Journalistiek Jaarverslag 2020 De redactie van NRC brengt jaarlijks een journalistiek jaarverslag uit, waarin wij verantwoording afleggen over wat wij met uw abonnementsgeld doen.

Vertrouwen

NRC Journalistiek Jaarverslag 2020

NRC-journalistiek vanaf honderden thuisredacties

In het journalistiek jaarverslag vragen we traditiegetrouw de chefs op de redactie de balans op te maken. Ook dit jaar is er veel onderzoek om trots op te zijn. Over uiteenlopende onderwerpen als TikTok, dataverzameling door de strijdkrachten, Booking.com en de (toekomstige) problemen met duurzame energievoorziening, onder meer door de bouw van enorme datacenters in de polder.

Maar net als in de rest van het leven lukt in de journalistiek niet alles wat je wilt. Aan het begin van 2020 nam ik mij voor dat we in dit journalistieke jaarverslag ook zouden benoemen welke plannen niet lukten. Ook dat hoort bij de balans.

Nog geen twee maanden later had het coronavirus SARS-CoV-2 zo’n beetje alle plannen veranderd.

Vanaf half maart waren honderden thuisredactietjes de uitvalsbasis voor onze verhalen, in plaats van de redacties in Amsterdam en Den Haag. Wat betekende dat journalistiek?

Op de redactievloer heb je elkaar vooral nodig aan het begin en aan het einde van het onderzoek. Eerst om ideeën scherper te krijgen. Als publicatie van een verhaal nadert, komt er weer veel samenwerking en coördinatie bij kijken. We hebben geleerd dit alles op afstand van elkaar te doen.

Dat is niet voor iedereen nieuw. Zo hebben correspondenten in het buitenland veel ervaring met werken op afstand. Na een paar weken collectief thuiswerken vertelde correspondent Melle Garschagen vanuit het Verenigd Koninkrijk in een videobespreking hoe hij daarmee omgaat.

Het aantal abonnees steeg tot recordhoogte, naar ruim 291.000

Onze wetenschapsredactie kwam in het hart van de redactie te staan en wist met gezag ruimte te geven aan onzekerheid. Want over SARS-CoV-2 en de bestrijding ervan bestonden veel meningen, maar heel lang weinig harde kennis. Hoe onbevredigend dat ook was.

Ons werk veranderde en bleef tegelijk hetzelfde. De Haagse redactie ging achter politici aan die letterlijk uit het zicht verdwenen, terwijl ze ingrijpende besluiten namen. Onze zorgredacteuren herkenden aan het coronafront in zorginstellingen vertrouwde kwesties. Zoals de kwetsbaarheid van een zorgstelsel dat is ingericht op maximale efficiëntie. Van-alles-net-genoeg was niet meer genoeg.

Foto Andreas Terlaak

Voor de sportredactie vielen de grote evenementen in de zomer weg, zoals de Olympische Spelen. Maar veel onderzoeksprojecten lukten wel, onder meer naar ervaringen met racisme in het voetbal en het wegkijken van de risico’s op hersenschade in de sportwereld. Cultuur vond zichzelf, zonder voor- en tentoonstellingen, opnieuw uit, met veel liefde voor de cultuur.

Chefs van alle deelredacties vertellen u in dit jaarverslag hoe corona hun werk veranderde, wat er toch lukte en ook niet, waar ze achteraf over twijfelen of welke ambitie nu toch echt voor volgend jaar is.

In grote lijn is het de redactie in mijn ogen gelukt de actualiteit van het moment te combineren met structurele aandacht voor de vragen van onze tijd, van klimaatverandering tot Black Lives Matter.

Vaak verstrengelden thema’s zich met corona, dat tendensen versterkte. De groeiende zorgen over sociale ongelijkheid in binnen- en buitenland. In een Chinaweek onderzochten we hoe ver deze wereldmacht reikt. Maar we kwamen niet aan alles toe wat we wilden.

We waren trots te merken dat we veel lezers en luisteraars konden helpen zich te oriënteren in de vloed van informatie. Het aantal abonnees steeg naar recordhoogte, naar ruim 291.000. Sinds dit jaar volgt meer dan de helft van onze abonnees bovendien onze journalistiek grotendeels digitaal. Een mijlpaal.

Elk abonnement zien we als teken van vertrouwen in onze journalistiek. Niet dat wij denken of verwachten dat u dan kritiekloos aanneemt wat wij u vertellen – gelukkig doet u dat ook niet. Wij zijn er juist voor mensen die graag nadenken, en zelfbewust informatie verzamelen.

Dat is ingewikkelder geworden. Want hoe meer informatie, des te wankeler de zekerheden. Meer kennis maakt de werkelijkheid complexer. Wie en welke informatie kun je vertrouwen? Sociale media versterken emoties, vooral woede en verontwaardiging. Vaak gaat dat gepaard met fake news. Amerika, anker van de liberale democratie, liep daarin onder president Donald Trump voorop.

Hoofdredactie NRC

Hoofdredactie NRC: Harrison van der Vliet, Monique Snoeijen, René Moerland en Elske Schouten.

Foto’s Andreas Terlaak

In zekere zin was het daarom een goed jaar om ons vijftigjarige jubileum te vieren. Op 1 oktober 1970 bevatte de eerste editie van NRC Handelsblad een beginselverklaring die nog altijd een uitstekend kompas vormt voor de NRC-journalistiek.

Daarin staat verwoord hoe belangrijk het streven naar waarheidsvinding voor ons is. Gedreven door eerbied voor feiten en de standpunten en kennis van anderen. Juist nu helpt die houding om emoties om te zetten in redelijke, doordachte en doorvoelde standpunten. Met onze verslaggeving kun je voor de meningsvorming nog alle kanten op – en dat blijkt ook vaak uit uw reacties.

Zulke journalistiek vraagt ook vernieuwing, aanpassing aan de ‘geest der eeuw’. Podcast is een geschikt medium gebleken om verhalen dichtbij te brengen, maar ook om journalistieke afwegingen te laten zien. Wat maakte de verslaggever nieuwsgierig, hoe ga je te werk? Waar zit de twijfel? Openheid daarover helpt bij het beoordelen welke informatie je waarom kunt vertrouwen.

Hoe meer informatie,
des te wankeler de zekerheden

Al enkele jaren groeit NRC als audiomerk. Een groeiend en overwegend jong publiek luistert elke dag naar één verhaal in NRC Vandaag, of op woensdag naar een wetenschapsverkenning in Onbehaarde Apen, in het weekend politiek in Haagse Zaken.

Om podcast naar het hart van onze journalistiek te brengen, lanceerden we eind september de app NRC Audio. Daar vindt u een groeiend aanbod bijzondere audioverhalen, zoals de NRC-series Cocaïnekoorts, De Keerzijde (over sporters met tegenslag) en het intieme Hans, een aangrijpend verhaal over het lange afscheid nemen van een alzheimerpatiënt.

Nieuw is dat we u in NRC Audio ook gidsen naar de beste, mooiste en spannendste podcasts van andere media en makers. Daarmee hopen we de liefde voor journalistieke verhalen van uitmuntende kwaliteit te versterken. Want daar geloven we in. En dat willen we met u delen.

René Moerland
hoofdredacteur

NRC Audio: begin met luisteren

Al ruim drie jaar kunt u NRC naast lezen ook beluisteren. Wat begon met één wekelijkse podcast, is inmiddels uitgegroeid tot een steeds breder wordend aanbod aan journalistieke audio. De ruimte die het medium biedt om in- of juist uit te zoomen, te reflecteren en te duiden past bij NRC. We zijn dan ook trots te kunnen constateren dat onze podcasts erin slagen een jong, betrokken publiek te bereiken.


In oktober van dit jaar hebben we een belangrijke, volgende stap gezet. Met de lancering van NRC Audio beschikken we over een eigen, speciaal ingerichte omgeving voor audiojournalistiek van onszelf én van anderen. Een app, waarin wij uw gids zijn naar de beste, mooiste, spannendste en meest bijzondere journalistieke podcasts uit binnen- en buitenland.

NRC Audio helpt ons ook om journalistieke audio toekomstbestendig te maken. Wij geloven dat dit voor alle makers van podcasts een belangrijke opgave is. Op dit moment zijn het de platforms van grote techbedrijven die de markt in handen hebben. Dat is een kwetsbare positie die schadelijk kan zijn voor de journalistiek.

Als abonnee heeft u automatisch toegang tot NRC Audio. Bezoek daartoe nrc.nl/audio.

