Opinie

Mensgerichte rechtspraak met keiharde regels – dat gaat dus niet

De Rechtsstaat

Het aardige van zo’n toeslagencrisis is dat iedere deelnemer bij zichzelf te rade kan. Had ik het destijds anders moeten doen? De Raad van State is met zelfreflectie het verst, althans op papier, met een Trouw-interview en een verantwoording in het NJB. Daar zat in een voetnoot ook nog nieuws verstopt. Alleen de rechtbank Rotterdam blijkt de strenge lijn van de Raad van State steeds consequent te hebben tegengesproken. Daar wonnen jarenlang dus gedupeerde ouders hun beroepszaken. Om vervolgens bij de Raad van State alsnog te verliezen – de fiscus ging steeds in beroep.

Maar toch. Aan de Maas bood een klein clubje eigengereide bestuursrechters dapper weerstand. Terwijl elders in Gallië de witte vlag kennelijk was gehesen. Met buikpijn, berustend, instemmend? Probeerden rechters elders óók wel eens iets te regelen voor een gedupeerde ouder? We weten het niet. Deze rechters zitten nu met gewetensvragen. Hadden ze ook (vaker) anders moeten oordelen? Of lag het allemaal toch aan de keiharde regels, aan de mediagedreven fraude-obsessie in de Kamer en aan de onvermurwbare Raad van State?

Het dilemma voor iedere bestuursrechter die anders denkt over wat in casu recht is, blijft of ‘de Kneuterdijk’ dat ook wil vinden. In de zelfanalyse van de raad in het NJB klinkt door dat ze achteraf te weinig toeslagenzaken uit het land kregen voor een goed zicht op de barre praktijk. Dan zit je dus in een patstelling. De tegenspraak van de lagere rechters droogt op, uit frustratie, want de Raad van State vernietigt toch. Van de weeromstuit gaan burgers minder in bezwaar. Dan zit je dus in een fuik.

Ik zag al eens eerder, in 2008, wrijving tussen rechters in het land en de Raad van State. Het ging destijds om een onderzoekje onder 24 vreemdelingenrechters, die boos waren. En wel omdat de Raad van State vrijwel nooit een lagere rechter gelijk gaf, als die een asielzoeker bij uitzondering wel een vergunning verleende. Dat leidde tot felle verwijten, over de ‘politiek volgzame lijn’ van de raad, gevolgd door een diplomatiek rondje praten met de voorzitter en een wapenstilstand.

Beluister ook de podcast over de Raad van State:Het juridisch geweten van de regering

Iets soortgelijks kondigt de raad nu weer aan, maar dan ambitieuzer. Een programma van dialoog, reflectie en interactie met partijen, hulpverleners, wetenschap, pers, ombudsman en experts bedoeld om een volgend ‘systeemfalen’ wél tijdig te kunnen herkennen. De bestuursrechtspraak moet ‘responsiever’ en ‘meer mensgericht’ worden, is de wijsheid van de dag.

In de ontslagbrief van het kabinet worden dan ook meer ‘veiligheidsventielen’ in wetten en regels beloofd. De macht van de rechter om af te wijken zal dus groter worden. Of zouden dat vrome woorden blijven? Ik herinner me een recent stormpje over ‘dikastocratie’: rechters met te veel vrijheid die politiek zouden bedrijven. Eén verontwaardigde tv-reportage met een begripvolle rechter in de storyline en de wind draait straks even hard weer terug, vermoed ik.

Tegelijk lijkt me de behoefte om méér alarmsignalen uit de rechtspraak te vernemen terecht. De senaat vroeg onlangs diezelfde Raad van State ideeën om de rechtsbescherming te verbeteren. Kan de rechter vaker regels signaleren die in de praktijk disproportionele gevolgen hebben? Dat klinkt leuk maar is geen waardenvrije opgave. Nu fascineert me al langer de toverspreuk dat de rechter ‘alleen spreekt door zijn vonnis’. Want wie leest dat allemaal en heeft het overzicht? Dat Rotterdam als enige rechtbank de Raad van State tegensprak, weten we alleen omdat de voorzitter zélf zo vriendelijk was dat te onthullen. Geen journalist of burger heeft toegang tot de databank met álle uitspraken.

Gerechten zouden in hun jaarverslagen best meer aandacht kunnen geven aan de ‘structuurproblemen’ waar hun rechters tegenaan lopen. Dat wordt wel op eieren lopen – wat de een fout en disproportioneel noemt, is voor de ander kennelijk wat de politiek wil. Voor je het weet is de rechter beleidsadviezen aan het geven – en dus met zijn eigen maatstaf in de weer. Zou Den Haag dat willen? Ik dacht meteen aan de rechter, gespecialiseerd in arbeidsrecht, aan wie ik ooit vroeg welk rechtsgebied in haar praktijk de grootste problemen opleverde. Antwoord: het arbeidsrecht. Dat hele terrein was eigenlijk niet meer te doen. Advocatenspek, vond ze het. Maar ze ploeterde moedig voort. In anonimiteit.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Twitter: @folkertjensma