Kabinet Italië wankelt door ruzie over EU-gelden

Crisis Oud-premier Renzi verwijt premier Conte gebrek aan daadkracht. Zijn twee ministers zijn woensdag afgetreden.

Het Italiaanse kabinet wankelt, met als belangrijkste twistpunt de besteding van de ruim tweehonderd miljard euro die beschikbaar is via het Europese Herstelfonds.

Premier Conte is zijn parlementaire meerderheid kwijt sinds woensdag oud-premier Matteo Renzi, oprichter van een kleine centrum-linkse partij, bekendmaakte dat hij zijn twee ministers en staatssecretaris terugtrekt.

Hiermee komt een al weken sluimerende crisis tot uitbarsting. Renzi verwijt Conte traagheid en vaagheid bij het opstellen van plannen voor de 220 miljard euro aan subsidies en leningen uit Brussel. Net als in het wielrennen „valt de regering om door gebrek aan snelheid”, zei Renzi.

Hij verweet Conte bovendien te veel te werken via sociale media en daarbij vaak voorbij te gaan aan het parlement.

Renzi’s actie is ook bedoeld om zijn kleine partij Italia Viva zichtbaar te houden. Dat is een in september 2019 opgerichte afsplitsing van de centrum-linkse Democratische Partij. Italia Viva stond in een peiling maandag van de tv-zender La7 net onder de drie procent.

Via het Europese Herstelfonds is geld beschikbaar voor de schade aangericht door de coronapandemie. Voorwaarde is onder andere dat landen met concrete, uitgewerkte plannen komen. In ieder geval Duitsland, Frankrijk, Spanje en Portugal hebben hun plannen al ingediend bij de Europese Commissie, maar Italië nog niet. Pas dinsdagavond laat is in de ministerraad een herstelfondsplan goedgekeurd, opgesteld onder regie van Conte en minister van Financiën Gualtieri. Het was maandag bekendgemaakt.

Wat Conte nu wil en kan doen, was woensdagavond niet meteen duidelijk. Renzi gooide de deur niet helemaal dicht. Hij sloot alleen een coalitie met rechtse populisten uit.

In eerste reacties verweten vertegenwoordigers van de twee grote colalitiepartijen, de Vijfsterrenbeweging en de Democratische Partij, Renzi onverantwoordelijk gedrag. Conte had eerder woensdag gezegd: „Ik geloof dat een crisis niet begrepen zou worden door het land op een moment dat we voor zo veel uitdagingen staan.” Renzi antwoordde hier indirect op door te zeggen dat „een noodtoestand niet het enige kan zijn wat het kabinet bijeenhoudt”. Volgens aftredend minister Bellanova kijkt het kabinet onvoldoende naar manieren om uit de economische en sociale problemen door de pandemie te komen.

Vervroegde verkiezingen zijn onwaarschijnlijk. De coalitiepartijen vrezen daarbij voor verlies. Met name de Vijfsterrenbeweging, de grootste partij in het parlement, is het afgelopen jaar in de peilingen veel steun kwijtgeraakt door interne verdeeldheid en een onduidelijke koers.

Dat heeft ook de daadkracht van het kabinet en van de partijloze premier Conte aangetast. Tijdens de eerste golf van de pandemie groeide Conte in zijn rol en kreeg hij veel respect. Nu groeit de kritiek, ook binnen de coalitie, omdat hij voortdurend probeert politieke problemen op te lossen met uitstel, koerswijzigingen en vaagheid.

In deze moeilijke periode „moeten we problemen oplossen, niet verbergen”, zei Renzi woensdag.