Harrison van der Vliet
  • NRC Vandaag

    In NRC Vandaag hoort u elke werkdag hét verhaal van de dag, verteld door onze beste journalisten. De presentatie is in handen van Thomas Rueb en Floor Boon.

  • Haagse Zaken

    Iedere week bespreekt onze politieke redactie in Haagse Zaken wat er speelt op- en om het Binnenhof. De presentatie is in handen van politiek redacteur Lamyae Aharouay.

  • Onbehaarde Apen

    Onbehaarde Apen is onze wekelijkse wetenschapspodcast. Lucas Brouwers, Hendrik Spiering en Gemma Venhuizen bespreken kleine ontdekkingen, wilde theorieën, wereldschokkende inzichten en alles wat daar tussenin zit.

  • Future Affairs

    In Future Affairs voeren Wouter van Noort en filosoof Jessica van der Schalk goede gesprekken met pioniers en denkers die maar een ding voor ogen hebben: een betere toekomst.

  • Cocaïnekoorts

    Hoe kon een Marokkaanse jongen uit het Utrechtse Vianen uitgroeien tot internationaal gezochte drugsbaron? Een verhalende serie over de cocaïnekoorts die de Nederlandse onderwerld in zijn greep houdt.

  • Hans

    Op 65-jarige leeftijd krijgt Hans Goebertus, een vrolijke verwarmingsmonteur uit Amsterdam, de diagnose alzheimer. In de vijfdelige serie ‘Hans’ volgt NRC hem vijf jaar lang in zijn leven dat hem langzaam ontglipt.

  • De Post

    Een korte serie over het Amerika van nu. Hoe organiseer je de democratie tijdens een pandemie? En hoe ga je als land om met een president die bij voorbaat het resultaat van die verkiezingen al in twijfel lijkt te trekken?

  • De Keerzijde

    Hoe ga je om met verliezen in een wereld waarin winnaars als helden worden vereerd? In de serie ‘De Keerzijde’ volgen we bekende topsporters, die na jaren intensief trainen op het ultieme moment hebben verloren.

  • NRC Luistercolumns

    Liever luisteren naar Marcel van Roosmalen of Japke-d. Bouma? Dat kan via deze wekelijkse luistercolumns.

Journalistieke prijzen 2020

De Tegel

Clara van de Wiel en Hugo Logtenberg kregen de Tegel in de categorie Achtergrond toegekend voor de productie ‘Bij hoogleraar B. moesten de vrouwen hakken dragen’.

Kees Versteegh en Jannie Schipper wonnen met Ben Meindertsma en Lex Runderkamp (beiden NOS) de Tegel in de categorie Nieuws voor de productie ‘Nederlandse luchtaanval in Irak veroorzaakte zeker zeventig burgerdoden’.

Fotograaf Ilvy Njiokiktjien en Elze van Driel, Nina van Hattum, Tim Hoogendijk, Benjamin Kat, Heleen Peeters, Emmelien Stavast, Natalia Toret, Miriam Vieveen en Hannah Vischer (videoteam van NRC) wonnen de Tegel in de categorie Online voor de productie ‘Born Free: de ‘kinderen van Mandela’’.


Anne Vondelingprijs

Petra de Koning kreeg de Anne Vondelingprijs, die jaarlijks wordt toegekend aan een journalist die de Nederlandse politiek inzichtelijk weet te maken.


De Loep

Kees Versteegh en Jannie Schipper wonnen met Ben Meindertsma en Lex Runderkamp (beiden NOS) De Loep in de categorie Opsporende Onderzoeksjournalistiek, voor de productie ‘De Nederlandse ‘precisiebom’ op een wapendepot van IS’.


Journalist voor de Vrede

Carolien Roelants werd uitgeroepen tot Journalist voor de Vrede, een onderscheiding van Het Humanistisch Vredesberaad.


Scoop van het jaar

Fabian van de Poll won de Scoop van het Jaar 2019 van de Nederlandse Sportpers (NSP) voor zijn werk over Roda JC en de beoogde eigenaar De la Vega.


Meestervertellers

Peter Zantingh werd uitgeroepen tot Meesterverteller met zijn verhaal “Wonen in een land waar je alle straten kent” over de vluchteling Mirwais.


Meest Onderscheidende Bijdrage in het Energiedebat

Hester van Santen won de prijs voor Meest Onderscheidende Bijdrage in het Energiedebat, van Studio Energie.


De Zilveren Camera

Ilvy Njiokiktjien won met haar productie Born Free - Mandela’s generation of hope de 1ste Prijs Storytelling van de Zilveren Camera.

Fotografen Olivier Middendorp, Kees van de Veen, David van Dam en Olaf Kraak wonnen ook met hun werk in NRC een of meer categorieprijzen van de Zilveren Camera.

De beste verhalen van 2020

Vertrouwen vraagt openheid: De chefs van de redacties maken de balans van 2020 op. Wat ging dit bijzondere jaar goed en wat kan beter?

Dit jaar bestaat NRC Handelsblad 50 jaar. Ter ere van ons jubileum vroegen we alle chefs naar de volgens hun meest inspirerende NRC-productie uit de afgelopen 50 jaar.

1 Het voelt alsof we nooit meer gestopt zijn met het aanpassen van onze kennis over een nieuw virus

Illustratie Pepijn Barnard

Vrijdag 17 januari 2020.
Medisch redacteur Sander Voormolen maakt zich op voor een wintersportvakantie.

Via zijn telefoon stuurt hij nog twee aanpassingen naar de redactie voor een verhaal dat hij heeft ingeleverd en een dag later in de wetenschapsbijlage van NRC zal verschijnen: er waren inmiddels niet één maar twee doden uit Wuhan bekend. En er is een tweede besmetting in Thailand geconstateerd. Kunnen we dat nog even aanpassen?

De wetenschapsredactie paste het artikel aan. En het voelt alsof we sindsdien nooit meer gestopt zijn met het aanpassen van onze kennis over een nieuw virus dat plots ál onze levens beheerst. Medisch redacteuren Niki Korteweg en Sander Voormolen doen al maanden onvermoeibaar verslag van de laatste kennis en inzichten rondom coronavirus Sars-CoV-2. Het is mede dankzij Korteweg en Voormolen dat woorden als R-getal, superspreaders, T-cellen, aerosol, chloroquine, schubdier, antilichaam, fase 3, RNA-vaccin en PCR-test inmiddels tot uw standaardvocabulaire horen.

En ook de rest van team wetenschap droeg stenen bij aan de pandemische kennisberg. Biologieredacteur Gemma Venhuizen dook in zoönosen. Klimaatredacteur Marcel aan de Brugh liet zijn kennis van klimaatmodellen los op verspreidingsmodellen van virussen. Geschiedenisredacteur Bart Funnekotter stortte zich op de Spaanse griep. Techniekredacteur Laura Wismans beet zich vast in ventilatieproblematiek. Antropologieredacteur Hendrik Spiering hield wetenschapspodcast Onbehaarde Apen overeind. En zonder eindredacteur Arlen Poort had dat alles site noch krant gehaald.

Voor dit journalistieke jaarverslag is aan alle chefs gevraagd om te beschrijven of er dit jaar ook iets minder goed ging. Zeker. Allerlei ambitieuze plannen zijn nog niet uitgevoerd of staan nog in de wachtrij, van een Covid-19-symptomenatlas tot een reconstructie van die cruciale decemberweken in Wuhan. Daar komen we zeker op terug. Maar er is te weinig tijd om daar nu te lang over te peinzen – er raast een virus rond en we zitten het op de hielen.

Lucas Brouwers,
Chef Wetenschap
Lucas Brouwers, Chef Wetenschap

2 Van ons mag worden verwacht dat we alle stemmen laten horen

Schoonmaakster Dorien Sanders in een uitvaartcentrum in Veldhoven.

Foto Merlin Daleman

Alles is nu anders.’’ Een zin uit een grote reportage over schoonmakers die in Brabant het verdriet van de eerste coronagolf van dichtbij meemaakten. Ze wilden het virus wegpoetsen. „Wrijven, schrobben, polijsten, schuren, tot het hele land weer glanst als nieuw. Maar het gevaar is onzichtbaar. Het hangt in de lucht, kleeft aan het oppervlak en niemand weet waar.”

Het was één van de vele indringende reportages van de binnenlandredactie. In maart ging Nederland in lockdown. Het land viel stil, de redactie draaide op volle toeren. Redacteuren werkten vanuit huis, maar gingen er ook op uit. Voorzichtig, met mondkapjes en op gepaste afstand, maar we moesten er bij zijn. Zo’n grote crisis volg je niet digitaal. Mooie reportages volgden, uit ziekenhuizen, uit verpleeghuizen, uit zwaar getroffen dorpen. Een serie met getroffen mensen. Interviews. Reconstructies van wat misging in de ouderenzorg en van het nogal chaotisch genomen besluit om de scholen te sluiten.

