Illustratie Ralph Zabel

Interview

Econoom Mariana Mazzucato breekt dankzij de coronacrisis door: ‘Duizenden miljarden in het systeem pompen is niet genoeg’

Crisisherstel De Italiaans-Amerikaanse Mazzucato bepleit een grotere rol van de overheid in de economie. Haar gedachtegoed is duidelijk zichtbaar in de huidige steunpakketten van regeringen. „Overheden moeten dapperder zijn.”

Vraag Mariana Mazzucato wat haar hoogtepunten van de laatste tijd waren, en er volgt een spraakwaterval. Over de paus bijvoorbeeld, die haar economische werk een voorbeeld noemde voor de ideale wereld na corona. En over hoe haar gedachtegoed duidelijk zichtbaar is in de Europese coronareddingspakketten. En wisten we al dat het nieuwe team van de aanstaande Amerikaanse president Joe Biden haar om advies had gevraagd?

Mazzucato is in de mode.

„Maar mijn grootste hoogtepunt was het werk dat ik kon doen in mijn eigen Londense wijk Camden”, zegt de Italiaans-Amerikaanse hoogleraar economie aan University College London over de telefoon terwijl ze, een beetje gehaast, van de ene naar de andere afspraak wandelt. In Camden, een buurt met alle bekende problemen (en geneugten) van etnisch gemengde buurten, werd ze dit jaar voorzitter van een commissie die de wijk duurzamer en socialer uit de coronacrisis moet laten komen.

„Ons streven is dat alle nieuwe sociale huurwoningen in Camden CO2-neutraal worden. En we werken samen met scholen en jeugdcentra om daar onder meer gratis gezonde maaltijden te verschaffen.”

Wijken zoals Camden staan vooraan bij het aanpakken van de crisis, zegt Mazzucato. „We stimuleren op nieuwe manieren burgerparticipatie om mensen zelf te laten bepalen hoe ze straks willen leven na de pandemie. Politici en beleidsmakers kijken vaak naar grote, abstracte ideeën. Maar tastbare verandering vindt plaats op lokaal niveau, daar waar mensen gewoon elke dag leven.”

Mazzucato betoogt al jaren dat het kapitalisme in zijn huidige vorm niet kan blijven bestaan. Ze pleit voor een veel actievere rol van de overheid in de economie. Die moet samen met burgers grote maatschappelijke doelstellingen formuleren: missies of moonshots, zoals zij ze zelf noemt. Zo’n missie zou een CO2-neutrale economie kunnen zijn of schone oceanen, of voorkomen dat mensen nog aan kanker doodgaan, of het opzetten van een duurzaam en veilig transportsysteem voor mensen en goederen, of een samenleving zonder digitale kloof.

Conservatieve mensen zeggen vaak dat ik een planeconomie wil in sovjetstijl. Onzin

Grootse, ambitieuze doelen dus, die de overheid samen met burgers en bedrijven formuleert. In januari komt Mazzucato’s nieuwe boek uit, Mission Economy, dat bedoeld is als „een receptenboek” voor beleidsmakers.

Vrolijk en verbaasd vertelt ze over haar samenwerking met de paus het afgelopen coronajaar. „Hij is echt radicaal, en provocerend als het gaat over welke verandering noodzakelijk is. Ik ben eerlijk gezegd verbaasd dat hij nog niet uit het Vaticaan gegooid is. Die plek staat toch niet echt bekend om zijn revolutionaire manier van denken.”

Bij de presentatie van veel coronareddingspakketten werd, in elk geval in woorden, veel aandacht besteed aan duurzaamheid en gelijke kansen. Aardig Mazzucatiaans, of niet?

„Ja, in theorie zeker. Ik heb de Europese Commissie ook geadviseerd, hè. De pandemie heeft veel blootgelegd. Hebben we een adequaat zorgsysteem? Blijkbaar niet. Letten we voldoende op de sociale positie van mensen die in de klusjeseconomie werken, met een nulurencontract? Blijkbaar ook niet. Dus logisch dat we onszelf nadrukkelijker de vraag stellen of we publieke goederen, zoals de zorg, wel voldoende waarderen. Of is ons beleid er te veel op gericht dat private bedrijven winst kunnen maken?

