Flinke invloed industrie op onderzoek naar voeding

Sponsoring Bij veel onderzoek dat in gezaghebbende voedingstijdschriften verschijnt, is de industrie betrokken.

Een schap met chips in de supermarkt. Bij gesponsord voedingsonderzoek draait het vaker om voedingsstoffen dan om maatschappelijke problemen als obesitas.
Een schap met chips in de supermarkt. Bij gesponsord voedingsonderzoek draait het vaker om voedingsstoffen dan om maatschappelijke problemen als obesitas. Foto Harold Versteeg/Hollandse Hoogte

De industrie heeft een flinke vinger in de pap in wetenschappelijke voedingstijdschriften. De uitkomsten van studies waarbij de industrie betrokken was, zijn vaker gunstig voor die bedrijven dan bij artikelen zonder invloed van de industrie.

Dat blijkt uit onderzoek van Australische wetenschappers naar bijna vijftienhonderd artikelen die in 2018 werden gepubliceerd in tien gezaghebbende tijdschriften.

Bij 196 artikelen (13,4 procent) was sprake van betrokkenheid van de industrie, waarbij de Australiërs niet alleen keken naar voedselproducenten, maar ook naar organisaties die werken voor en betaald worden door de industrie. Meestal ging het om financiering van het onderzoek (61 procent) of om belangenconflicten van auteurs (42 procent). Alle tien onderzochte tijdschriften publiceerden studies die gelinkt konden worden aan de industrie. De hoogste scores hadden The Journal of Nutrition (63 procent van de artikelen) en The American Journal of Clinical Nutrition (37 procent).

Gunstige uitkomsten

Bij zes van de tien tijdschriften stelden de onderzoekers bovendien vast dat redacteuren banden hadden met de industrie. Vooral The Journal of Nutrition staat er gekleurd op: verschillende redacteuren en medewerkers krijgen geld van grote bedrijven als DSM, Danone en Bayer. Het tijdschrift heeft bovendien een lange lijst ‘partners’, waarin alle grote voedingsbedrijven van Nestlé en PepsiCo tot Mondelez en Cargill staan. Een ander tijdschrift, Nutrition Reviews, wordt uitgegeven door het International Life Science Institute (ILSI), dat betaald wordt door onder andere Coca-Cola, PepsiCo, McDonald’s en Mars, bedrijven die vooral ongezonde voeding produceren, zoals frisdrank, hamburgers en chocola.

Meer dan de helft van de studies waarbij de industrie betrokken was, had een uitkomst die gunstig was voor die bedrijven (56 procent) en dat was nog hoger als de auteurs zelf banden hadden met of direct gefinancierd werden door de industrie (66 procent). Van 196 willekeurig geselecteerde artikelen waarbij de industrie geen bemoeienis had, had minder dan 10 procent een positieve uitkomst. Bij ongunstige uitkomsten was het percentage bij beide groepen gelijk: 6 procent.

Dat onderzoek vaak gesponsord wordt, kwam niet als een verrassing voor Gary Sacks, hoogleraar obesitaspreventie aan de Australische Deakin University en onderzoeker bij de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), en zijn medeauteurs. Eerdere studies, waarvan die van de Amerikaanse Marion Nestle de bekendste zijn, lieten al zien hoe sterk de industrie het voedingsonderzoek beïnvloedt met commercieel gewin als doel en een ongezonde bevolking als resultaat. En in 2019 bleek bijvoorbeeld dat Coca-Cola onderzoekers laat ondertekenen dat het bedrijf publicatie van onwelgevallig onderzoek kan tegenhouden. In augustus meldde consumentenorganisatie Foodwatch dat negen Nederlandse wetenschappers nauwe banden hebben met de suikerindustrie die ze niet altijd melden.

Effect koolzuur op darmen

Het onderzoek van Sacks maakt niet specifiek melding van Nederlandse onderzoekers of universiteiten. Maar Nederlands onderzoek wordt vaak gesponsord. Zo stond in The Journal of Nutrition in 2018 een Maastrichtste studie naar eiwitsupplementen, betaald door Nutricia, uitgevoerd door onderzoekers die ook honoraria ontvingen van Nutricia, FrieslandCampina en PepsiCo. Een Wagenings onderzoek naar het effect van koolzuur in dranken op de maag en hersenactiviteit werd door Heineken betaald.

Het percentage artikelen waarbij de industrie betrokken was, kan in werkelijkheid hoger zijn, schrijven de Australiërs. Voedingsonderzoek wordt in veel meer tijdschriften gepubliceerd en alleen de artikelen waarbij de betrokkenheid transparant was, zijn geteld.

Over de kwaliteit van de onderzochte artikelen doen de Australiërs geen uitspraak. Ze stellen wel dat vooringenomenheid op de loer ligt. Bij gesponsord voedingsonderzoek draait het vaker om voedingsstoffen dan om maatschappelijke problemen als obesitas. „Het is belangrijk om manieren te vinden om de integriteit van onderzoek in gezaghebbende voedingstijdschriften te optimaliseren en ervoor te zorgen dat onderzoek naar volksgezondheid voorrang krijgt.”

Correctie: de Wageningse studie bekeek de maag, niet de darmen. Dit is aangepast.

Lees ook: Wat brengt de voedingswetenschap ons nog, behalve verwarring?