Terugblikkend vraag je je als chef natuurlijk af of het goed was. Hebben wij ook, net als kabinet en virologen, te lang gedacht dat het virus wel in Italië zou blijven? Hebben we de lezers op tijd verteld dat de eerste lockdown nog maar het begin was? Hebben we de autoriteiten kritisch genoeg gevolgd? We werkten met enorm veel energie. Maar natuurlijk kon het beter. Wat er precies achter de schermen gebeurde bij bijvoorbeeld het RIVM of de GGD’s bleef nog onderbelicht.

Wat nauwelijks beter kon waren de artikelen over de corona-ontkenners. Wilmer Heck en Andreas Kouwenhoven beten zich vast in de groepering Viruswaarheid, in de vraag wie achter De Andere Krant zat, in hoe het Duitse coronaprotest naar Nederland overwaaide. Dat mag van ons worden verwacht, dat we onderzoek doen naar wat er leeft binnen de samenleving, dat we alle stemmen laten horen.

In 2020 was alles anders. 2021 wordt weer anders.
Het virus is nog niet weggepoetst.

Herman Staal,
Chef Binnenland
Herman Staal, Chef Binnenland

3 Als je niet oppast, is die anderhalve meter afstand in audio terug te horen

Foto Ilvy Njiokiktjien

In 2020 heeft NRC een hele serieuze stap gezet op het gebied van audio en dat alleen al is bewonderenswaardig. Als kersverse chef audio ben ik trots op de manier waarop we, door het combineren van de inhoudelijke expertise van de redactie met een ijzersterk audioteam, hele bijzondere producties hebben kunnen neerzetten.

Met nieuwe podcasts als De Post, Cocaïnekoorts, Hans, De Keerzijde en Future Affairs lieten we zien hoe veelzijdig we kunnen zijn in onderwerp, vorm en genre, zonder concessies te doen aan de kwaliteit. Ondertussen bleven ‘klassiekers’ Vandaag, Onbehaarde Apen en Haagse Zaken onverminderd groeien, waarbij ze in de tweede helft van het jaar allemaal hun luisterrecords verbraken, met een ongelofelijke 1,3 miljoen downloads per maand voor Vandaag in oktober.

Corona bleek een uitdaging. De kracht van podcast is dat het zo’n intiem medium is. Als luisteraar schuif je bij Haagse Zaken aan of word je in Vandaag door een redacteur meegenomen in een verhaal. Vaak ben je afhankelijk van een bepaalde dynamiek in de studio en laat dat nou net een plek zijn die niet altijd even coronaproof is. Als je niet oppast, is die anderhalve meter afstand in audio terug te horen. Met schermen, opnames op afstand en slimme montage hopen we de luisteraar toch dichtbij te houden, nu en de komende tijd.

Anne Moraal,
Chef Audio
Anne Moraal, Chef Audio

4 Alle ‘grote’ gebeurtenissen van 2020 waren in het klein in De Flat te zien

De L-flat in Zeist.

Foto Foto Daniel Niessen

NRC Weekend biedt iedere week een mix van uiteenlopende NRC-journalistiek: van onderzoeksverhalen tot reportages van correspondenten en van interviews tot ‘denkstukken’. Verhalen waar soms maanden werk in zit, maar ook verhalen dicht op de actualiteit, die liefst ‘weekoverstijgend’ zijn.

Een bijzondere productie van het afgelopen jaar is De Flat. Een serie artikelen van redacteur Ingmar Vriesema, die begon in de Weekendkrant, doorliep op de Achterpagina en op nrc.nl en uitmondde in twee podcasts. De Flat speelt zich af op één plek – De L-Flat in Zeist, één van de grootste flatgebouwen van Nederland – en vertelt de verhalen van de mensen die vaak alleen als statistiek de krant halen. Sociale ongelijkheid is daarbij een terugkerend thema en tal van maatschappelijke problemen en ontwikkelingen komen samen in De Flat.

Uiteindelijk keerde NRC in 2020 drie keer terug naar de flat – de eerste keer vóór corona, de tweede keer tijdens de intelligente lockdown en de derde keer in het najaar – waardoor alle ‘grote’ gebeurtenissen van 2020 ook in het klein in De Flat te zien waren.

Het verhaal over De Flat vertelden we niet alleen in tekst en fotografie, maar ook in bewegend beeld en geluid. Op nrc.nl/deflat komen al die vertelvormen samen en zijn daar nog steeds te lezen, te beluisteren en te zien.

Waar we er met De Flat goed in slaagden mensen met uiteenlopende achtergronden in de krant te krijgen, bleef dat in de rest van de krant soms lastig. Neem onze ‘grote’ interviews, waarvoor we iedere week opnieuw interessante, inspirerende personen weten te strikken. Boeiend en interessant waren ze zeker, de gezagsdragers en experts, de schrijvers en de kunstenaars die we op deze plek uitgebreid aan het woord lieten. Maar ze waren wel bovengemiddeld vaak man en wit. Dat mag in de toekomst best wat diverser.

Jochen van Barschot,
Chef Weekend
Jochen van Barschot, Chef Weekend

5 Het was voor het eerst dat een live-evenement van NRC zo’n jong en divers publiek trok

Het voelde een beetje als dansen op de vulkaan, toen we op 10 maart in een vol Paradiso de NRC Nacht van het Talent aftrapten. Op het podium stonden jonge Nederlandse en Vlaamse kunstenaars, onder wie actrice Joy Delima, schrijver Olave Nduwanje, rockband Pip Blom en performer AiRich – aanstormende talenten van wie wij als cultuurredactie het komende decennium veel verwachten. Enkele dagen later gingen vanwege de oplaaiende coronapandemie alle concertzalen en nachtclubs dicht, maar die avond bruiste het in de Amsterdamse poptempel. Het was voor het eerst dat een live-evenement van NRC zo’n jong en divers publiek trok.

De avond was het feestelijke hoogtepunt van een groter project van de cultuurredactie. In februari publiceerden we een lijst van 101 Nieuwe Talenten, samengesteld door redacteuren Sabrine Ingabire en Toef Jaeger met hulp van NRC-recensenten en externe deskundigen. Doorgaans besteden we in NRC vooral aandacht aan bewezen talenten, dit keer wilden we een podium bieden aan een nieuwe generatie cultuurmakers. Zo kon u als lezer kennismaken met een zeer diverse groep kunstenaars die misschien nog niet zo zichtbaar was, omdat velen van hen buiten de gevestigde kunstwereld opereren. U gaat in de toekomst zeker meer van ze horen, want we blijven ze volgen.

De intelligente lockdown die kort na de Nacht van het Talent werd afgeroepen, had voor de kunstsector dramatische gevolgen. Festivals werden afgelast, voorstellingen en tentoonstellingen doorgeschoven, concerten waren alleen online te zien. Dat we die teleurstellende kunstloze maanden toch zijn doorgekomen met originele verhalen, getuigt van de tomeloze creativiteit van de cultuurredactie. Eén bijzondere coronaproductie wil ik hier graag nog even noemen: het CS Zomerboek. Daarin spoorden we lezers aan om vooral zelf creatief aan de slag te gaan met een bouwtekening voor een vogelhuisje van ontwerper Piet Hein Eek, een recept van Joep van Lieshout, of een song van Ruben Hein. De vele inzendingen vertelden ons dat ook u, de lezer, bruist van het talent.

Sandra Smallenburg,
Chef Cultuur
Sandra Smallenburg, Chef Cultuur

6 Angst en terughoudendheid hebben voor een ander soort fotografie gezorgd

Martin Franssen: „Mijn vader sliep en toch hield mijn zus de telefoon met mijn zoon bij zijn oor. Artsen zeiden: zijn oren doen het, hij kan het horen, hij kan alleen niet reageren.”

Foto Kees van de Veen

We waren bij straatacties voor zorgpersoneel, restaurants die voorzorgsmaatregelen namen en uitpuilende teststraten. Maar hoe konden we nu echt de impact van het coronavirus in beeld brengen?

De meest bijzondere productie van het afgelopen jaar is wel die van Kees van de Veen. Het is fotografie waar je stil van wordt. Kees maakte een bijzonder intieme fotoreportage op de intensive care in Assen. Hij volgde Piet Franssen en zijn familie van de opname in het ziekenhuis tot aan zijn uitvaart. Kees liet ons zien dat de mensen die overlijden aan het coronavirus niet alleen cijfers zijn in een dagelijkse update van het RIVM, maar dat er families getroffen worden. En dat het verdriet groot is.