„En dan hebben we het onderwijs nog. Mijn vier kinderen hadden tijdens de lockdown nog steeds toegang tot onderwijs, dankzij uitstekende technologie. Maar dat geldt voor heel veel kinderen in Londen niet. Daar hoef je niet voor naar een ontwikkelingsland af te reizen. Ineens kan onderwijs niet meer als gelijkmaker fungeren. Door de pandemie is blootgelegd dat we technologie veel meer moeten inzetten om grote problemen aan te pakken, in plaats van dat die de kloof verder vergroot.”

Hoe kan economisch beleid dat gebaseerd is op ‘missies’ daarbij helpen?

„Ik pleit al langer voor een andere definitie van de termen ‘publiek goed’ en ‘publieke goederen’. Tot nu toe zijn die nogal beperkt. Publieke goederen zijn dan vooral de dingen die de overheid moet uitvoeren omdat het bedrijfsleven er te moeilijk winst op maakt, zoals schoon drinkwater en defensie.

„We hebben een veel sterker raamwerk nodig om grote maatschappelijke doelen te bereiken. En daarom moeten we dapperder formuleren waar we heen willen, zeker na deze crisis. Dapperder zijn in het vaststellen wat de publieke purpose is, ofwel het gemeenschappelijke goede.”

Dat is volgens Mazzucato geen nieuw idee: de ontwikkeling van internet komt bijvoorbeeld voort uit de missie van de Amerikaanse overheid om een veilig communicatiesysteem te bouwen. En GPS vloeide voort uit de missie om de mens op de maan te krijgen. Vandaar de term moonshot, die Mazzucato vaak gebruikt.

„Als je beleid proactiever formuleert met het algemene nut in gedachten, kun je maatschappelijke doelen sneller bereiken. Overheden moeten markten vormen.”

Overheden hebben dit jaar met hun coronareddingspakketten toch markten gevormd als nooit tevoren?

„Overheden pompen nu duizenden miljarden in het systeem. Het probleem is alleen: dat is niet genoeg. Ook na de financiële crisis werden er duizenden miljarden in de economie gepompt, die grotendeels in de financiële sector belandden. Dat geld versterkte de reële economie nauwelijks. Daarom is het nu zo belangrijk dat je bewuster een richting bepaalt bij de injectie van deze enorme sommen geld.”

In het Europese herstelfonds en de Green Deal staan toch behoorlijk expliciet doelen geformuleerd, zoals duurzaamheid en minder ongelijkheid?

„Ja, dat wilde ik net zeggen. Dat is het positieve verhaal van dit jaar. In het verleden was de vraag of je Europese hulp kreeg vooral afhankelijk van hoe hard je bezuinigde. Nu is het in elk geval deels ook afhankelijk van hoe goed je klimaatverandering aanpakt, hoe goed je digitaliseert of werkt aan het verkleinen van ongelijkheid.”

Hoewel haar ideeën steeds duidelijker zichtbaar zijn in innovatie- en crisisbeleid, is dat voor Mazzucato nog onvoldoende. „De Europese Unie besloot al eerder om haar innovatiebeleid te laten leiden door vijf missies, zoals het elimineren van kanker en verduurzaming van de economie. Maar deze manier van denken – dus je economische beleid baseren op maatschappelijke missies – moet breder worden ingevoerd. Het moet nog verder uit het ghetto van het innovatiebeleid getrokken worden, en ook na de crisis centraler worden gezet in beleidsvorming.”

De kritiek op te rigoureuze overheidsinmenging neemt tegelijkertijd toe. Een staat die de economische richting probeert te bepalen, dat is in het verleden toch nogal riskant gebleken?

