Boven : highway in het Monument Valley Tribal Park, Arizona. In het gebied zijn veel westerns opgenomen; onder: Kawah Ijen, Indonesië, waar toeristen de vulkaan bezoeken.

Foto’s Getty Images

Interview

‘De reissector zit in het verdomhoekje, dat snap ik’

Hans de Wilde, directeur-eigenaar van failliete Tenzing Travel

Zijn verre-reizen-bureau ging als enige landelijke bureau failliet door corona. „Anders had ik tot mijn nek in de ellende gezeten.”

Ze namen de camper door Nieuw-Zeeland. Een sportvliegtuigje boven de wildparken van Botswana. De trein voor een ‘culturele odyssee’ in China. Jarenlang stuurde Hans de Wilde toeristen naar alle uithoeken van de wereld. Alles op maat, voor gemiddeld 9.000 euro per boeking. Tot half maart, het begin van de coronacrisis. Halsoverkop moest de directeur en eigenaar van verrereizenspecialist Tenzing Travel zijn klanten terughalen. Duizend mensen. 220.000 euro kostte het De Wilde. In juli ging Tenzing failliet.

Daarmee is het tot nu het enige grote reisbedrijf in Nederland dat de crisis niet overleefde. De Wilde besloot te stoppen voordat hij „een miljoenenschuld” zou hebben opgebouwd. De rest van de sector overleeft nog dankzij de steun van de overheid.

Als De Wilde in november op het Amsterdamse kantoor van een bevriende collega terugkijkt op een bewogen jaar, praat hij in de tegenwoordige tijd over het bedrijf waarvan hij in 2011 grootaandeelhouder werd. De merknaam – vernoemd naar de Nepalese bergbeklimmer Tenzing Norgay, die in 1953 samen met Edmund Hillary als eerste de Mount Everest bedwong – is inmiddels overgenomen. De Wilde zint wel op een doorstart. Hij wilde die snel na het faillissement al maken, maar bedacht zich. Het moet niet te snel, maar verantwoord, en passend in een post-coronatijdperk.

Hij is opgelucht dat hij schuldenvrij is, maar ook boos. De Wilde ergert zich aan de desinteresse die hij ziet bij de politiek voor de problemen van de reisbranche. Steun specifiek voor de reissector is nog steeds niet rond.

„Restaurants en sportscholen moesten dicht, maar zij konden tenminste alternatieven bedenken”, zegt hij. „Zoals thuisbezorgen of bootcampen in het park. De reissector niet. Wij zijn een jaar omzet kwijt. Een jaar! En in die periode hebben we ontiegelijk veel werk verzet. Reizen annuleren, omboeken, weer annuleren, vouchers uitschrijven. Collega’s bij andere bedrijven zijn fysiek bedreigd door klanten. We hebben zoveel shit over ons heen gekregen.”

Lees ook: De streep door alle vakanties, ski en zon, is een nieuwe klap voor de reisbranche

Dat doet u pijn?

„Ja. Er is gebrek aan kennis over de reissector. Er wordt vaak gezegd dat de consument zijn geld kwijt is als een reisorganisatie failliet gaat. Dat is gewoon niet waar, maar klanten worden daar hartstikke bang van. Er is, ook door de regering, gezegd: ‘Ga niet op vakantie, want als het land op oranje gaat, halen wij je niet terug.’ Ook dat is niet waar. Wij zijn wettelijk verplicht om mensen terug te halen en dat doen we ook. En als een reisorganisatie failliet gaat, zijn de vouchers gedekt door de Stichting Garantiefonds Reisgelden.”

Terug naar begin dit jaar. Wanneer merkte u: dat gaat ons raken?

„Eind januari. Wij zijn een verrereizenorganisatie en horen het altijd snel als er in de wereld iets loos is. Politieke onrust in Thailand, een tyfoon in de Cariben. Lokale partners meldden al snel dat er iets was wat ons parten kon gaan spelen. Ik weet nog goed dat ik op een feestje vertelde over corona. Iedereen zei: ‘Joh, niks aan de hand, waar maak je je druk om?’ Vijf, zes weken later ging de hele wereld op slot.”

Had u toen klanten in China?

„Ja, maar niet in Wuhan. Da’s geen plek waar je naar toegaat als toerist. Wel rond Beijing en Shanghai en heel veel in Azië. Over de hele wereld eigenlijk. Duizend mensen, schat ik. Die zijn wij gaan terughalen toen de regering zei dat er gerepatrieerd moest worden.”

Was dat voor u lastiger dan voor andere bedrijven?

„Ja, bij een charter naar de Canarische Eilanden is het niet heel moeilijk. Dat ligt anders bij een verrereizenorganisatie. Geen twee reizen zijn hetzelfde. Iedereen lokaliseren, was al een hele klus. Klanten wisten vaak ook van niks. Die dachten: ‘Ik ben in Zuid-Chili, daar is niks aan de hand, ik blijf lekker hier.’”

Wie betaalt de repatriëring?

„De reisorganisatie. Dat staat in de Wet op de reisovereenkomst. En dat dóe je, maar je kunt je afvragen of het fair is dat de hele rekening bij de reissector wordt neergelegd. Dat steekt enorm. De crisis ligt buiten onze invloedssfeer. De Nederlandse reiswereld kent een heel sterke consumentenbescherming. Hartstikke goed, maar het zou niet tegen elke prijs zo moeten zijn.”

