‘Grote fondsen zullen pensioen niet verlagen’

Pensioen Opluchting voor miljoenen gepensioneerden: grote fondsen hoeven naar verwachting geen verlaging door te voeren.

Foto Marcel van Hoorn / ANP

Werkende en gepensioneerde ambtenaren, leerkrachten en zorgmedewerkers ontkomen hoogstwaarschijnlijk aan een verlaging van hun pensioen. De financiële situatie van de twee grootste pensioenfondsen, ABP en Zorg en Welzijn (PFZW), is op Oudejaarsdag naar verwachting nét goed genoeg. Dat zegt pensioenanalist Piet Rietman van ABN Amro tegen NRC, op basis van eigen berekeningen.

Deze donderdag is cruciaal voor pensioenfondsen. Hun zogeheten dekkingsgraad – die laat zien of zij alle pensioenen nu en in de toekomst kunnen betalen – moet minimaal 90 procent zijn. Dat betekent dat zij 10 procent te weinig geld in kas hebben, maar dat is toegestaan door recente versoepelingen van minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66).

Fondsen die deze Oudejaarsdag wel een lagere dekkingsgraad hebben, moeten komend jaar de uitkeringen van gepensioneerden én de opgebouwde pensioenaanspraken van werknemers verlagen.

Eind november kwamen ABP en Pensioenfonds Zorg en Welzijn net boven de cruciale grens uit: ABP stond op 91,5 procent, Zorg en Welzijn op 91 procent. Samen beheren zij bijna zes miljoen pensioenen.

Lees ook dit interview met vertrekkend pensioendirecteur Peter Borgdorff (Zorg en Welzijn): ‘Mensen geloven in zekerheden, helaas’

De afgelopen vier weken is er op de financiële markten weinig veranderd, zegt Rietman. De beurskoersen zijn iets gestegen. Sommige rentetarieven zijn gelijk gebleven, andere licht gedaald. „Dus de fondsen eindigen waarschijnlijk ongeveer op hetzelfde punt als vorige maand.” In het geval van ABP en Zorg en Welzijn „rond de 91 procent”. De eveneens grote pensioenfondsen PMT en PME, voor de metaalsector, waren al langer uit de gevarenzone.

Wel verlaging bij kleine fondsen

Bij ABP en Zorg en Welzijn wordt nu iedere dag een schatting van de eigen dekkingsgraad gemaakt, maar die willen de fondsen nog niet delen. Wel bevestigt een woordvoerder van Zorg en Welzijn dat de dekkingsgraad nog steeds niet ver verwijderd is van de cruciale grens van 90 procent. „Dus het blijft spannend.”

Het uitblijven van miljoenen pensioenverlagingen is niet alleen goed nieuws voor de gepensioneerden, maar ook voor minister Koolmees. Hij heeft de regels rond pensioenverlagingen al meerdere keren versoepeld en stond onder grote politieke druk om dat opnieuw te doen, ook al zag hij dat zelf niet zitten.

ABP en Zorg en Welzijn willen maandag een eerste schatting bekendmaken van hun dekkingsgraad van Oudejaarsdag. Een preciezer getal volgt pas op 21 januari, als de fondsen hun jaarverslag publiceren. Het berekenen van de exacte dekkingsgraad neemt veel tijd in beslag, omdat fondsen dan van al hun beleggingen – ook in vastgoed en private-equitybedrijven – moeten vastleggen hoeveel die waard zijn.

Lees ook: Waarom er steeds pensioenverlaging dreigt in het ‘beste stelsel ter wereld’

Niet alle pensioenverlagingen zijn van de baan. Enkele kleine fondsen zullen waarschijnlijk wel onder de grens van 90 procent eindigen. Het Pensioenfonds voor Verloskundigen, dat zo’n 4.400 pensioenen beheert, staat er het slechtst voor. Dat had vorige maand een dekkingsgraad van 79,4 procent. Die slechte positie is niet meer goed te maken, schreef het fonds onlangs op zijn website. „Helaas weten we nu al zeker dat we eind 2021 de pensioenen zullen moeten verlagen.”