Opinie

Hoop en verzoening lossen obstructie en polarisatie af

Inauguratie Joe Biden

Commentaar

Joseph Robinette Biden Jr. , een 78-jarige katholieke Democraat, die broos oogt als hij loopt, maar vastberadenheid uitstraalt als hij spreekt, werd woensdag geïnaugureerd als 46ste president van de Verenigde Staten. De machtsoverdracht was geruststellend onspectaculair.

Biden en zijn vice-president Kamala Harris (56), de eerste vrouw op die post, erfden een land dat geteisterd wordt door een pandemie, politiek sterk verdeeld is, gebukt gaat onder racisme en dat nog maar twee weken geleden de wereld verbijsterde toen aanhangers van zittend president Donald Trump op diens instigatie het Capitool bestormden. Woensdag bewezen de VS nog steeds in staat te zijn om de macht over te dragen in een traditionele ceremonie en in het bijzijn van vertegenwoordigers van beide grote politieke partijen.

„De wil van het volk is gehoord en de wil van het volk zal gevolgd worden”, zei Biden. „We hebben geleerd dat democratie kostbaar is en kwetsbaar. Vrienden, democratie heeft gezegevierd.” Het was zei hij, met het Amerikaanse gevoel voor pathetiek dat bij zo’n ceremonie onvermijdelijk is, „een dag van hoop, vernieuwing en vastberadenheid.”

Het was in veel opzichten een uitzonderlijke ceremonie opgedrongen door uitzonderlijke omstandigheden. Corona en de bestorming van het Capitool hadden een streep gehaald door de feestelijke rituelen. Geen 200.000 gasten, maar 1.000. Geen ‘optocht’ van het Capitool naar het Witte Huis en geen inaugural balls. Op de ‘National Mall’ waar in 2009 1,8 miljoen mensen samendromden om naar Barack Obama te zwaaien, wapperden nu vlaggen. En er stonden duizenden militairen -de ‘voorhoede’ van een macht van ruim 25.000 leden van de National Guard die de hoogmis van de democratie moesten bewaken. Ondanks dat kille decor en het recente tumult had de ceremonie een feestelijk tintje, mede dankzij het hoopvolle, meeslepende gedicht van de jonge Amanda Gorman.

Vier uur eerder was een in ongenade gevallen president per helikopter vertrokken. Geen tweede termijn. Twee keer geïmpeacht. Een ‘kleine man’, die niet de grootsheid kon opbrengen om zijn verlies te erkennen en die in zijn kleinzieligheid snel vertrok voordat zijn opvolger zich meldde. In een laatste demonstratie van onfatsoen hield Donald J. Trump zich niet aan de traditie de nieuwe president te ontvangen en samen de machtsoverdracht bij te wonen. Wel maakte hij een tussenstop op een militaire basis om zijn eigen prestaties op te hemelen en zijn familieleden te prijzen voor hun inzet ten behoeve van de natie. „We waren geen doorsnee regering”.

Biden begon meteen nadat hij de eed had afgelegd aan zijn zwaarste taak: eenheid smeden in het politiek verscheurde land en door Covid geteisterde land. Hij vroeg om een moment stilte ter nagedachtenis aan de ruim 400.000 Amerikanen die zijn overleden aan Covid-19 -een vanzelfsprekend gebaar dat na het narcisme van Trump als een verademing voelde. Hij onderstreepte dat de VS al vaker voor grote uitdagingen hebben gestaan en er alleen dankzij eendrachtigheid waren uitgekomen. En hij beloofde er te zullen zijn voor alle Amerikanen -een cliché, maar een onvermijdelijk cliché. De naam Donald Trump viel niet één keer.

Een land verenig je niet met één speech. Maar het is op zijn minst een begin als de taal van ontwrichting en onverdraagzaamheid wordt verdreven door het hoopvolle vocabulaire van eenheid en verzoening.