Het is uitzonderlijk dat hij zo dichtbij kon komen, want fotografen moesten letterlijk afstand houden. Mensen waren angstig voor besmetting, bedrijven en instellingen stelden zich terughoudend op door de coronaregels. Dat heeft voor een ander soort fotografie gezorgd. Het is lastig gebleken om de enorme impact van Covid-19 goed over te brengen.

Natalia Toret,
Chef Beeldredactie
Natalia Toret, Chef Beeldredactie

7 Na twee onderzoeksverhalen en een podcast sloegen gemeenteraden in juni alarm

De bouwkeet naast een datacenter in de Wieringermeerpolder in aanbouw. De vergunningen voor datacenters zijn niet altijd geregeld als de bouw aanvangt.

Foto Olivier Middendorp

Afgelopen september werd in de Wieringermeerpolder het grootste windmolenpark van Nederland geopend. Ruim 100 windturbines zouden 1,3 miljard kilowattuur aan groene stroom produceren voor maar liefst 370.000 Nederlandse huishoudens, beloofde de gemeente Hollands Kroon.

Maar daar komt niks van terecht, onthulden Carola Houtekamer en Merijn Rengers in een meeslepend staaltje onderzoeksjournalistiek. Het zijn datacentra van Microsoft en Google die alle groene polderstroom opslurpen. En de burger betaalt mee. De Hollandse windenergie bleek door de Zweedse energieleverancier Vattenfall met 660 miljoen euro belastinggeld doorverkocht aan de Amerikaanse multinationals.

Voor hun reconstructie waren de auteurs afgereisd naar de Wieringermeer en Zeewolde, nog zo’n plek waar pootaardappelen plaatsmaken voor polderwind en dark fiber en waar het grootste hyperscale datacentrum van Nederland moet verrijzen. Ze spraken boeren en omwonenden, lokale en provinciale politici en bestudeerden grondprijzen, verkoopaktes en omgevingsplannen.

Inwoners en lokale bestuurders bleken niet opgewassen tegen Amerikaanse computergiganten, speculerende boerenmiljonairs en internationale energiebedrijven. Die hebben vrij spel in de polder zolang de ruimtelijke ordeningsplannen zijn uitbesteed aan gemeenten en landelijke regie ontbreekt.

Na twee onderzoeksverhalen en een podcast sloegen gemeenteraden in juni alarm. Haagse opwinding volgde pas in september, nadat De Hofbar en Zondag met Lubach er, citerend uit NRC, televisie over hadden gemaakt.

Hoe kan dat?

Zat de coronacrisis in de weg? Diezelfde juniweek had onderzoeksjournalist Derk Stokmans met politiek redacteur Mark Lievisse Adriaanse minutieus gereconstrueerd hoe Nederland de controle was verloren op de bestrijding van het Covid-19-virus.

Of hebben we als onderzoeksredactie onvoldoende energie gestoken in een Haagse follow-up?

We houden het op het laatste. De Tweede Kamer heeft het kabinet inmiddels gevraagd om inzicht in het stroomverbruik van datacentra.

Wubby Luyendijk,
Chef Onderzoeksgroep
Wubby Luyendijk, Chef Onderzoeksgroep

8 De journalist wil niet alleen volgen, maar ook verklaren

Carnavalsdrukte op het Piusplein, wat tijdens Carnaval ook bekend staat als Kruikenplein.

Foto Jules van Iperen

Journalistiek bedrijven in crisistijd is enerverend en frustrerend. De journalist wil niets liever dan erbij zijn, alles meemaken. En tegelijkertijd worden begrenzingen voelbaarder. Het nieuws raast voort, terwijl de journalist naar houvast zoekt. Die wil niet alleen volgen, maar ook verklaren. Die wil de juiste vragen stellen, en niet alleen de vraag: wat is er nu weer gebeurd?

De coronacrisis betekende sinds maart dat de redactie Politiek en Bestuur anders moest gaan werken. We zaten grotendeels thuis, op afstand van het Binnenhof, de plek waar we veel van onze verhalen ophalen. Grote projecten die we van plan waren, zoals een ambitieuze serie die de relatie tussen overheid en burger zou onderzoeken, moesten we noodgedwongen laten zitten voor een later moment. Voor alles is een tijd.

Maar ook op afstand bleek het mogelijk de wereld van beleidsmakers en politici te volgen. Trots ben ik op het aanpassingsvermogen van de redactie, die ondanks professionele en persoonlijke gevolgen dubbel zo hard aan het werk ging. Een hoogtepunt in onze journalistieke verslaggeving was de reconstructie die politiek redacteur Mark Lievisse Adriaanse maakte met onderzoeksjournalist Derk Stokmans over de eerste maanden van de coronacrisis. Het beantwoordde de belangrijkste vraag die ik had: hoe kon Nederland zich zo hebben laten verrassen?

Guus Valk,
Chef Politiek en Bestuur
Guus Valk, Chef Politiek en Bestuur

9 Zijn we kritisch genoeg nu we op afstand van elkaar zitten?

Illustratie XF&M

Als je mij een jaar geleden had verteld dat we met de redactie vormgeving de krant van a tot z vanuit huis naar de drukker konden sturen, en online producties volledig thuis opzetten, zou ik gek hebben opgekeken. Een snel overleg op de redactie met alle betrokkenen bij een onderwerp is er niet meer bij. Het thuiswerken heeft ons patroon veranderd.

Trots ben ik op de China-week dit jaar. Alle producties waren in een vroeg stadium voorbereid. De samenwerking op afstand zagen we niet meer als een beperking. We publiceerden alles ‘online first’. De producties waren voorzien van krachtige herkenbare beeldtaal. De productie ‘30 chinezen die je moet leren kennen’ ging van journalist naar artdirector, naar fotoredactie, naar beeldbewerker, naar eindredactie, naar online-vormgevers, naar papieren vormgevers, naar productie en uiteindelijk naar de lezer. Ook maakten we er nog een podcast van.

Iedereen heeft een enorme drive om mooie producties op te leveren. Maar tegelijkertijd moeten we de juiste vragen blijven stellen. Zijn we kritisch genoeg nu we op afstand van elkaar zitten? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de creativiteit blijft? Dat er voldoende ruimte overblijft voor goede brainstorms? Hoe treden we buiten de bekende videomeetings? Het betekent investeren in nieuwe digitale mogelijkheden. Nieuwe onbekende paden bewandelen, niet alleen voor vormgevers, maar voor de hele redactie.

Anne-Marije Vendeville,
Art-Director
Anne-Marije Vendeville, Art-Director

10 De coronacrisis bood volop kansen op ‘andere sportverhalen

Foto Foto’s Annabel Oosteweeghel

Geen EK voetbal, niks Dutch Grand Prix in Zandvoort. Geen Wimbledon, geen Olympische Spelen in Tokio, geen ontknoping van de Eredivisie – behalve misschien een juridische. Dat het jaar 2020 een helse uitdaging werd voor de sportredactie, is een understatement.

Het vergde veel journalistieke lenigheid en improvisatievermogen, maar de coronacrisis bood volop kansen op ‘andere sportverhalen’. Het soort verhalen waar de sportredactie vanuit haar eigen eigenzinnige interesses altijd al op zoek naar is: de maatschappelijke achtergronden van de sport, van economie tot wetenschap, van fysiologie tot politiek, van psychologie tot milieu.

NRC volgt niet alleen op de voet hoe Wilco Kelderman bergop rijdt in de Giro d’Italia, maar onderzoekt ook hoe Ajax met zijn miljoenen omgaat. Wie welke belangen vertegenwoordigt in de strijd om een nieuw Feyenoord-stadion. Hoe Nederlands beste turnsters gewend raakten aan trainen onder gewelddadige coaches. En hoe racisme nog altijd pijnlijk actueel is in de Nederlandse sport.

De brede nieuwsgierigheid bij de sportredactie leverde diepgravende verhalen op in belangrijke dossiers. Het best werd dat geïllustreerd door de persoonlijke verhalen van zwarte voetballers over hun ervaringen met racisme in het voetbal, in februari. En in oktober met een internationaal onderzoeksverhaal naar hersenbeschadiging in de sport, waar wetenschappers naar eigen zeggen worden gedwarsboomd door grote sportfederaties als de FIFA.