U zegt dat het kabinet te weinig begrijpt van de reisbranche. Waaraan merkt u dat?

„Neem het warrige reisadvies. Oranje, geel, terug naar oranje. Er is geen touw aan vast te knopen. Het is symboolpolitiek. Als je zulke belangrijke beslissingen moet nemen over een sector – reizen, horeca, cultuur – waarom maak je dan niet een taskforce van tien man die zorgen dat ze snappen hoe een sector in elkaar zit?”

Er komt nu toch een ‘voucherbank’: krediet voor reisbedrijven die te veel vouchers moeten vergoeden?

„Dat is ook heel goed. Maar dat dekt niet alle kosten. En hoe ga je bepalen wie er geld krijgt en wie mag blijven bestaan? Ik twijfel of dat op een goede manier wordt gedaan. Het geld moet naar toekomstbestendige bedrijven. Of een bedrijf een financieel gezonde toekomst heeft, is bijna niet te bepalen. Nog moeilijker is het met duurzaamheid. Hoe beoordeel je dat? Misschien doe ik wel aan CO2-compensatie, maatschappelijke projecten op de bestemmingen, screening van hotels op duurzaam beleid?”

Merkt u een andere houding in de samenleving ten aanzien van toerisme?

„De reissector zit in het verdomhoekje. En dat snap ik ook wel. Hebben ze het over KLM, dan gaat het alleen over duurbetaalde piloten en milieuvervuiling. En over Booking.com zegt men dat het miljarden subsidies en belastingvoordeel krijgt en vervolgens zijn handje ophoudt voor de NOW. Dat is natuurlijk geen goede reclame voor de reissector. Maar voor het overgrote deel bestaat die uit zelfstandigen en kleinere bedrijven die verantwoord en vol passie hun vak uitoefenen. Het is terecht dat massatoerisme aan de orde wordt gesteld. Toerisme waarbij je niets teruggeeft aan een land, daar kan je zeker vraagtekens bij zetten. Verrereizenorganisaties gaan echter naar gebieden waar ze meer brengen dan weghalen. Aan excessen als massatoerisme en de CO2-uitstoot moet nu echt iets gebeuren.”

Wanneer zag u afgelopen jaar geen perspectief meer voor uw bedrijf?

„Begin juli vroegen we ons af: willen we schuld opbouwen om het bedrijf overeind te houden? Als we hadden geweten dat de wereld pakweg een maand later weer open zou gaan, waren we heus doorgegaan. Maar er was geen perspectief. Nog steeds niet eigenlijk. Amerika en Canada zijn voor ons belangrijke bestemmingen. Als die op slot zouden gaan, zeiden we steeds, dan moeten we zulke grote schulden opbouwen. Toen gingen ook Australië en Nieuw-Zeeland dicht. Doorgaan was niet meer verantwoord. Je kunt het gewoon uitrekenen. We maakten van die spreadsheets; als Amerika in juni opengaat. Tanzania in augustus. Later las ik die terug: hoe kon ik zo naïef zijn?”

En toen moest u op een dag een akelige mail tikken aan uw personeel?

„Kijk, mensen zijn niet gek. Je moet ze niet met één of ander bullshit-verhaal aan het lijntje houden. Zij zien ook wel dat alle omzet wegvalt en de kosten doorlopen. Half juli heb ik iedereen bij elkaar geroepen op kantoor in Amsterdam. In een zaaltje, met inachtneming van de coronaregels uiteraard. Ik heb ze het verhaal verteld zoals het was. En ja, dat is natuurlijk dramatisch. Sommigen zagen het aankomen, voor anderen was het een donderslag bij heldere hemel. Het kwam keihard aan, keihard, maar ze hadden ook veel begrip.”

U stond ongetwijfeld vol emoties voor die zaal.

„Ja, het is natuurlijk ook mijn baby, hè. Ik heb het bedrijf in 2011 overgenomen. Het ging ook gewoon goed. In 2019 haalden we 34 miljoen euro omzet, en we gingen echt een héél goed 2020 tegemoet. Dat maakt het des te pijnlijker. Bij mijn personeel heb ik wel een snik gegeven. Achteraf ben ik blij dat ik deze beslissing heb genomen. En dat het faillissement keurig is afgewikkeld. Klanten die al hadden geboekt, kregen van de Stichting Garantiefonds Reisgelden (SGR) hun geld terug. Als ik het niet had gedaan, had ik nu tot mijn nek in de ellende gezeten. Eén ding is zeker: de volumes die we tot 2019 draaiden gaat de reissector de komende vier, vijf jaar niet draaien. De verrereizenmarkt wordt misschien de helft zo groot.”

Zullen mensen anders gaan reizen?

„Het reisgedrag zal veranderen. De milieudiscussie gaat impact hebben. Welke maatregelen gaat de regering daaraan koppelen? Misschien gaan we reizen in bubbels. Dan wordt Europa een ‘reisbubbel’, of Australië en Nieuw-Zeeland. Daarbinnen mag je dan vrij reizen, maar er naartoe mag alleen als het noodzakelijk is, naar familie of wie dan ook.

„Ik ben de eerste, en bijna de enige die is gestopt. Dat doet nog steeds pijn. Aan de andere kant geeft me dat straks een voordeel. Ik start schuldenvrij. Zonder ballast, zonder afbetalingen, zonder leningen, zonder ellende. Ik kan dan from scratch een reisbedrijf opbouwen waarvan ik denk dat het past binnen de nieuwe realiteit.”