We moeten vooral hopen dat de avondklok werkt, zegt Van Dissel

Coronamaatregelen Hoe effectief de avondklok is, is lastig te bepalen. Jaap van Dissel denkt op basis van grove schattingen dat het werkt, maar zekerheid kan hij niet geven.

Het kabinet hoopt morgen de Tweede Kamer te overtuigen van de noodzaak om een avondklok in te voeren.
Het kabinet hoopt morgen de Tweede Kamer te overtuigen van de noodzaak om een avondklok in te voeren. Foto Melissa Fenijn

We moeten vooral hópen dat de avondklok voldoende werkt. Want in het Verenigd Koninkrijk en Ierland, zo stelde Jaap van Dissel van het RIVM in een technische briefing aan de Tweede Kamer, was veel meer nodig om de uitbraak de kop in te drukken: daar zag je heel de dag bijna niemand meer op straat. Hij praatte de Kamerleden bij over de laatste ontwikkelingen rond het coronavirus en de effectiviteit van de avondklok.

Het is erg complex om het effect daarvan te onderbouwen, stelde Van Dissel. Hij kwam in het OMT-advies aan het kabinet toch met een cijfermatige onderbouwing, nadat daar in de Kamer en door burgemeesters op was aangedrongen. Van Dissel haalde daarbij internationale studies aan waaruit blijkt dat een avondklok het reproductiegetal tot 13 procent naar beneden zou kunnen drukken. Maar, zo waarschuwde hij, het gaat dan om een grove schatting.

Lees ook: Kabinet: voornemen voor avondklok, bespreken met Tweede Kamer

Het effect van een maatregel als de avondklok op het reproductiegetal is niet exact te voorspellen; daarvoor is de werkelijkheid veel te complex. Instituten als het RIVM maken beredeneerde schattingen met behulp van statistische modellen, die steeds worden verbeterd door bestaande kennis over bijvoorbeeld besmettelijkheid en menselijk gedrag te combineren met nieuwe data over bijvoorbeeld aantallen ziekenhuisopnames en besmettingen.

In principe kun je met zo’n model ook berekenen hoe groot het effect van een maatregel kan zijn op bijvoorbeeld het aantal opnames op de IC, als je één maatregel tegelijk invoert. In de praktijk hebben landen meerdere maatregelen tegelijkertijd ingevoerd, waardoor het effect van een afzonderlijke maatregel op de besmettingen niet te herleiden is.

Wetenschappers van de universiteit van Oxford hebben toch geprobeerd om de afzonderlijke effecten in kaart te brengen. Maatregelen om mensen thuis te laten blijven, zoals de avondklok, drukken de R mogelijk met nog eens 13 procent, zo hebben zij bijvoorbeeld berekend. Hun studie, die vorige maand is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift Science, is het belangrijkste van vier onderzoeken waarop het OMT zijn advies baseert. Bij de technische briefing in de Tweede Kamer verwees Van Dissel woensdag overigens naar een al in oktober gepubliceerde versie van deze studie.

Onzekere marges

De Oxford-onderzoekers bekeken in 41 Europese landen zeven veelgebruikte maatregelen in de periode van eind januari tot eind mei 2020, ofwel de eerste golf. Doordat het ene land een bepaalde maatregel later nam dan het andere konden zij een globaal beeld krijgen van het effect van zo’n maatregel. Het meest effectief blijkt het beperken van de omvang van groepen tot minder dan tien personen; dat drukt de R met 42 procent. Het sluiten van de scholen en universiteiten drukt de R met 38 procent.

Deze cijfers zijn overigens niet meer dan een indicatie, benadrukken de onderzoekers. Zo is het onmogelijk om een onderscheid te maken tussen enerzijds scholen en anderzijds universiteiten, doordat die bijna overal tegelijkertijd dicht gingen. Ook zijn de onzekerheidsmarges groot, doordat de kwaliteit van de data heel wisselend is en een aanpassing van een variabele al snel leidt tot een andere uitkomst. Zo zouden thuisblijf-maatregelen de R in plaats van met 13 procent ook met 31 procent kunnen drukken maar (in theorie) ook met 5 procent kunnen verhogen.

In deze studie gaat het bovendien om zogenoemde ‘stay home orders’, verplichtingen om thuis te blijven. Het gaat dan om een avondklok, maar ook om een volledige lockdown waarbij mensen heel de dag moeten binnenblijven. Nederland kiest dan voor een relatief lichte variant van deze ‘stay home orders’. Bovendien zou een reductie van 13 procent niet genoeg zijn om een uitbraak van de Britse variant de kop in te drukken. Het reproductiegetal ligt daar nu op 1,3 en moet dus zeker 30 procent naar beneden om onder de 1 uit te komen: dan besmet één persoon minder dan één ander persoon.

Lees ook: Avondklokken in België en Frankrijk geven hoop

Van Dissel denkt dat de maatregel effectiever wordt naarmate „het gevoel van urgentie” omhoog gaat en iedereen zich aan de regels houdt. „We zijn niet de uitzondering in Europa die denken dat de avondklok kan bijdragen. Frankrijk heeft de avondklok zelfs nog vervroegd, dat zal het niet doen omdat het wetenschappelijke instituut denkt dat de maatregel ineffectief is.”

Daarnaast stelt Van Dissel dat een avondklok van toegevoegde waarde is, omdat veel andere regels op vrijwillige basis zijn. Bijvoorbeeld het maximale aantal bezoekers, dat het kabinet wil verlagen van twee naar één, is een ‘dringend advies’. Een avondklok is wél verplicht. Als dat de cijfers verder naar beneden duwt, is perspectief mogelijk. „We willen het primair onderwijs en de kinderopvang zo snel mogelijk openen.”