Een lange lockdown of toch al virusvrij de zomer in?

Virusvarianten Met vele varianten in omloop is de strijd tegen het virus een race tegen de klok. Het antwoord: sneller vaccineren.

Nederland in lockdown. Het is stil en leeg in de Nijmeegse binnenstad.
Nederland in lockdown. Het is stil en leeg in de Nijmeegse binnenstad. Foto Flip Franssen

We gingen zo hoopvol het nieuwe jaar in. Met de eerste razend effectieve vaccins tegen het coronavirus zouden we in de zomer de pandemie wel onder controle hebben. Optimisten maakten vast plannen voor de vakantie. Maar in een pandemie kan wat de ene dag nog hanteerbaar lijkt, de volgende dag tot noodingrepen leiden.

De opkomst van virusvarianten die mogelijk besmettelijker zijn of zelfs weten te ontsnappen aan de vaccins doet vrezen dat „we nog maanden in de prut zitten”, zoals premier Rutte het donderdag in het Kamerdebat over de avondklok verwoordde. Wordt het eerst erger voor het beter wordt? Of lukt het om tegen de mutaties op te vaccineren? Niemand die het weet, alles ligt weer open.

De zorgen begonnen eind december met de oprukkende nieuwe virusvariant in het Verenigd Koninkrijk, en inmiddels zijn er ook varianten in Zuid-Afrika en Brazilië die wetenschappers argwanend in de gaten houden. Uit de VS komen berichten van nog weer andere varianten. Die mutanten lijken besmettelijker dan de oude virusvarianten, waardoor ze lastiger in te perken zijn.

Lees ook: Waar komen al die coronavarianten toch vandaan?

De angst is zo groot dat het kabinet deze week besloot tot een avondklok, het terugdringen van thuisbezoek en het schrappen van vluchten. „De vaccins komen simpelweg te langzaam door om deze strijd tegen die dreigende derde golf te winnen”, verklaarde Rutte.

Geen zwartgalligheid

Geen zonnig perspectief. Maar Ron Fouchier, hoogleraar virologie van het Erasmus MC, ziet nog geen reden voor zwartgalligheid. „Uit de gegevens die we tot nu toe hebben valt nog niet te concluderen dat deze varianten veel besmettelijker zijn. Sinds het begin van de pandemie krijgen steeds nieuwe varianten de overhand, dat is normaal. In Nederland zijn er tot nu toe vijf geweest die een bepaalde periode een groot aandeel kregen. In het VK is er nu een zesde, maar die krijgt niet sneller de overhand dan de voorgaande vijf.”

Eerste resultaten van onderzoek naar de besmettingshaard in de gemeente Lansingerland, waarvoor inmiddels 27.000 inwoners zijn getest, bevestigen dit. De GGD ziet daar niet de grootschalige verspreiding van de Britse variant die werd gevreesd na de uitbraak op een basisschool.

Ook op een ander vlak baren de varianten zorgen. Er zijn prille aanwijzingen dat de afweer die de huidige vaccins opwekken niet voldoende beschermt tegen de nieuwe virustypes in Zuid-Afrika en Brazilië. Ook een eerdere infectie zou dan een besmetting met een nieuwe variant niet voorkomen. De antistoffen van ex-Covid-patiënten bleken in een eerste studie niet altijd voldoende de mutaties van de nieuwe Zuid-Afrikaanse variant te herkennen. En de eerste bevestigde herinfectie met een nieuwe variant die in het Braziliaanse Manaus opkomt, is intussen geconstateerd.

„Het is nog te vroeg om conclusies te trekken, er is ook onderzoek waarin de bescherming van antistoffen die door vaccins zijn opgewekt, juist wel voldoende werkzaam blijft”, zegt Fouchier. „We moeten dit dus goed uitzoeken. En mocht het nodig zijn, dan moeten de vaccins aangepast worden aan de nieuwe varianten.”

Genetische vaccins

Lees ook: Antistoffen na Pfizer-prik herkennen ook mutatie nieuwe virusvarianten

Dat laatste is gelukkig makkelijk te doen met genetische vaccins zoals die van Pfizer, Moderna en AstraZeneca. Ze bevatten een stukje genetische code van het virus, en die is om te bouwen naar die van een mutant.

Voor goedkeuring van zo’n aangepast vaccin moeten farmaceuten wel extra onderzoeksgegevens aanleveren, maar dat kan snel gaan. Los van de ontwikkeling en de keuring moet zo’n aangepast vaccin ook weer op grote schaal geproduceerd worden. Al met al zal het al snel maanden duren voordat een aangepast vaccin ook echt kan worden toegediend.

Een nieuw vaccin zou nieuwe contractonderhandelingen vereisen met farmaceuten, terwijl Nederland wel gebonden is aan de bestaande contracten, bevestigt het ministerie van VWS. Bij de nog niet goedgekeurde vaccins zal geneesmiddelenautoriteit EMA wel al naar de respons op nieuwe varianten kijken, aldus VWS.

En hoe een aangepast vaccin zou moeten worden ingevoegd in het bestaande Nederlandse vaccinatieprogramma is een vraag waarvoor de hectiek van dit moment nauwelijks ruimte biedt. Woensdag besloot minister Hugo de Jonge – tegen het advies van fabrikant Pfizer in – de periode tussen eerste en tweede prik op te rekken tot zes weken. De schaarste op korte termijn overheerst nu het beleid.

Een meevaller is dat de bekende coronamaatregelen nog steeds prima blijken te kunnen werken tegen alle SARS-CoV-2-varianten. In het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Denemarken en Zuid-Afrika neemt het aantal nieuwe besmettingen per dag scherp af na strengere regels, blijkt uit de jongste cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie.

Lees ook: Beroerde voorlichting leidt tot avondklok

Voor nu is het dus belangrijk dat iedereen zich aan de coronamaatregelen houdt, zegt Fouchier. „We zien de getallen nu hard teruglopen. Als we dat nog een week of drie vasthouden, zijn we terug op een viruscirculatie die te behappen is, zoals afgelopen zomer. Daarnaast moeten we als een dolle vaccineren. Gewoon met de bestaande vaccins. Het kan zijn dat we in maart ook nieuwe vaccins moeten maken. Maar bij deze zeer effectieve vaccins is ook een iets lagere effectiviteit nog genoeg.”

Alleen: als de vaccinatie in het huidige tempo doorgaat, wordt het niks, zegt Fouchier. „Als ik ergens pessimistisch over moet zijn is het dat. We zouden in het eerste kwartaal drie tot vier miljoen Nederlanders kunnen vaccineren, álle risicogroepen en zorgverleners. De eerste maand is voorbij en we hebben het vaccineren nog niet op orde.”

De Jonge besprak donderdag de optie om 24 uur per dag te vaccineren. Hij wil „zoveel mogelijk weg kunnen prikken” als er eenmaal voldoende doses geleverd worden.

De maatregelen nog een paar weken goed volhouden, en rap vaccineren. Als dat plan lukt, zegt Fouchier, dan zou nog steeds het gevaar voor de zomer geweken kunnen zijn.