Opinie

Politiek leider Rutte kan niet door

Kabinetscrisis Het terugtreden van het kabinet vanwege de Toeslagenaffaire gaat niet ver genoeg. Premier Rutte kan niet door als politiek leider, meent .
Foto Bart Maat/ANP

Wie de persconferentie na de ministerraad van vrijdag heeft gevolgd, zag het verschil in het optreden van twee VVD-bewindslieden. Allebei hebben ze ruim ervaring met lastige dossiers, allebei hebben ze meestal een tamelijk zakelijke, om niet te zeggen technocratische opstelling.

Maar waar premier Mark Rutte vragen over zijn verantwoordelijkheid met gemak pareerde, was bij aftredend minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) de emotie zichtbaar. De affaire had hem echt geraakt, hij voelde zich „zwaar medeverantwoordelijk” en had besloten direct te vertrekken.

Rutte stond achter het katheder als de man die nadat er onder zijn leiding zaken vreselijk mis zijn gegaan, vertelt dat hij die zaken verder blijft regelen. In zijn woorden was hij zowel verantwoordelijk, als niet direct betrokken.

Dat het kabinet is afgetreden (een val kun je dit niet noemen), is terecht. De afgelopen weken hing rond het veelvuldig beraad van kabinet en coalitie over de reactie op het rapport over de Toeslagenaffaire de verdenking dat deze politieke consequentie zo schadevrij mogelijk moest verlopen. Juist dat maakt de stap ook te klein.

Om de ernst van deze zaak recht te doen moet Rutte terugtreden als politiek leider van de grootste regeringspartij.

Het kan niet zo zijn dat jarenlang de rechtsstaat, de kern van het contract tussen Nederlandse burger en Nederlandse staat, onder leiding van een premier wordt aangetast, zonder dat daar een persoonlijke conclusie aan wordt verbonden. Dit is ernstiger dan gerommel met stikstofemissies en weegt zwaarder dan een conflict over een paar miljard euro bezuinigen. Hier was sprake van hardvochtig, onrechtmatig en discriminerend optreden van de overheid tegenover grote groepen burgers.

Lees ook: Rutte III: het ‘coronakabinet’ dat werd gekenmerkt door wantrouwen

‘Verdriet’

Ook om de geloofwaardigheid van de politiek te herstellen is terugtreden van Rutte nodig. Op die manier is te zien dat politiek een samenspel is van macht, opvattingen en mensen. Als de macht in strijd met de beleden opvattingen is gebruikt, moeten mensen daar consequenties aan verbinden. En dan niet in de vorm van een paar maanden eerder demissionair worden.

Tijdens de persconferentie leek het alsof Rutte er zelf niet veel mee te maken had. „Het gaat niet om mij of mijn verdriet”, zei Rutte. Maar dat het in de politiek ook hierom gaat, toonden eerst Lodewijk Asscher en vervolgens Eric Wiebes. Hun ‘verdriet’ was zo groot dat ze meenden dat ze niet door konden in de politiek, welke andere overwegingen daar verder ook bij betrokken waren. De last was te groot.

Rutte heeft de kans op een dergelijk gebaar laten lopen. Door zijn prominente rol kan de Toeslagenaffaire in de campagne een factor worden. Of de VVD-kiezers hem daarop zullen afrekenen is nog maar de vraag. Het maakt hem wel kwetsbaar. Zijn naam is nu ook verbonden aan de ‘Rutte-doctrine’, de neiging om zo min mogelijk informatie te verstrekken. Het kabinet belooft nu meer openheid en dat is een erkenning dat de praktijk in het verleden anders was. Ook dat is een reden om je af te vragen of ook die tournure geloofwaardig gemaakt kan worden.

Crisismanager

Uiteraard is de tegenwerping te maken dat Rutte niet gemist kan worden in de coronacrisis. Maar een compromis is makkelijk voorstelbaar. Hij kan als demissionair premier aanblijven, maar zich als lijsttrekker terugtrekken. Met de gebruikelijke duur van kabinetsformaties is op het moment dat een opvolger klaar staat, de coronacrisis hopelijk voor een goed deel bezworen. Hij kan als crisismanager aan zet blijven en dan staat die lastige campagne hem niet in de weg.

Het is niet uitgesloten, maar nooit te bewijzen, dat zonder coronacrisis Rutte geen kandidaat was geweest voor het lijsttrekkerschap van de VVD. Of als Klaas Dijkhoff zich niet had teruggetrokken. Tien jaar premierschap is hoe dan ook een enorme prestatie, zeker met zulke wisselende coalitie- en gedoogpartners als die waarmee Rutte heeft samengewerkt.

Lees ook het kerstinterview met Mark Rutte: ‘Het is best even spannend om een tv-toespraak te houden

Maar het gemak waarmee hij zich handhaaft kan een obstakel worden. Uiteraard kan Rutte zeggen als de VVD in maart de grootste wordt: de kiezer heeft het gewild. En dan kunnen de andere partijen weer niet om hem heen. Maar dat is niet de enige mogelijkheid.

Tijdens de persconferentie – en daar niet voor het eerst – leek het soms alsof Mark Rutte als persoon niet bestaat. Hij maakt geen keuze: wat er gebeurt ligt bij de partij, de kiezer, bij zijn rol als premier, de coalitie, het staatsrecht. Het is een zakelijke opstelling van zichzelf klein maken, die heel ‘effectief’ is. Ook aftreden weet hij zo op een bepaalde manier makkelijk te maken. Zo gemakkelijk zou het dit keer niet moeten zijn.