoogschoot, heb ik er een paar honderd euro van kunnen opnemen voor op de beleggingsrekening. Dat is toch mooi meegenomen.”