„Ik word vaak aangevallen door, laat we het netjes zeggen, conservatieve mensen die zeggen: ‘Oh, Mazzucato wil een planeconomie in sovjetstijl’. Onzin. Ik wil dat overheden zelfverzekerder hun richting bepalen en dat ze dappere keuzes durven te maken over hun investeringen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld de duurzame ontwikkelingsdoelen helpen bereiken die we bij de VN hebben afgesproken.”

Economen waarschuwen voor ‘zonnebloemkapitalisme’, met bedrijven die zich als een zonnebloem tot de overheid wenden, die alles bepaalt. Dan worden ze te afwachtend en missen ze prikkels om financieel gezond te blijven. De overheid komt ze toch wel redden.

„Ja, dat moeten we dus juist níét zomaar doen. Mijn punt is juist dat de overheid voorwaarden moet stellen. Ze moet vooral niet alles zelf gaan uitvoeren, maar ervoor zorgen dat bedrijven en burgers ermee aan de slag gaan. In Frankrijk stelde de overheid behoorlijk strenge eisen voor CO2-reductie aan de steun voor AirFrance. Dat was minder het geval bij de staatssteun aan easyJet in het Verenigd Koninkrijk of aan KLM in Nederland.

„Wat ik de ‘ondernemende staat’ noem is een zelfverzekerde staat die een goede deal krijgt voor zijn geld. Dat krijgt de staat voor elkaar door zijn voorwaarden scherp te definiëren: groene investeringen, een eerlijke behandeling van medewerkers. Werk je mee aan die missie, dan helpt de overheid je. Zo niet, zoek het dan zelf maar uit.”

Hoe doet de Nederlandse overheid het op dit gebied?

„Afgezien van de ronduit stompzinnige belastingregels voor internationale bedrijven, zijn er in Nederland zeer ambitieuze plannen voor een circulaire economie, bijvoorbeeld in Amsterdam. Dat is hoopgevend. Maar ook nogal hypocriet. Nederland probeert veel goed te doen, maar is tegelijkertijd de plek waar landen en bedrijven wegkomen met slechte dingen.”

Lees ook de eerdere NRC-artikelenserie over de terugkeer van de staat in de economie

Stel, het is 2023 en het herstel gaat zoals u hoopt. Wat zien we dan als we een ommetje gaan maken in Camden of Amsterdam?

„Ik denk dat de zorgsector snel kan veranderen. Dan hebben we minder bureaucratische, meer op lokaal niveau georganiseerde ziekenhuizen en verzorgingstehuizen nodig. De pandemie heeft voor een ramp gezorgd in verpleeghuizen, dus het is duidelijk dat er dingen anders moeten. Ik denk dat we in 2023 echt nieuwe zorgvormen zullen zien ontstaan, waarin de mens centraal staat, in plaats van de zorgorganisaties zelf.

„Er zal ook breder een nieuwe, decentrale sociale infrastructuur komen, waardoor mensen betere zorg krijgen en bijvoorbeeld weer betaalbaarder kunnen wonen. En als we tegen die tijd langs bedrijfsgebouwen lopen, zien we dat start-ups en grotere bedrijven hun maatschappelijk nut hebben hervonden.”

Denkt u dat echt?

„Ja, dat is geen luchtkasteel. Kijk maar naar Denemarken. Start-ups en ook bedrijven die al langer bestaan, zijn samen de belangrijkste leveranciers van groene hightech-diensten binnen de duurzame energiesector aan China. Dat is een groeimarkt van in totaal ruim 1.700 miljard dollar (1.387 miljard euro).

„Het succes van Deense bedrijven is aangejaagd doordat Deense steden en de nationale overheid enorm ambitieuze doelen stelden op het gebied van verduurzaming. Zo spoorden zij start-ups aan om nieuwe diensten en producten te maken.

„Het punt is niet dat de staat alles zelf moet doen. De overheid bepaalt samen met burgers de richting, vervolgens zwermen innovatieve burgers en bedrijven die richting uit. De staat is dan een katalysator voor allerlei soorten samenwerking en vernieuwing van onderop. Die kant gaan we hopelijk nu echt op.”