Fred Fitz-James (1947-2020) was wars van vooroordelen

De laatste bladzijde In deze rubriek elke week een necrologie van iemand die recent is overleden. Fred Fitz-James emigreerde uit Suriname naar Nederland en werd ondernemer.

Fred Fitz-James in maart 2020.
Fred Fitz-James in maart 2020. Foto Ludo de Goeje

‘Fred was een fanatiek baasje”, herinnert studievriend Paul Redout zich. Ze ontmoetten elkaar midden jaren zestig op de Surinaamse Kweekschool in Paramaribo. „Al bij de ontgroening manifesteerde hij zich en stelde hij allerlei vragen. Het was sowieso een school van sterke persoonlijkheden. Onze conciërge, meneer Latour, was een oud-militair die ons discipline voor het leven bijbracht. Laatkomen leerde je snel af.

„Freds vader had een kruidenierswinkel aan huis in de Calcuttastraat, met vaste klanten die met hun huishoudboekje boodschappen kwamen doen. Fred was trots op die achtergrond: hij had al jong geleerd hoe je mensen aanspreekt en hoe je een eigen zaak runt. Gaandeweg werd hij ook een echt onderwijstype. Na de kweekschool maakte hij naam in Nickerie in West-Suriname, als zeer betrokken leraar en coach. Ik werkte zelf in het oosten, maar Freds reputatie strekte ver.”

In 1973 emigreerde Fitz-James naar Nederland en vestigde zich in Den Haag, waar hij wis- en natuurkundeleraar werd op een mavo. Als voorzitter van voetbalclub Robin Hood begon hij ook met het organiseren van evenementen: het Colored Festival op het Plein groeide tussen 1982 en 1993 uit tot een jaarlijks openluchtfeest met eten en muziek. Op een samen met actrice Gerda Havertong opgezette ‘Dag van de Zwarte Migranten Kunst’ in het toenmalige Congresgebouw in 1985 was koningin Beatrix eregast.

Rond 2000 verhuisde Fitz-James naar Rotterdam, waar hij met zijn partner een winkel met Afro-Surinaamse producten opende. De relatie strandde, maar „de ondernemer in Fred was opgestaan”, aldus Paul Redout: met Fred Kulturu Shop in het Billboard-gebouw aan de West-Kruiskade ging Fitz-James zelfstandig verder met de verkoop van uit Suriname geïmporteerde kruiden en etherische oliën, traditionele kleding en delicatessen. Elke klant kreeg persoonlijke aandacht; de ‘wonderdokter’ maakte naam. Voor buurtgenoten en relaties werd Fitz-James ‘oom Fred’.

„Fred wilde zoveel mogelijk mensen informeren over de rijke Surinaamse cultuur”, zegt vriend en zakenpartner Guno Zwakke. „Dat was zijn vorm van activisme. Hij vond het mooi dat er de laatste jaren ook steeds meer niet-Surinaamse mensen naar de winkel kwamen. Wat discriminatie betreft stonden we op één lijn: natuurlijk kreeg je ermee te maken, maar we waakten voor een slachtofferrol. We gingen er gewoon tegenaan.

„Fred genoot ervan als jongeren een beroep op hem deden voor steun en advies. Werden ze tien keer voor een baan afgewezen, dan wees hij ze op hun veerkracht. Iedereen heeft het vermogen om zijn leven vorm te geven, ook al lukt het misschien niet meteen.”

Dag van de Zwarte Migranten Kunst in het toenmalig Congresgebouw in Den Haag op 8 juni 1985: toenmalig koningin Beatrix geflankeerd door organisatoren Gerda Havertong en Fred Fitz-James. Foto Nationaal Archief

Ursula Rock kwam na een tip van een vriendin naar de Kulturu Shop. „Mijn man heeft diabetes, ik zocht naar inheemse kruiden die de bloedwaarden kunnen verbeteren. Fred haalde zo de juiste doosjes tevoorschijn – hij had zijn zaak perfect op orde – en we raakten aan de praat. Over onze families; we zijn beiden opgegroeid in een tijd dat iedereen in Suriname elkaar zo’n beetje kende. Over het belang om verder terug te kijken, voorbij de slavernij – waar liggen je roots? Bij elk volgend bezoek pakten we de draad weer op. Een gesprekspartner met diepgang, wars van vooroordelen. Die vind je niet zoveel.”

Zijn grootste publiek bereikte Fitz-James als radiopresentator: in zijn Haagse jaren bij het Afro-Surinaamse station Rutu, vanaf 2014 bij Stanvaste Radio in Rotterdam. Op zondagmiddag interviewde hij politici, ondernemers en schrijvers in het PZN (Programma Zonder Naam)-Radiomagazine, op woensdagnacht vroeg hij als ‘Freko Boy’ prominenten naar wat er ‘op hun nachtkastje’ lag.

In de aanloop naar de Surinaamse parlementsverkiezingen van mei 2020 was Fitz-James „enorm op dreef” in zijn missie om meer politiek bewustzijn te kweken, zegt Paul Redout. „Hij sleepte ons allemaal mee.”

Na het verlies van de regering-Bouterse zei Fitz-James tegen het AD dat Suriname moest „afrekenen met corruptie” en pleitte hij voor meer zelfredzaamheid en eigen productie. „We zijn overal met elkaar verbonden; of je nu in Paramaribo woont of in Rotterdam. Samen kunnen we het land weer opbouwen.”

Ondanks zijn grote netwerk nam Fitz-James maar weinig mensen in vertrouwen over zijn privéleven. Hij had meerdere lange relaties en kreeg een zoon en een dochter, met wie hij vooral de laatste jaren een goed contact opbouwde. Van zijn besmetting met het coronavirus eind oktober bracht Fitz-James alleen zijn intimi op de hoogte.

Voor de buitenwereld leek de wonderdokter onoverwinnelijk: in 2016 werd hij vlak voor zijn zaak geschept door een auto en raakte zwaargewond, maar hij herstelde.

Dit keer liep het anders. Vanuit het ziekenhuis in Groningen belde Fitz-James nog naar vrienden om lopende zaken te bespreken. Zijn overlijden op 16 november kwam als een schok, in Nederland en Suriname.