Opinie

De rechtsbescherming verdwijnt voor onze ogen

Maxim Februari

In mijn argeloosheid dacht ik dat regering en Tweede Kamer na de Toeslagenaffaire zouden gaan nadenken over besturen met data. Bovendien dacht ik dat ze niet weer nonchalant met een datawet zouden komen nadat de rechter in februari 2020 het gebruik van het antifraudesysteem SyRI had verboden. Het werd me van alle kanten verzekerd. „De boodschap van de Toeslagenaffaire en SyRI is aangekomen.” Maar nee.

In december heeft de Tweede Kamer vrij onopgemerkt een nieuwe datawet goedgekeurd, de Wet Gegevensverwerking door Samenwerkingsverbanden. „Dat de Tweede Kamer deze vergaande wet (vol data- en uitvoeringsrisico’s) aanvaardt op de dag dat ze haar bevindingen over de kinderopvangtoeslagenaffaire presenteert, is zorgelijk”, schreef D66-parlementariër Kees Verhoeven op Twitter. Dat „zorgelijk” is een keurig D66-woord en de beschaving ervan bevalt me, laat ik het overnemen.

Het is zorgelijk dat de nieuwe wet de overheid de vrije hand geeft: ze mag alle gegevens uit publieke en private bronnen aan elkaar koppelen. Eigenlijk moet een wet het specifieke doel noemen waartoe ze bevoegdheden aan overheden verleent, maar van zo’n doelbinding is hier nauwelijks sprake. Anything goes.

De Raad van State was eerder dan ook uitermate negatief over het wetsvoorstel. De wet belooft weliswaar dat aan de toepassing later grenzen worden gesteld, in lagere wetgeving, maar dat gaat dan buiten het parlement om en druist daarmee in tegen de Grondwet. De Raad van State had bovendien geadviseerd de boel op te knippen en een aparte wet te maken voor ieder samenwerkingsverband, zodat controle erop mogelijk is. Niet gebeurd.

Waarom is dit belangrijk? Omdat hier van alles fundamenteel aan het veranderen is. In het vonnis over SyRI oordeelde de rechter dat burgers hun data moeten kunnen volgen. Ze moeten gegevens kunnen corrigeren en zich verweren tegen de manier waarop die worden beoordeeld. Door het gebruik van dataverzamelingen met onbekende oorsprong wordt dat onmogelijk.

Trouw schreef dit weekend over het Inlichtingenbureau dat data voor overheden verzamelt en interpreteert. De directeur van onderzoeksnetwerk Kafkabrigade merkte op dat burgers meestal geen idee hebben wie hun gegevens allemaal in huis hebben en hoe ze die kunnen opvragen. Door „de lappendeken aan stichtingen die persoonsgegevens verwerken” wordt het steeds moeilijker je te verdedigen en beschikking te krijgen over je eigen dossier. Tot zover punt één: gegevens.

Punt twee is de automatisering van regels. Marlies van Eck schreef een proefschrift over rechtsbescherming bij geautomatiseerde ketenbesluiten; in een interview met het tijdschrift AG Connect zegt ze dat aan die overheidsbesluiten meestal geen mens meer te pas komt. Hoe kun je de definities en de keuzes in de programmatuur dan aanvechten bij de rechter?

Een rechter kan de programmeertaal en de natuurlijke taal niet in zijn eentje heen en weer vertalen. Er moet toezicht op komen, maar Van Eck zegt dat ze bij de automatisering van menselijke overheidstaken nog nooit structurele toezichthoudende activiteiten heeft gezien. „Terwijl de ontwikkeling van computerbesluiten al twintig of misschien wel dertig jaar aan de hand is. Dat maakt mij niet zo optimistisch voor de toekomst.”

Wat is dan wel nodig voor die toekomst? Er verandert van alles op zeer fundamenteel niveau: de trias politica wankelt nu de uitvoering dominant wordt, het legaliteitsbeginsel wankelt nu regels niet meer te doorzien zijn en het principe van doelbinding wordt losgelaten. De rechtsbescherming verdwijnt op hoog tempo en veel politieke partijen zijn nog niet begonnen hierover na te denken.

Zelfs de PVV, die terug wil naar de „oer-Hollandse gezelligheid”, stemt voor de nieuwe wet en stuurt haar aanhang zo onbeschermd de vrieskou van de eenentwintigste eeuw in. Ik pleit hier zelf niet voor conservering van het oude – voor mijn part schaf je de Grondwet en de trias politica af. Maar dan zul je wel iets geniaals moeten verzinnen om te voorkomen dat burgers massaal rechteloos worden.

Helemaal omdat ook de democratie begint te schuiven en minder bescherming biedt. Overheden delen gegevens met bedrijven die daardoor het bestuur overnemen – de nieuwe wet is er een voorbeeld van. Landen maken zich met dataverzamelingen kwetsbaar voor invloed van andere landen. Boze burgers dwingen hun doel niet langer af via de politiek maar via sociale media. Dit alles voert weg van het democratische bestuur.

Best leuk, natuurlijk, dat alles overhoop gaat. Maar het stemt niet optimistisch, het is, wat was het woord ook weer, zorgelijk, dat regering en parlement de oude waarborgen afschaffen, zonder zichtbaar te zoeken naar nieuwe.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.