Recensie

Recensie Muziek

Mozart hoorde wel en niet bij de 18de eeuw

Biografie In zijn nieuwe biografie van Mozart probeert schrijver Jan Swafford de achttiende-eeuwse componist in zijn tijd te plaatsen. Dat kan nooit helemaal lukken.

Portret van Wolfgang Amadeus Mozart rond 1780 geschilderd door Johann Nepomuk della Croce.
Portret van Wolfgang Amadeus Mozart rond 1780 geschilderd door Johann Nepomuk della Croce. Foto Universal History Archive/Getty Images)

De arme tijdgenoten van Johannes Chrysostomus Wolfgangus Theophilus Mozart konden het nooit goed genoeg doen. Welke mate van erkenning en waardering zou volgens de latere generaties wèl afdoende zijn geweest om zo’n eenmalig fenomeen in de muziekgeschiedenis op waarde te schatten? Joseph Haydn begreep met wie hij van doen had in Mozart, die hij omschreef als „de grootste componist die ik persoonlijk of van reputatie ken.” Maar de meeste tijdgenoten schoten toch in meer of mindere mate tekort. De echte Mozart-verering ontstond pas in de eerste decennia na zijn vroege dood op 35-jarige leeftijd in december 1791.

Maar zo’n perspectief achteraf leidt ook tot vertekeningen. Mozart was ook al bij leven zonder twijfel een succesvol, gewaardeerd en goedbetaald componist. Hij zocht een eigen weg in de muziekwereld en heeft die ook grotendeels gevonden. Miskend was hij nooit. Dat hij in zijn latere jaren toch in geldnood kwam lag niet aan een gebrek aan erkenning. Daarvoor waren in de eerste plaats de tijdsomstandigheden verantwoordelijk: de Habsburgse keizer Jozef II begon in 1787 een desastreuze oorlog tegen de Turken. Dat had funeste gevolgen voor de economie en daarmee voor het Weense muziekleven.

Mozart was ook notoir slecht in het beheren van zijn financiën. Vader Leopold had wonderkind Mozart een uitmuntende muzikale opvoeding meegegeven en een goede algemene ontwikkeling. Maar hij had hem altijd buiten besluiten rond honoraria en carrière gehouden. Dat was geen al te beste voorbereiding voor Mozarts bestaan als freelance musicus in Wenen, waar hij zich in 1781 tegen de wil van zijn vader vestigde. In de stad gingen roddels rond over Mozarts gokverslaving – hij woonde enige tijd in een pand waarin een casino was gevestigd. Harde bewijzen daarvoor ontbreken.

De plaag van de freelancer

Volgens Mozarts jongste biograaf Jan Swafford was het probleem niet zozeer geldgebrek, maar een haperende ‘cashflow’; „de eeuwige plaag van de freelancer.” Dat Mozart er maar niet in slaagde een vaste aanstelling te vinden als hofmusicus lag volgens Swafford aan hemzelf; Mozart was er een meester in om invloedrijke mensen tegen zich in het harnas te jagen. Hij hield de overtuiging van zijn eigen muzikale superioriteit slecht verborgen voor mindere goden.

Hieronymus von Colloredo was de aartsbisschop van Salzburg, die de geschiedenisboeken is ingegaan als de machthebber die Mozart middels een trap tegen zijn achterste de laan liet uitsturen. Colloredo was geen aangename man, maar naar de maatstaven van zijn tijd was hij geen onredelijke werkgever. Mozart wilde hoe dan ook weg uit zijn emplooi. Als wonderkind was hij te gast geweest in hofkringen in Wenen en Londen; hij had hij de paus ontmoet en een onderscheiding van hem ontvangen. De allerhoogste kringen waren van jongs af zijn natuurlijke omgeving geweest. Hij kon zich daarna nauwelijks meer schikken in een dienende rol.

Lees ook Wolfgang Mozart en zijn twee #MeToo-opera’s

Mozart wilde de bestaande maatschappelijke orde niet omver werpen, daar bestaan geen aanwijzingen voor. Maar hij wist heel goed wat hij waard was. De componist stuurde volgens Swafford welbewust aan op een breuk met Colloredo.

Swafford bouwt in zijn biografie Mozart. The Reign of Love voort op decennia nuchter musicologisch onderzoek, die de componist nadrukkelijk vanuit de omstandigheden van de achttiende eeuw wil begrijpen. Mozart was geen onbegrepen en demonisch genie dat op voet van oorlog leefde met de muzikale en maatschappelijke status quo. Dat heeft de romantische negentiende eeuw van hem gemaakt. Mozart leefde in een tijd met heel andere muzikale idealen, zoals goede smaak, balans, proportie, harmonie en universele zeggingskracht. Mozart was een componist van de Verlichting.

Een componist in de achttiende eeuw moest snel werken, en voor een publiek dat voldoende waardering had voor zijn composities om ervoor te willen betalen. Dat was de enige manier om te kunnen overleven. Mozart was in de eerste plaats een professional. Hij gebruikte zijn muziek niet om persoonlijke emoties tot uitdrukking te brengen.

De muziek van Mozart was ‘moeilijk’ en ‘complex’; daarover waren de tijdgenoten het eens

Dat laat Swafford met overtuigingskracht zien. Toch levert zo’n sterk historiserende aanpak ook problemen op. Mozart valt ook weer niet volledig samen met zijn eigen tijd. Dan zou hij misschien een componist zoals Salieri of Paisiello zijn geweest, maar geen Mozart. Zijn muziek staat ook bol van adembenemende schoonheid, mysterie, verlangen, diepgang, ernst – naast de nodige platte lust en humor.

Voorganger

Dat zijn waarden die helemaal niet zo gemakkelijk te vangen zijn in de geaccepteerde esthetiek van zijn tijd. De latere romantici, die in Mozart een groot voorganger zagen, projecteerden niet alleen hun eigen muzikale idealen terug op hem; ze herkenden ook iets in Mozarts muziek.

De tegenstelling tussen rede en emotie, tussen Verlichting en Romantiek, verdient relativering. De achttiende eeuw was niet alleen de eeuw van de rede, maar ook van de cultus van sentiment en gevoel. Niet alleen de adellijke hofcultuur zette de toon, maar ook het volkse straattheater, dat zich weinig gelegen liet liggen aan eisen van goede smaak. Mozart zette zijn bepoederde pruik niet voor niets af.

Swafford presenteert Mozart vooral als een theaterman, die allerlei verschillende rollen kon aannemen, en daardoor ongrijpbaar blijft. Niet alleen in zijn opera’s, maar ook in zijn instrumentale muziek. De muziek van Mozart was ‘moeilijk’ en ‘complex’; daarover waren de tijdgenoten het eens – ook de kenners die zijn werk hoog hadden zitten. Swafford toont ons de raadselachtige, complexe, onvoorspelbare en soms ronduit bizarre Mozart in zijn volle glorie. Dat hadden die tijdgenoten eigenlijk best goed gezien.