Opinie

De veerkracht van kinderen wordt nu wel zwaar op de proef gesteld

Sociale gevolgen van de lockdown

Commentaar

Was het maar bij het ‘coronadiploma’ gebleven. Zo heet in de volksmond het diploma dat leerlingen vorig jaar kregen. Door de lockdown in het voorjaar hadden ze minder les gehad en hoefden ze het centraal schriftelijk eindexamen niet meer te maken. Die naam had nog iets tragi-komisch – alles zou snel beter worden. Inmiddels kun je spreken van een coronageneratie. De scholen zijn alweer dicht sinds 16 december en blijven dat tot ten minste 9 februari. De kans bestaat dat ze opnieuw zullen sluiten dit jaar als er een derde coronagolf ontstaat.

Zo worden de ziekenhuizen, ambulancediensten en verpleeghuizen enigszins ontlast, maar lopen alle kinderen een leerachterstand op. Zware ellende voor ouderen en zieke mensen wordt op de korte termijn voorkomen maar op de lange termijn ontstaat andere ellende.

Niet alleen hun schoolprestaties lijden eronder, de hele sociale ontwikkeling van kinderen en tieners staat al maanden behoorlijk stil. Zwemles, voetbal-, turn- en hockeywedstrijden, verjaardagsfeestjes en gewoon urenlang hangen met een groepje in het park of op zolder – het kan allemaal niet. Als er ook nog spanningen zijn thuis door echtscheiding, financiële zorgen, een ziek gezinslid of de lockdown zelf, dan maakt de verkleinde draaicirkel van kinderen en tieners het dagelijks leven nog ingewikkelder. Hulpverleners en de Kindertelefoon melden dat ze tijdens de tweede golf veel meer telefoontjes en vragen krijgen dan normaal.

Het zijn sociaal schrale tijden voor iedereen. Maar dat telt voor kinderen nog zwaarder omdat dit de jaren zijn waarin ze worden gevormd.

Kinderen zijn van nature veerkrachtig en de jeugd kan nu online met elkaar communiceren, wat de generaties vóór hen niet konden. Maar online communicatie haalt het niet bij echte communicatie.

Zo hebben ze ondanks online lessen tijdens de eerste schoolsluiting in het voorjaar weinig tot niets geleerd, blijkt uit onderzoek van Oxford University naar de resultaten op 15 procent van de Nederlandse basisscholen.

De verschillen zijn groot. Leerlingen die thuis veel hulp kregen, gingen er minder op achteruit dan kinderen die thuis geen hulp kregen, zo staat te lezen in een onderzoek naar die periode van het Amsterdamse Bureau voor Onderzoek en Statistiek. Tijdens cito-toetsen na de lockdown scoorden kinderen met laag opgeleide ouders gemiddeld prompt een heel schoolniveau lager dan normaal. Voor rekenvaardigheden gingen álle kinderen er op achteruit, hulp of geen hulp. Daarvoor zijn real life lessen van de leraar blijkbaar onmisbaar. Om die reden pleitte de Onderwijsinspectie er vrijdag voor dat de cito-eindtoetsen dit jaar sowieso doorgaan – al is het maar om het zicht op de vorderingen niet helemaal te verliezen.

Het ene kind en de ene school zullen de achterstanden sneller inhalen dan het andere kind en de andere school. De grote verschillen die er al waren tussen scholen waar ouders zelf een goede opleiding en inkomen hebben en scholen waar ouders dat niet hebben, zullen zijn versterkt.

De groeiende groep leerlingen die buiten school betaalde huiswerkbegeleiding en bijlessen krijgt, zal daar nu meer baat bij hebben dan ooit. Maar dat is alleen weggelegd voor ouders die het kunnen betalen.

En dan is er de meerderheid van ouders die allebei werken en dus geen tijd hebben om thuis ook nog juf of meester te spelen. De vakbonden vroegen het kabinet vorige week om die ouders betaald verlof te geven zodat ze er tijdens de schoolsluiting meer voor hun kinderen kunnen zijn. Een nuttig voorstel.

Ook zal de overheid na de corona-pandemie fors moeten investeren in het inhalen van de leerachterstanden. Het ís te doen, mits de school, ouders en kind er de urgentie van inzien.

Ze moeten óf keihard werken om verloren tijd in te halen, óf het schoolcurriculum verlengen en de vakanties verkorten. Nood breekt wet. Want je kunt niet twee complete jaargangen aan kinderen met veel minder kennis en vaardigheden afleveren aan de eindstreep.

Als de avondklok en andere maatregelen die zaterdag ingaan ertoe leiden dat het aantal corona-besmettingen verder daalt, dan is dat een prijs die velen graag zullen betalen om de scholen op 9 februari weer open te laten gaan.