Wat minder goed ging, was dat we ons bij het vertrek van bondscoach Ronald Koeman bij het Nederlands elftal enigszins lieten verrassen door de snelheid waarmee de andere nieuwsmedia reageerden. Gelukkig konden we dat in deze moderne tijd – online – snel inhalen.

De onderzoeksverhalen van NRC leren lezers over een wereld die ze nog niet kennen, die ze niet op televisie kunnen zien en waarover andere sportjournalisten niet of nauwelijks schrijven: de wereld áchter de wedstrijden, de medailles en de kampioenschappen.

Rob Schoof,
Chef Sport
Rob Schoof, Chef Sport

11 Op 16 januari schreven we voor het eerst een bericht over ‘een nieuw virus uit China’

Een vrouw verlaat het Wuhan Medisch Centrum, waar een 61-jarige man overleed aan de gevolgen van het virus.

Foto Noel Celis/AFP

Donderdagmiddag 12 maart. Zojuist hebben premier Rutte en minister Bruins aangekondigd dat iedereen zoveel mogelijk thuis gaat werken. Op de redactie van NRC hangt een enigszins nerveuze sfeer. Tientallen journalisten laten hun werk even liggen en haasten zich naar het midden van de redactie, waar de hoofdredacteur ze zal toespreken.

Een klein groepje blijft zitten, in diepe concentratie, ogen strak op het scherm. „Tik jij die reactie?” „Wie twittert deze update even? Dan pas ik de kop aan.” Duizenden lezers lezen mee in het liveblog.

Aan het begin van 2020 keken we uit naar een jaar waarin we het bij de nieuwsdienst ‘lekker druk’ zouden krijgen: de Brexit, de Amerikaanse verkiezingen, de Olympische Spelen en het EK voetbal – en niet te vergeten de Formule 1 in Zandvoort.

Op 16 januari schreven we voor het eerst een bericht over „een nieuw virus uit China”, met een besmetting in Japan. In de dagen erna kwamen er meer berichten, maar veel aandacht besteedden we er nog niet aan.

Twee weken later was alles anders. Het virus had een naam en ging de wereld over, wij begonnen met een coronablog. Sinds half maart werken de meeste collega’s thuis, op een kernteam na – met daarbij de voltallige nieuwsdienst.

Al bijna een jaar houden we elke dag een blog bij over één en hetzelfde thema. Waar je 24 uur per dag, zeven dagen per week het laatste nieuws over het coronavirus kunt lezen. Ergens voelt het al bijna zo normaal dat je soms vergeet hoe bijzonder het is.

Een collega vroeg me onlangs of we als redactie al hebben stilgestaan bij de afgelopen tijd. Wat hebben we geleerd van de coronaverslaggeving? Een heel goed idee, dat aan het einde van dit jaar helaas nog steeds op mijn lijstje met plannen staat. Het valt me op dat we op drukke momenten kleiner nieuws makkelijker ‘laten liggen’. Nu er ook rustigere nieuwsdagen zijn, pakken we dat wel weer op. Wat de vraag oproept: is dat nodig? Kortom, snel tijd voor maken, die evaluatie.

Jisca Cohen,
Chef Nieuwsdienst
Jisca Cohen, Chef Nieuwsdienst

12 Een gedeeltelijke lamlegging van de economie hebben zelfs de meest ervaren redacteuren niet eerder meegemaakt

Illustratie Bart Nijstad

Hard groeien, hard werken, hard feesten. Dat was lange tijd het verhaal van Booking.com. Een van de weinige start-ups die zich vanuit Nederland ontwikkelde tot grootmacht in de technologie- en reiswereld. Een magneet voor expats. Miljardenwinsten klotsten er tegen de plinten, aandeelhouders ontvingen enorme dividenduitkeringen.

Tot de coronapandemie uitbrak en het reizen stilviel. Booking.com maakte aanspraak op dezelfde steunregeling voor werkgelegenheidsbehoud als de kroegeigenaren bij wie Booking-medewerkers op vrijdagmiddag geld van hun bedrijf verbrasten. Die steunaanvraag resulteerde in maatschappelijke woede, zeker toen bleek dat Booking.com al jarenlang profiteerde van Nederlandse innovatiesubsidies.

Elke economische crisis heeft een bedrijf dat symbool staat voor de diepe val die bedrijven daarin maken. In de eerste maanden van de coronacrisis was dat symbool ontegenzeggelijk Booking.com.

Deze crisis is een bijzondere. Een gedeeltelijke lamlegging van de economie hebben zelfs de meest ervaren redacteuren niet eerder meegemaakt. Op routines kunnen we niet varen. Het is een zoektocht naar de echte slachtoffers, de zin en onzin van steun, de remedies, de veranderende paradigma’s. Economen hebben moeite chocola te maken van de coronacrisis. Wat zijn hun prognoses nog waard? Zijn bedrijven in de kern nog wel gezond of leven ze enkel voort door steunmaatregelen van de met miljarden smijtende overheid? Wie zijn de zombies?

Het maakt ons werk in deze crisis riskant, en opwindend. We zullen in 2020 zeker signalen gemist hebben. Welke? Dat kunnen we nog niet bevroeden. Daar komen we in 2021 achter, als we de impact van deze crisis mogelijk pas echt doorgronden.

Daan van Lent,
Chef Economie
Daan van Lent, Chef Economie

13 Nu de crisis langer duurt, proberen we de lezer op de been te houden

Illustratie Sharon Coone

De coronacrisis raakt mensen diep, in alle facetten van het dagelijks bestaan. Routines raken verstoord, eenvoudige activiteiten zijn plots risicovol. Iedereen is op zoek naar antwoorden: hoe leef ik nu mijn leven? De redactie Leven schreef daar afgelopen jaar urgente stukken over. Praktische verhalen, bijvoorbeeld over hoe we tijdens de eerste intelligente lockdown het beste de dag door konden komen, hoe we veerkrachtig bleven, hoe we thuiswerken moesten combineren met het lesgeven aan kinderen. Hoe we fit konden blijven, door thuis te sporten of met tips voor de beginnende hardloper. We schreven over hoe je zelf mondkapjes kon maken. En hoe je er het mooist kunt uitzien voor een digitale vergadering (het juiste licht is doorslaggevend).

Maar we hadden ook oog voor ouderen, zwangeren, singles, kinderen in kwetsbare gezinnen. Wat betekent deze crisis voor hen? Hoe zorg je ervoor dat mensen niet vereenzamen? En wat betekent 24 uur op elkaars lip zitten voor sommige gezinnen? Hoe vind je een partner in deze tijd?

We schreven bovendien over de betekenis en de zin van het leven: zal de crisis leiden tot een herwaardering van prioriteiten in het leven? Komt er een einde aan de schone schijn op social media? En welke levensinzichten zijn nu relevant? Wat zeggen gewone mensen? Wat zeggen sociologen en filosofen?

Op de Levenpagina’s ontbrak het afgelopen jaar aan reisverhalen. We kunnen immers niet naar het buitenland. Dus stukken over vakanties speciaal voor 65plussers, voor nudisten in luxe hotels en voor drie generaties (gezellig met de kinderen én kleinkinderen in een huisje) hebben de krant helaas niet gehaald.

Nu de crisis langer duurt, proberen we de lezer op de been te houden. Met 99 lichtpuntjes bijvoorbeeld, dingen waar je wél van kunt genieten nu we allemaal nog langer thuiszitten.

De Leven-pagina’s zijn belangrijker dan ooit in de krant.

Juliette Vasterman,
Chef Leven
Juliette Vasterman, Chef Leven

14 Het virus verdrong sommige andere plannen van de mediaredactie

De video van de jonge dansers Mohammad Azajuddin en Jashika Khan ging ‘viral’ op TikTok.

Foto Dibyangshu Sarkar/AFP

Ruim 4 miljoen gebruikers heeft de Chinese app TikTok in Nederland. En wereldwijd zijn dat er honderden miljoenen. TikTok oogt als een vriendelijke dienst: gebruikers delen zelfgemaakte video’s van vrolijke dansjes. Maar mediaredacteuren Lineke Nieber en Reinier Kist lieten begin 2020 zien dat de makers van de TikTok app het niet zo nauw nemen met de veiligheid van hun vaak jonge gebruiker. Ze laten van alles toe waarvoor je je (klein)kinderen waarschuwt op internet.

Het onderzoek van Nieber en Kist illustreert hoe de mediaredactie ook het afgelopen jaar heeft laten zien dat achter de nobele woorden en het fraaie uiterlijk van sommige socialemediabedrijven een keiharde zakenwereld schuilgaat. Net als we eerder openbaarden dat voor sommige makers van ‘hulp-tv’ een fraai plaatje of een lekker ‘vet’ programma voorop staat. En niet het welzijn van argeloze deelnemers. Zie bijvoorbeeld het verhaal van dit jaar over RTL’s datingshow De Villa.

