Profiel

Roger Schmidt is bepalend in veel, zo niet alles bij PSV

Voetbal Als ingenieur werkte Roger Schmidt in de auto-industrie, voor hij uitgroeide tot een veelbelovende trainer. Zondag wacht de test voor ‘zijn’ PSV tegen Ajax.

Roger Schmidt (tweede van links) deze week bij een training van PSV.
Roger Schmidt (tweede van links) deze week bij een training van PSV. Foto Pieter Stam de Jonge/ANP

Met een laptop en een usb-stick vol met filmpjes rijden Toon Gerbrands en John de Jong naar Düsseldorf. Het is begin januari, 2020. PSV staat die weken in brand, in de nasleep van het ontslag van coach Mark van Bommel. Maar Gerbrands en De Jong, respectievelijk algemeen directeur en technisch manager, proberen die crisisperiode – met veel nederlagen, kritiek en zelfs bedreigingen – achter zich te laten.

Ze weten al snel wie ze in het nieuwe seizoen als coach willen. Voor cruciale functies liggen altijd schaduwlijstjes klaar bij PSV, doorlopend worden mensen ‘gescout’ voor het geval iemand wegvalt. Boven aan de lijst met mogelijke coaches staat de Duitser Roger Schmidt, een van de meest veelbelovende trainers in het Europees voetbal. Kleine kans dat PSV hem kan contracteren, als club in de Europese middenmoot. Toch willen Gerbrands en De Jong het proberen.

Schmidt, van huis uit ingenieur, begon op zijn 37ste als trainer in het Duitse amateurvoetbal en werkte zich vanuit de zesde divisie op tot de top. In 2017 vraagt de KNVB hem als bondscoach voor Oranje, en ook Ajax polste hem. Begin vorig jaar is hij werkloos, na een zeer lucratief avontuur bij de Chinese club Beijing Guoan. Als PSV hem rond de jaarwisseling benadert om af te spreken, zegt hij: is goed, kom maar.

De setting is gemoedelijk, bij hem thuis in Düsseldorf. Schmidts vrouw Heike zit er in het begin ook bij. Een grote, vers gebakken appeltaart staat klaar op tafel, waarmee Schmidt extra punten scoort bij fijnproever Gerbrands. Over de ploeg en spelers wordt nog nauwelijks gesproken – het gesprek is vooral bedoeld om elkaar te leren kennen, vertrouwen te krijgen, opvattingen te delen.

Het klikt. Schmidt vertelt dat hij jarenlang in Paderborn werkte als ingenieur in de fabriek van Benteler Automotive, een toeleverancier voor de auto-industrie. Tot hij fulltime trainer werd, was hij daar verantwoordelijk voor de gehele productieketen. Gerbrands ziet parallellen met zijn eigen carrière; als HTS’er verkeerstechniek mag hij zich eveneens ingenieur noemen, en in zijn tijd als volleybalcoach had hij er net als Schmidt een reguliere baan naast.

Bovenop zijn spelers

Schmidt (53) is ogenschijnlijk rustig. Correct, beleefd, bedachtzaam. Een gentleman. Maar dat is deels schijn. Achter de schermen, en tijdens trainingen, kan hij keihard zijn. Veeleisend en compromisloos: je moet mee in zijn plannen, anders is het beter om te vertrekken. Hij is temperamentvol, werd al eens vijf duels geschorst na aanmerkingen op de arbitrage.

Hij zit bovenop zijn spelers. „Ze moeten voortdurend opnieuw bespeeld worden”, zegt hij in Roger Schmidt - het boek van een trainer (2020). „Dat je ze als trainer niet op de zenuwen moet werken, zie ik als onjuist. Dat moet je juist wel doen. Zodra je ze met rust laat, worden ze slechter. Hun concentratie- en opnemingsvermogen kun je trainen. Op een gegeven moment zijn ze in staat om de inhoud van een wedstrijdbespreking die vijftig minuten duurt in zich op te nemen.”

Roger Schmidt kan tijdens trainingen keihard zijn. Veeleisend en compromisloos. Foto Pieter Stam de Jonge/ANP

Hij maakt naam als coach door zijn soms extreme en vernieuwende spelfilosofie: vol op de aanval, in hoog tempo, met veel diepgang en snelle, directe combinaties. En bij balverlies moet collectief agressief druk worden gezet om de bal zo snel mogelijk te heroveren. Het is die overrompelende, energieke speelwijze waarmee hij Ajax, onder leiding van Frank de Boer, in 2014 afbluft met Red Bull Salzburg in de Europa League: over twee duels winnen ze met 6-1.

