Recensie

Recensie Muziek

Heerlijk schakelen tussen poptalent uit heel Europa

Eurosonic Het volledig digitale Eurosonic voelde verrassend als een festival. Met veel nieuw talent, zoals de Ierse Denise Chaila, de Belgische rapper Chibi Ichigo en Los Aurora uit Spanje.

Denise Chaila tijdens haar concert voor Eurosonic (still uit de video).
Denise Chaila tijdens haar concert voor Eurosonic (still uit de video). Foto ESNS

Een avondje livestream kijken, prima. Maar drie avonden? Dat leek vooraf wat veel. Eurosonic, het Europese showcasedeel van dubbelfestival ESNS, moest toch iets, middenin de lockdown. En verdraaid, met elke avond vier ‘zalen’ met korte sessies van maximaal een kwartier van artiesten uit heel Europa, wisten ze digitaal een ervaring te bieden die dichter tegen een festivalbeleving aanschurkte dan vooraf mogelijk leek.

Lees ook het verslag van Noorderslag: Ook online geeft piekfijn Noorderslag een festivalgevoel

Die verschillende streams waren uiterst efficiënt voor de nieuwsgierige muziekveelvraat. Klik, afrofunk uit Frankrijk; klik, ragpunk uit Engeland; klik, indiepop uit Noorwegen; klik, folk uit Estland. Het was heerlijk schakelen en bijna alles was nog terug te kijken ook, waardoor je veel meer ziet dan op een normale editie. Wel met een groot wegklikrisico: een act moest extra z’n best doen om te voorkomen dat ik als een ongeduldig adhd-konijn halverwege het eerste nummer naar een andere stream spring – toch makkelijker dan door de vrieskou naar een ander zaaltje fietsen voor een act die je niet kent.

Wegklikken was lastig bij de in Rusland geboren Chibi Ichigo (Sabina Nurijeva), die met parelketting en sneakers in drie opwindende, met donkere electro gepeperde raps in Russisch én Vlaams ontspannen haar veelzijdigheid toonde. Net als de melige IJslandse Songfestivalkandidaat Daði Freyr, die te goed zingt en musiceert om als gimmick af te strepen. De Britse zangeres Holly Humberstone speelde haar intieme, bijna onnadrukkelijk mooie popliedjes thuis in de gang, gefilmd door haar vriendje.

De locaties van de sessies waren zo veelvormig als de muziek zelf. Oefenruimtes, radiostudio’s, popzalen, huiskamers: we konden bij Europa binnenkijken. Nederlanders maakten gebruik van de Groningse Oosterpoort en Vera, waar Altin Gün, Personal Trainer en het immer progressieve talent Nana Adjoa gloeiende visitekaartjes afgaven. Waarom Eefje de Visser een moeizaam concert dat ze eerder gaf voor 3FM’s Serious Request had ingestuurd, is een raadsel. Deze blauwbeksessie in een feesttent op een winderig dak was weinig representatief voor haar kunnen.

Het lege National Opera house in het Ierse Wexford werd gevuld met het charisma van Denise Chaila. Met haar directe en relaxte rapstijl, slimme teksten en jazzy begeleiding was ze zelfverzekerd en imponerend. En ook innemend, als ze haar weinige tijd steekt in het rustig introduceren van haar band.

Ook Los Aurora maakte veel indruk: vijf in zwart gestoken Spanjaarden met getrimde baarden en strakke knotjes, vulden traditionele flamenco aan met de diepte en breedte van jazz en zelfs wat progrock. Hun weelderige ‘Noche en Vela’ – mét baile flamenco – alleen al maakte het inschakelen waard.

Natuurlijk moet dit niet het nieuwe normaal voor festivals zijn: laat ons volgend jaar als-je-blieft weer door Groningen langs de zalen fietsen. Maar voor een avontuurlijk ontdekfestival als Eurosonic was deze digitale editie ingericht op waar het uiteindelijk om draait: grenzeloos talent, ambitie en vernieuwing, en zo een overwinning op de pandemie.