Analyse

De wendbaarheid van De Jonge wordt gezien als zwabberbeleid

Vaccinatiestrategie Weer moet het vaccineren anders. Minister De Jonge probeert de angel uit het debat te halen door toe te geven dat het beter had gekund.

Minister Hugo de Jonge staat de pers te woord. De vaccinatie van de eerste groep mensen wordt toch vervroegd.
Minister Hugo de Jonge staat de pers te woord. De vaccinatie van de eerste groep mensen wordt toch vervroegd. Foto Phil Nijhuis

De eerste prikken waren voor de verpleeghuisbewoners. Of nee, voor hun zorgverleners. Wacht, het ziekenhuispersoneel gaat tóch voor. Het Nederlandse vaccinatieplan veranderde afgelopen weken soms met de dag. Maandag kwam daar het nieuws bij dat Nederland toch eerder met vaccineren begint. Door grote politieke en maatschappelijke druk worden de eerste prikken komende woensdag – en niet pas vrijdag – gezet bij zorgpersoneel door de GGD in Noord-Brabant.

Terwijl de rest van Europa al volop bezig lijkt met vaccineren loopt het debat over de Nederlandse strategie én startdatum tot het allerlaatste moment door. Deze dinsdag onderbreekt de Tweede Kamer het kerstreces voor een debat met minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) en premier Mark Rutte (VVD). Zo begint het politieke jaar 2021 zoals het in 2020 was geëindigd: met een debat over vaccineren. In de tussentijd nam de irritatie over het handelen van Hugo de Jonge toe – in de coalitie en oppositie.

Die was er ook al in het laatste Kamerdebat vlak voor Kerst. Toen lag De Jonge onder vuur omdat Nederland later dan andere EU-landen zou beginnen met vaccineren. Volgens de minister kwam dat omdat Nederland „zorgvuldig” te werk ging. Hij noemde de inentingen vanaf eind december in andere Europese landen „symbolisch”. Een week later beginnen maakte „in de kern” geen verschil.

Maar de beelden van vaccinaties in vele andere Europese landen waren rond de feestdagen ook op de Nederlandse televisie te zien en vergrootten het ongeduld. Daarbij ging het ook niet om louter symbolische aantallen, in Duitsland zijn al bijna 240.000 mensen geprikt.

Lees ook dit artikel over de Nederlandse vaccinstrategie: Het vaccineren begint: wie is wanneer aan de beurt?

Ongeduld en ongenoegen

In een Kamerbrief gaf De Jonge maandag toe dat de voorbereiding niet goed is gelopen. „Ik kan nu vaststellen dat we onvoldoende wendbaar zijn gebleken”, schreef de minister. Hij had de GGD’s „eerder kunnen vragen de systemen in gereedheid te brengen”. In gesprek met de pers zei de minister dat het vaccineren dan ook „een paar dagen eerder” had kunnen plaatsvinden.

PvdA-leider Lodewijk Asscher noemt de aanvankelijke uitspraken van De Jonge „volstrekt verkeerd”. „Het gaat over heel veel extra mensen die ziek worden. Bij ons liggen de vaccins nog in vriezers in Brabant terwijl een nóg besmettelijker variant van het virus rondgaat.” SP-Kamerlid en zorgwoordvoerder Maarten Hijink betreurt het vooral dat de verpleeghuisbewoners moeten wachten, terwijl de Gezondheidsraad adviseerde met deze kwetsbare groep te beginnen. „Leg ons nog maar eens uit waarom het Duitsland wel lukt hen met mobiele teams te vaccineren.”

Het ongeduld en ongenoegen klinkt niet alleen bij de oppositie. Het vaccinatiebeleid van De Jonge straalt ook af op de coalitie en dat wordt daar drie maanden voor de verkiezingen gezien als een groot probleem. Wat niet hielp zijn de vele persoonlijke mediaoptredens van een al dan niet zingende De Jonge de afgelopen weken. Ongepast in een tijd waarin het coronavirus zo huishoudt, vinden oppositie- en coalitiepartijen.

Debat zonder fatale afloop

Zo wordt het opnieuw een zwaar debat voor De Jonge, maar naar het nu lijkt zonder fatale afloop. De Jonge nam in zijn Kamerbrief een voorschot op de kritische Kamer door zelf toe te geven wat hij anders had kunnen doen en deed er politiek slim aan afgelopen weekend gehoor te geven aan de oproep van ziekenhuizen om ook hun personeel snel in te enten. Daarvoor hadden ook verschillende oppositiepartijen al gepleit. Tegelijkertijd blijft het beeld bestaan dat De Jonges ministerie voor de zoveelste keer deze coronacrisis onvoldoende regie heeft. Waar De Jonge zichzelf verdedigt door te zeggen dat hij steeds „wendbaar” moet blijven, zien veel partijen de vele tussentijdse wijzigingen aan het vaccinatieplan als zwabberbeleid.

Ondanks de kritiek lijkt de linkse oppositie in het debat dinsdag niet aan te sturen op een motie van wantrouwen tegen De Jonge. Een ingewerkte minister nu wegsturen terwijl het probleem ook bij zijn ministerie en het kabinet ligt is niet logisch, valt te horen. Asscher: „De verloren vaccinatietijd halen we er niet mee in. Het kabinet heeft de zware taak de Kamer te overtuigen dat er lessen worden getrokken voor het vervolg.”

De grote afwezige in het vaccinatiedebat tot nu toe is premier Mark Rutte (VVD). Hij kreeg in het vorige debat geen enkele vraag, maar dat zal dinsdag als het aan de oppositie ligt anders zijn. Plat gezegd: Hugo de Jonge is geen lijsttrekker meer voor het CDA en drie maanden voor de verkiezingen daarom minder interessant om de pijlen op te richten dan op VVD-lijsttrekker Rutte.

Vaccinatiestrategie pagina 4-5