Hoe „extremer en consequenter” ze dit speltype uitvoerden, „hoe groter de kans op succes” zegt hij in zijn boek. De jaren bij Salzburg (2012-2014) vormden hem als coach, na drie clubs op lager niveau in Duitsland. Hij komt in Oostenrijk te werken onder Ralf Rangnick, die wordt gezien als pionier van een nieuwe, moderne lichting Duitse trainers. Het voelde als „een laboratorium”, zegt Schmidt. „Iedere vooruitgang in de speelwijze was een aansporing om de grenzen verder te verleggen.”

Zo ziet Schmidt de aftrap als een mogelijkheid om direct te scoren, vergelijkbaar met corners en vrije trappen, vertelt de Nederlandse zaakwaarnemer Sunir Patel, die hem begeleidde rond zijn overstap naar China. „Toen hij dat zei, realiseerde ik me: deze man denkt op een heel ander level over voetbal.” In zijn eerste duel als coach bij Bayer Leverkusen, in 2014, scoorde zijn ploeg via een razende combinatie na negen seconden, het snelste doelpunt ooit in de Bundesliga.

Hij wilde helemaal geen trainer worden. Maar in 2004 bleef de voorzitter van amateurclub Delbrücker SC hem maar bellen of hij het toch niet wilde doen. Een ‘naam’ als speler had hij niet. Schmidt, geboren in het West-Duitse Kierspe, speelde verdienstelijk – als semi-prof. Mensen zagen in hem een coach, omdat hij bij veel teams de informele leider was.

Romario en Ronaldo

Gerbrands en De Jong hebben hun bezoek tot in detail voorbereid. Ze laten Schmidt filmpjes zien van het vernieuwde jeugdcomplex, de samenwerking met Nederlandse topbedrijven en de clubhistorie, met beelden van Romario, Ronaldo en Ruud van Nistelrooij. Wat Schmidt vooral aanspreekt is dat PSV deze eeuw Ajax achter zich houdt – tien landstitels om zeven. Bij PSV kan je prijzen winnen, ziet hij.

Na drie uur nemen ze afscheid. Al snel volgen nieuwe gesprekken. Dat een lastige opdracht wacht, wordt Schmidt duidelijk als hij een zwak PSV februari 2020 ziet verliezen bij Ajax. Schmidt is met zijn dochter, die in Amsterdam studeert, in de Johan Cruijff Arena omdat hij ze een keer live wil zien. Niemand merkt zijn bezoek op – onder een andere naam had PSV kaartjes voor hem geregeld.

Tijdens een lunch in sterrenrestaurant De Treeswijkhoeve in Waalre, bij de vierde ontmoeting, komt het rond. Het is fraai werk van de PSV-directie: ze halen een coach die ook begeerd wordt door clubs die aanzienlijk meer kunnen betalen, zoals AC Milan en een Premier League-club. Maar het gegeven dat hij bij PSV om prijzen kan spelen is voor hem cruciaal. En een pluspunt is dat hij in Eindhoven op ruim een uur rijden van Düsseldorf zit, dicht bij zijn vrouw.

Als voorwaarde stelt Schmidt wel dat hij Jörn Wolf mee mag nemen, zijn vertrouwenspersoon en adjudant waar hij al jaren mee samenwerkt. Wolf zorgt dat hij zich primair op het voetbal kan richten, regelt alle randzaken. Ook wil Schmidt in plaats van wekelijks maar één keer per maand uitgebreid vergaderen met de directie. Dat geeft meer diepgang, vindt hij. En lopende zaken worden toch wel besproken.

Lees ook: Hoe de Amerikanen oprukken in het Europees voetbal

Bij PSV valt op dat voor de trainingen Schmidt zelf de oefeningen uitzet met pionnen – waar de meeste coaches dit overlaten aan een assistent. Dit doet hij, vertelt Gerbrands die hem hier naar vroeg, omdat hij dan kan inbeelden hoe de oefening gaat verlopen. Hij kan het tijdig aanpassen: een pion een meter naar voor of achter zetten kan net het verschil maken.