De coronacrisis stond het afgelopen jaar vaak centraal in de mediaverslaggeving. Van de directe, economische gevolgen voor de pers in Nederland en de VS en de verspreiding van desinformatie over het virus tot en met het bieden van afleiding in de vorm van de ‘bingegidsen’ die we de afgelopen zomer maakten, met de beste tv-series om te kijken in quarantaine. Zo verdrong het virus sommige andere plannen van de mediaredactie (over diversiteit in de media, de toekomst van de publieke omroep, de ideeën voor een werkelijk sociaal sociaal medium), maar die blijven relevant. Die zullen we oppakken met hopelijk dezelfde verbetenheid en hetzelfde geduld als de onderzoeksredactie van NRC al jaren aan de dag legt. De spotlight schijnt vaak op columnisten of andere schrijvers met een mening – ook rond de vijftigste verjaardag van NRC – maar geen serieuze krant kan zonder het spitwerk van de onderzoeksjournalist.

Jan Benjamin,
Chef Media
Jan Benjamin, Chef Media

15 Zelden ontvingen we ongevraagd zoveel ingezonden artikelen
en lezersbrieven
als dit jaar

Nadat de Achterpagina op 22 juni een wedstrijd had uitgeschreven voor de beste zomerverhalen van 2020, stroomden de inzendingen binnen. Uiteindelijk zouden het er 549 worden, die door de jury alle aandachtig werden gelezen.

Foto Phil Nijhuis/ANP

Twijfel verlangt de wijsheid en het vertrouwen dat een verhaal altijd twee kanten kent”, schreef Marente de Moor op 4 april in een mooi essay in de bijlage Opinie & Debat. Het was middenin de intelligente lockdown, middenin de eerste coronagolf. Ze verzette zich tegen de stelligheid waarmee sommige opiniemakers voorspelden hoe de wereld door corona zou veranderen of wat de juiste manier is om het virus te lijf te gaan. Haar ode aan de twijfel gold niet alleen corona, maar ook dat andere grote debatonderwerp dat 2020 domineerde: het identiteitsdenken. „Bij gebrek aan duiding is iedereen even kwetsbaar”, schreef ze. „Elk niet-weten biedt ruimte aan nieuw weten.”

De opinieredactie heeft haar les ter harte genomen. Zelden ontvingen we ongevraagd zoveel ingezonden artikelen en lezersbrieven als dit jaar. Bij iedere nieuwe persconferentie, iedere nieuwe coronamaatregel, iedere cijferrapportage van het RIVM of zelfbenoemde contra-onderzoekers grepen mensen naar de pen om hun mening met ons en de NRC-lezer te delen. Voor al te stellige analyses of magische oplossingen hebben we geprobeerd te waken. „Parmantige duidingsdrift”, zoals Bas Heijne het in een ander essay noemde, trachtten we te voorkomen.

Wat wel steeds weer terugkwam was de zorg om grondrechten. Het allereerste opiniestuk dat we met het trefwoord ‘Covid-19’ publiceerden, was een waarschuwing van twee specialisten gezondheidsrecht. ‘Denk aan rechten bij aanpak virus’, kopten we. Die onderzoekende houding en de waakzaamheid voor individuele vrijheid sluit naadloos aan op het idee van ‘Lux et Libertas’, schreef René Moerland in een essay in de jubileumbijlage bij 50 jaar NRC. Deze „oerkreet van onze journalistiek”, zoals hij het noemde, gold juist ook in dit crisisjaar voor de opinieredactie, de zucht naar zekerheid stond de onderzoekende twijfel vaak in de weg.

Achterpagina

Ook voor de Achterpagina was het een ongewoon jaar. Aan het begin van de coronacrisis gaven we blijmoedige adviezen over hoe elkaar te groeten (zonder handen schudden) of over etiquette bij het hoesten en niezen (in de ‘niesnis’, zoals u begrijpt). We namen ceremonieel afscheid van het buffet – prematuur, zo blijkt nu – en we stelden een lijst op met nuttige tips voor de thuisblijvers tijdens de eerste lockdown. Dat in die lijst de belangrijkste tip ontbrak, ontdekten we pas vele maanden later. U wilde schrijven!

Want mede dankzij die vele thuisblijvers in de zomermaanden werd onze zomerschrijfwedstrijd een groot succes. We vroegen om „bloedstollende” korte verhalen zonder het woord ‘corona’ en liefst mét de woorden ‘grind’, ‘stoom’ of ‘umami’. Het aantal inzendingen overtrof elke verwachting. 549 mensen stuurden een of meerdere korte verhalen in. Een vakkundige jury las dagenlang en koos de vijf beste teksten, die we begin september op de pagina afdrukten.

Juist in die weken drukte de Achterpagina met regelmaat ook twee schrijvers af die hun sporen al verdiend hadden. Met 23 afleveringen ‘De golf’ van Franca Treur, over de lotgevallen van het uitgepierde koppel Bruno en Loes, pakten we de oude traditie van het feuilleton op. En tijdens de vakantie van onze vaste columnist Frits Abrahams kregen we een kijkje in het even wonderlijke als ontroerende universum van Nicolien Mizee.

Om meer plek te maken voor de buitenissigheden van de actualiteit, voor verrassende stukjes of kortlopende series door verschillende auteurs, willen we het aantal vaste rubrieken de komende tijd iets terugbrengen. De schrijfwedstrijd lijkt voor herhaling vatbaar. En tot het zover is verwachten we anekdotes en waargebeurde kwinkslagen van lezers voor het dagelijkse en evengoed bijna literaire hoekje: het Ikje.

Peter Vermaas,
Chef Opinie
Peter Vermaas, chef Opinie

16 Dankzij het virus heeft onze datajournalistiek een vlucht genomen

Een vrijwilliger in Spanje duwt een rolstoel met daarin een bewoner van een verzorgingstehuis.

Foto Felipe Dana/AP

In ons vorige jaarverslag sprak ik de ambitie uit om datajournalistiek in het midden van onze redactie te krijgen. Dit is ten dele gelukt. We zijn nog niet waar we willen zijn. Dat heeft niet in de laatste plaats te maken met de coronacrisis, waardoor overleg moeilijk bleek en plannen soms onmogelijk.

Het virus overal de schuld van geven is echter te makkelijk. Bovendien, dankzij het virus heeft onze datajournalistiek wel degelijk een vlucht genomen: dagelijks de RIVM-cijfers verwerken, deze met het aantal besmettingen van andere landen vergelijken en bijvoorbeeld verzorgingshuizen in Madrid en Bergamo onder de loep nemen. Iets wat collega’s Roos Liefting, Erik van Gameren en anderen vanaf het begin stug en goed volhielden.

Infographics zijn de weerslag én een onderdeel van datajournalistiek onderzoek. De constante benadering van (corona-)nieuws door middel van cijfers resulteerde laatst in een uitgebreide productie over oversterfte in Europa waar wij als ‘producer’ optraden en die we met (data)-journalisten Rik Wassens en Hanneke Chin-A-Fo van voor tot achter hebben begeleid. Op deze voet willen we verder in 2021.

Marien Jonkers,
Chef Studio
Marien Jonkers, chef Studio

17 De persoonlijke risico’s bij een reportage werden groter, de reisschema’s oneindig complex

Demonstranten en de oproerpolitie in Minsk.

Foto Viktor Tolochko/ Sputnik6

Ik heb mijn basilicumplant nog nooit zo goed zien groeien”, bromt een correspondent in een online groepsgesprek met vak- en lotgenoten. Het is een halve grap. Van huis uit werken zijn de meeste correspondenten gewend, maar thuis zitten leidt tot onrust en frustratie.

Die zijn existentieel. Correspondenten en buitenlandredacteuren willen zelf zien, horen, ruiken en voelen wat speelt, om daar recht aan te kunnen doen in hun verslaggeving en analyses. Het stilvallen van een groot deel van het internationale verkeer maakt dat in veel gevallen onmogelijk. Grenzen gingen dicht, vluchten werden geschrapt en mensen hielden contact af. De persoonlijke risico’s bij een reportage werden groter, de reisschema’s oneindig complex door de veranderende regels met betrekking tot tests en quarantaines.

Dat het tóch lukt de gevolgen van de coronacrisis te verslaan, maakt mij trots. Onze verslaggevers trokken hun telefoonboek leeg en intensiveerden hun samenwerking met lokale journalisten die ze vertrouwen. En we bedachten andere vormen, zoals in ons project over het meten van de macht van China. Daarin laten we zowel zien hoe machtig China is, als hoe we bij NRC naar macht kijken.

Ondanks alle obstakels gaan correspondenten op pad. Gewapend met speciale permissies, een voorraad mondkapjes , desinfectiegels en soms een alles bedekkend pak. Vaker dan voorheen met de auto in plaats van het vliegtuig. En daarna maar wéér twee weken in quarantaine.

Hoezeer journalisten en dus ook NRC-correspondenten risico lopen bij het uitoefenen van hun vak, bleek dit jaar. Tijdens een demonstratie in Wit-Rusland werd op correspondent Emilie van Outeren geschoten, waarbij zij gewond raakte. Maar ook bleek dat een journalistieke houding in het DNA zit van onze correspondenten: vanuit het ziekenhuis schreef Emilie van Outeren indringende verhalen.

Marloes de Koning,
Chef Buitenland
Marloes de Koning, chef Buitenland

18 De scoutingfunctie van de boekenredactie werd opnieuw bewezen

Anjet Daanje met Darcy. „Ik zou weleens een tijdje iemand anders willen zijn, om te ervaren hoe je de wereld dan beleeft.”

Foto Kees van de Veen

Ondanks de beperkingen van de corona-epidemie wist de redactie van de boekenbijlage in 2020 toch als vanouds haar werk te doen. Hoogstens misten we een enkele keer, mede als gevolg van de gebrekkige manier van online-communiceren, een boek dat we bij nader inzien wel hadden moeten bespreken.

Ter gelegenheid van de Boekenweek deden Toef Jaeger en Hanneke Chin-A-Fo in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam en enkele literaire uitgeverijen onderzoek naar de toepassing van algoritmes om een bestseller mee te kunnen maken. Het leverde een unieke productie op.

Als enige recensent in Nederland ontdekte Thomas de Veen de grootsheid van de roman De herinnerde soldaat van Anjet Daanje, een boek dat na een column van de chef Boeken en een interview in de zaterdagkrant door Jannetje Koelewijn vijf herdrukken beleefde. De scoutingfunctie van de boekenredactie werd hiermee opnieuw bewezen.

Verder publiceerden we in de eerste maanden van de corona-epidemie artikelen over lezen en leven in tijden van epidemieën. Ook schreven we over de sociaal-economische gevolgen van de epidemie voor de Nederlandse boekhandels en uitgeverijen. En natuurlijk was er veel aandacht voor geschiedenisboeken, nog altijd het genre dat in de boekwinkel het beste verkoopt.

De wekelijkse boekennieuwsbrief is afgelopen jaar vernieuwd en bereikt inmiddels zo’n 50.000 lezers. Behalve informatie over de inhoud van de bijlage bevat die nu ook uitgebreid (internationaal) nieuws uit de boekenwereld.

Alles bij elkaar genomen laat het maar weer eens zien hoe belangrijk de oprichting van het Cultureel Supplement door mr. K.L. Poll voor de huidige krant is geweest. Want in geen enkele krant in Nederland is de aandacht voor boeken en schrijvers zo groot als bij NRC.

Michel Krielaars,
Chef Boeken
Michel Krielaars, chef Boeken

19 Ons eerste postje haalde vijftien likes – al waren daar de hartjes van een paar collega’s bij

Joe Biden terwijl hij aanhangers toesprak in Wilmington, Delaware.

Foto Paul Sancya/AP

Instagram, is dat niet dat sociale medium waar in betere tijden betaalde influencers met hagelwitte tanden foto’s op plaatsten vanaf hagelwitte stranden? Waar je eerst niet-meer-meedoet om even later grappige selfies te maken met Diederik Gommers? Waar jonge mannen zich gek laten maken door de gespierde lijven van fitboys?

Jazeker. Maar het is ook de plek waar duizenden mensen een verhaal lezen van onze wetenschapsredactie over het raadselachtige gegeven dat sommige coronapatiënten heel erg ziek worden, terwijl veel andere niet of nauwelijks iets van de besmetting merken. Of over de nieuwe Belgische regering – de meest diverse ooit. Waar onze volgers een NRC-onthulling over racisme in een appgroep van Rotterdamse politieagenten veelvuldig aan elkaar doorsturen.

We begonnen drie jaar geleden voorzichtig een Instagramaccount. Terwijl jongeren diensten als Twitter en Facebook langzaamaan de rug toekeerden, groeide de populariteit van Instagram (dat onlangs zijn tiende verjaardag vierde) nog altijd snel. Zo werd het een van de weinige plekken waar mediabedrijven nieuw, jong publiek konden bereiken. Ons eerste postje, ook al over een wetenschappelijk onderwerp, haalde vijftien likes – al waren daar de hartjes van een paar collega’s bij.

Het ging met vallen en opstaan: de hoofdredactie was er niet onmiddellijk van overtuigd dat het medium, waar we aanvankelijk niet eens konden linken naar de artikelen op onze site, onze inspanningen wel waard was. En dan was er ook nog de interne concurrentie met de fotoredactie, die – eerlijk is eerlijk – met het account
@nrcinbeeld al eerder actief was geworden.

De groei ging langzaam: pas in januari 2019 – meer dan een jaar na lancering – konden we onze tienduizendste volger begroeten. Toen gingen we ons verdiepen in de samenstelling van die groep, en nodigden we een aantal van onze volgers uit op de redactie om met ze te praten over hun mediagebruik en onze activiteiten op Instagram.

Dat was razend interessant: bijna de helft van onze volgers was jonger dan 34 jaar, 60 procent was vrouw. Voor veel van onze jongere volgers bleek Instagram de belangrijkste, soms zelfs enige nieuwsbron te zijn. NRC-abonnees waren in de minderheid. Het bleek, kortom, een heel geschikt platform om een nieuw publiek te vinden voor NRC-journalistiek – mensen die minder snel via de krant of zelfs de website met ons in aanraking komen.

Op basis van die gesprekken ontwikkelden we, samen met de vormgevingsredactie, een eigen stijl voor Instagram. Dicht op de actualiteit, maar niet per se bovenop het laatste nieuws. Visueel aantrekkelijk, fris, op een prettig informele toon, en toch herkenbaar als NRC.

Instagram blijkt niet alleen geschikt voor foto’s van je smoothie of je stedentrip, maar ook om journalistieke verhalen te vertellen. Zoals een ‘swipe-verhaal’ over de Canon van Nederland, een reportage over de coronalockdown in India of een interactieve vraag-antwoordsessie over Brexit met onze buitenlandredactie.

Het resultaat van al die inspanningen mag er wezen: inmiddels heeft ons account bijna 52.000 volgers, die niet alleen langs onze plaatjes scrollen, maar ook regelmatig onze verhalen lezen. Soms zelfs zoveel, dat ze abonnee worden. Elke maand levert Instagram ons nu enkele tientallen nieuwe betalende NRC-lezers op.
Zijn we toch een beetje influencers geworden.

Wieland van Dijk,
Chef Lezersdesk
Wieland van Dijk, Chef Lezersdesk

Is de ombudsman het journalistieke geweten van de krant? Ik spreek het beleefd tegen’

Iedereen bij NRC, van hoofdredacteur tot stagiair, is het geweten van de krant, bepleit ombudsman Sjoerd de Jong. Tot hij wordt onderbroken door zijn geweten. ‘Je bent even lullig voor iedereen. Maakt dat je blij?’

Door Ombudsman Sjoerd de Jong

Je hoort het als ombudsman geregeld van lezers – en soms van een journalist – en meestal is het lovend bedoeld, soms ironisch. Jij bent, heet het dan, „het journalistieke geweten” van de krant of omroep.

Ik spreek het beleefd tegen. Niet omdat het woord geweten te hoogdravend zou zijn – zonder journalistiek geweten kom je niet ver als ombudsman – maar door het bepalend lidwoord. Alsof met het benoemen van een ombudsman de rest van een nieuwsorganisatie zou zijn vrijgesteld en journalistiek geweten een loket is, waar je een nummertje kunt trekken. „Even aan ons geweten vragen”, of: „Hé, daar gaat ons geweten!” Dat wil je echt niet horen als ombudsman. Het staat ook niet op de deur van je kantoor of op je visitekaartje – gelukkig.