Hierin speelt zijn verleden als werktuigbouwkundige mee. Hij heeft veel ervaring opgedaan bij het managen en opbouwen van productieprocessen, zegt persoonlijk assistent Wolf in de ESPN-documentaire Kapitel Schmidt. „Bij veel dingen heeft hij een technische insteek. Dat helpt hem om zijn eigen structuur te vinden.”

Botsing van speelstijlen

Hij is bepalend in veel, zo niet alles bij PSV. Zoals bij het aantrekken van spelers; de Duitse internationals Mario Götze en Philipp Max kwamen voor een belangrijk deel vanwege hem. Intern is men zeer te spreken over Schmidt (53). Al is een revolutionair speltype, op enkele goede fases na, nog uitgebleven. „De verwachtingen waren zo hoog toen hij kwam, ze dachten bijna dat hij kon toveren”, zegt voormalig PSV-speler Arnold Bruggink. „Die extreme speelwijze die hij bij Salzburg en Leverkusen liet zien, is er ook wel een beetje uit”, zegt Bruggink.

In sommige wedstrijden voor de winterstop koos Schmidt voor meer controle. In een online nieuwjaarsshow liet aanvoerder Denzel Dumfries deze week doorschemeren dat het de ploeg moeite heeft gekost om zich aan te passen aan Schmidts speltype. Hierin wordt ook van aanvallers geëist dat zij veel vuile meters maken, bij het opjagen van tegenstanders. „Dat vroeg een andere mindset van ons”, zei Dumfries. „We waren meer gewend om wat in te zakken of wat compacter te spelen.”

Daar zit voor een deel de botsing tussen de ‘oude’ Hollandse school en de moderne Duitse denkwijze. „Onze Nederlandse opleiding is gericht op veel balbezit en met positiespel naar voren komen”, zegt David Mendes da Silva, in 2012 een half jaar aanvoerder onder Schmidt bij Salzburg. „Daar is hij ook van, maar als jij een bal diep kan spelen, recht naar voren, dan hamert hij erop dat je dat ook doet. En daar de spelers ook op instelt: dat ze die sprints in de diepte maken.”

Interessant in deze discussie is de kwestie rond het talent Mo Ihattaren (18). Die werd door Schmidt weggestuurd van een training, omdat zijn instelling niet goed was – hij was ‘ongemotiveerd’. Ook zou hij te zwaar zijn geweest. Terwijl de speelwijze van Schmidt juist is ingericht op sprints en omschakelmomenten. Er bestonden grote twijfels of Ihattaren daarin wel meekon, of beter: meewilde.

Inmiddels heeft Ihattaren die omslag gemaakt, hij levert de (trainings)arbeid die gevraagd wordt. Betrokkenen prijzen Schmidt hoe hij dit heeft gemanaged: Ihattaren weer in het gareel zonder dat hij gezichtsverlies heeft geleden, en tegelijkertijd een les geleerd. „Hij is in dit soort zaken heel straight”, zegt Mendes da Silva. „Op een eerlijke manier, niet om spelers kapot te maken.”

Door de economische waarde die spelers vertegenwoordigen kan het „niets ontziend” benoemen van gedragingen „kapitaalsvernietiging” betekenen voor clubs, zegt Schmidt in zijn boek. „Zodoende worden de spelers ook op zekere wijze beschermd door de zakelijke kant van het voetbal.” Dat kapitaalverlies vreesden critici ook in het geval Ihattaren. Maar van dat soort factoren trekt Schmidt zich dus niets aan.

Het illustreert hoe „onafhankelijk” hij opereert, zegt Bruggink. Ander punt is zijn opvallende wisselbeleid, met meerdere topspelers die soms ruim voor tijd worden vervangen. Idee is dat hierdoor zoveel mogelijk fitte spelers in het veld staan én bepalende spelers minder kans lopen op blessures door het volle programma. Bij-effect, zegt Bruggink, is dat al die wisselspelers ook het gevoel krijgen dat ze belangrijk zijn. „Er valt niemand buiten.”

Het moet zich zondag uitbetalen, bij koploper Ajax, dat één punt meer heeft. In het stadion waar Nederland bijna zeven jaar geleden voor het eerst kennismaakte met de wetten van Schmidt.