De waarheid is dat iedereen die bij een krant werkt, van hoofdredacteur tot stagiair, het „geweten” ervan is, individueel en samen. Een redactie is een journalistieke gemeenschap, die als het goed is voortdurend in gesprek is over de beste en meest verantwoorde manieren om nieuws te vinden, uit te zoeken, te wegen en te presenteren. Je hoort wel eens beweren dat journalisten niet genoeg aan zelfreflectie doen, maar wat mij opvalt, is juist hoe graag en serieus journalisten over hun werk willen nadenken en praten. Ook weer niet té lang, natuurlijk, want het nieuws staat niet stil. Journalistiek is een praktisch vak. Maar het idee dat journalisten alleen maar op zoek zijn naar sensa…

Hallo? Hallo, mag ik je even onderbreken?

Eh… pardon? Wie bent u als ik vragen mag? En is het dringend? Ik ben net bezig met een verhaal voor het jaarverslag en…

Ken je me nou nog niet? Hier spreekt je geweten. Ik dacht: ik val je maar even in de rede voordat dit weer zo’n ellenlange lofzang wordt op de krant en je eigen werk. Dat kennen we nou wel. Dus mag ik even?

Aha. Aangenaam. Tja, het moest er een keer van komen. Ik las al zoiets bij mijn favoriete conservatieve columnist, Ross Douthat van The New York Times. Die werd in zijn columns al twee keer precies zo onderbroken door zijn geweten, laatst nog toen hij het had over Trump en hoe de Republi…

Ja, ik heb die columns ook gelezen, maar verander je nu al van onderwerp? Hoe jij en NRC over Trump denken weten we nu wel. Vertel liever eens iets over je werk. Je gaat toch niet beweren dat het zo goed gaat met de ombudsbranche, terwijl de Volkskrant er net mee is gestopt? En niet zomaar, maar omdat hun eigen ombudsman de functie ouderwets vond!

Oh, gaan we dat oprakelen? Ik heb al eens uitgelegd dat ik die beslissing van de concurrent een vergissing vond. Een hoofdredacteur of chef kan lezers uiteraard ook uitleg geven en verantwoording afleggen, maar dat is toch nog wat anders dan het oordeel van een onafhankelijke ombudsman. Het een sluit het ander bovendien niet uit, een serieuze krant moet beide doen. Je zag het daar trouwens ook meteen mis gaan. Ik had tenminste graag gelezen wat hun ombudsman had gevonden van de kwestie rond hun ontslagen literair recensent. Of van de aanmaning van hun hoofdredacteur dat journalisten in de coronacrisis als het even kan met één mond moeten praten.

Lekker chic, een beetje vitten op de concurrent! Kijk liever eens naar jezelf. Ik bedoel: jij schreef laatst dat lezers de baas waren geworden van de krant, in plaats van adverteerders. Nou, ik merk er niks van. Probeer maar eens een brief geplaatst te krijgen. Of de krant op tijd in de bus.

Ik weet het. Daar wordt aan gewerkt, echt! Er is alweer een tijdje een nuttige rubriek bij Opinie met lezersbrieven en er kan ook weer gereageerd worden onder opiniestukken. Er was een piek in problemen met de bezorging, maar die is weer voorbij – al blijven er haken en ogen. Nabezorgen op zaterdag zit er niet meer in sinds NRC die dag meegaat met de ochtendkranten. Die doen daar niet aan, het is te kostbaar. Overigens zijn niet alleen redacteuren, maar ook mensen van de uitgeverij die ik aanspreek altijd bereid om vragen van lezers te beantwoorden – al is het antwoord soms niet het gehoopte.

Zeg dat wel. Intussen hou jij je liever bezig met brandende vragen als: mag een overlijdensadvertentie van een hond in de krant? Boeiend.

Ja, dat ís boeiend! De relatie tussen mens en dier staat niet voor niets centraal in het maatschappelijke debat over voeding, ethiek en klimaat. Lezers leven ook erg mee met dieren, zoals met het leed van varkens in de bio-industrie of met ‘topkoe’ Nora waar ik over schreef, die in haar leven 200.000 liter melk gaf en nu met ‘pensioen’ mag. Daar past zo’n onderwerp heel goed in.

Nou goed. Maar neem laatst die column over complotdenkers, die volgens jou niet goed zouden kunnen nadenken. Pedant! Burgers die zich zorgen maken, moet je niet wegzetten als complotgekkies, maar serieus nemen. Dat adviseert zo’n beetje elke deskundige. En wat doe jij, als lid van een eenpersoons Red Team? Ze toch weer uitlachen als dombo’s omdat ze het scheermes van de filosoof Ockham (1285-1347) niet kunnen hanteren!

Hoho, wacht eens even. Om te beginnen, wat is er mis met een beetje humor? Ik vond de grap dat Julius Caesar ook, heel even, heeft kunnen meepraten over complotten, zelf nog best aardig. Tuurlijk, je kunt over humor twisten, Youp van ’t Hek weet er alles van. Ik heb ook wel eens een opmerking gemaakt over een complotprofessor die gelooft dat 9/11 het werk was van…

Fokke & Sukke

Wéér van onderwerp veranderen… Blijf nu eens bij de les, man!

Sorry. Het punt is, die column ging over hardcorecomplotdenkers, de mensen dus die zulke theorieën bedenken en uitventen, niet over burgers die er door allerlei oorzaken gevoelig voor zijn. Je hebt gelijk: die moet je niet verketteren – dat stond laatst ook in het Commentaar – maar aanspreken, informeren en bevragen: waarom geloof je het ‘officiële’ verhaal niet, maar wél de tamelijk bizarre verhalen van Lange Frans, Janet Ossebaard of professor Karel? Daar kan onrust en onzekerheid achter schuilgaan, zeker in coronatijden. Er leeft behoefte aan gemeenschap en hoop op betere dagen. Semi-religieuze bewegingen als QAnon appelleren daaraan. Kortom, het publiek van zulk complotdenken moet je niet bestrijden, wel de verspreiders ervan, die er geld mee verdienen of zichzelf zien als profeten. Tevreden?

Matig. Klinkt redelijk, maar ik moet nog zien of je het meent. En je eindigt toch weer met bestrijden. Iets anders: het racismedebat. Laatst verdedigde je wéér dat de krant het N-woord mag opschrijven – heel soms dan. Terwijl de krant daar een dubieuze staat van dienst in heeft. Dat geeft te denken. Klopt het dat jij zwarte vrouwen onder de bus gooit, zoals ik op Twitter las? En dat je dingen schrijft over zwarte collega’s die je nóóit over witte zou schrijven, zoals ik ook hoorde? Een lezeres noemde je al een keer, mede op basis van je fotootje, „het resultaat van 500 jaar kolonialisme”. Zo, die zat!

Vind je? Ik draag toch geen pruik op die foto? Misschien trouwens een idee, op mijn leeftijd. Wat die bus betreft: dat ging om een Opinie-columnist die voor de krant een interview had gemaakt met Sylvana Simons. Geen goed idee, vond ik, omdat de columnist in dezelfde activistische hoek zit als Simons. Dan krijg je een gesprek tussen bondgenoten. Kan best informatief zijn, maar het schiet tekort als politiek interview. Trouwens, kort daarvoor kwam in mijn rubriek precies dezelfde bus langs bij een witte collega. Ook een columnist, die vond dat #MeToo in Nederland nog lang niet ver genoeg ging en die daarna als verslaggever meewerkte aan onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag van een prominente oncoloog. Niet verstandig, vond ik. Althans, het wekt de schijn van vooringenomenheid, daar moet je voor waken.

Nou ja, oké. Je bent dus even lullig voor iedereen. Maakt dat je blij?

Blij? Ik kom uit een gereformeerd nest. In die kringen zijn ze overtuigd van, laten we het vriendelijk zeggen, het menselijk tekort. Dat brengt scepsis met zich mee, maar ook empathie. Heus. Iedereen maakt tenslotte fouten.

Mooie open deur. Jij ook dus?

Ja, natuurlijk! Daarom is het belangrijk dat lezers me blijven schrijven, dat houdt de zaken scherp. Zeg, als je het niet erg vindt: mag ik nu weer gewoon aan het werk? Ik heb nog een stapel brieven liggen.

Ga je gang. Ik blijf meeluisteren.

Ombudsman Sjoerd de Jong

Colofon

Amsterdam, 2020

Redactie

Monique Snoeijen
Elske Schouten
Harrison van der Vliet
René Moerland

Cartoon

RGvT

Eindredactie

Michiel Dekker

Fotoredactie

Pauke van den Heuvel

Vormgeving

Koen Smeets
Yannick Mortier (print)

Art Direction

Anne-Marije Vendeville

Infographics

Studio NRC

Coördinatie

Claire van der Wouden