‘Negatieve uitslag van Amerikaanse sneltest niet zo betrouwbaar’

De coronasneltest van de Amerikaanse fabrikant Abbott is in het geval van een negatieve uitslag minder betrouwbaar dan werd aangenomen, zo schrijft de NOS vrijdagavond op basis van onderzoek dat werd uitgevoerd door het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Een negatieve uitslag blijkt in veel gevallen onjuist te zijn, zegt de bij het onderzoek betrokken epidemioloog Frits Rosendaal.

Onderzoekers keken naar de resultaten van deze commerciële sneltest, onder de 298 patiënten die zich van 25 november tot en met 22 december bij de huisartsenpost voor coronaklachten in Leiderdorp en Den Haag hebben gemeld. Zij kregen de standaard PCR-test, en daarna de Abbott-antigeentest die na vijftien minuten een uitslag geeft. Die tests spoorden zo’n 60 procent van de positieve gevallen (volgens de PCR-test) op. Er werden dus besmette mensen ‘gemist’ met de antigeentest: de 90 procent gevoeligheid waarover de fabrikant publiceert „vinden wij niet” in de studie, aldus Rosendaal.

Producent Abbott laat aan de NOS weten niet op de hoogte te zijn gebracht van het onderzoek. Dat is volgens het LUMC omdat het onafhankelijk onderzoek doet. Het onderzoek van het LUMC betreft een kleine groep patiënten met klachten die zich lieten testen. Dat betekent dat de kans op toevalligheden ook groter is. Het team van Rosendaal stelt zo zeer te zijn „geschrokken” van het afgeronde onderzoek en mensen te willen waarschuwen: „We zijn bang dat mensen zich veilig wanen na een negatieve sneltest en Kerst met familie gaan vieren”.

De sneltesten die het bedrijf Abbott produceert, worden volgens NOS ook aangeboden bij commerciële teststraten. Het wordt ook bij de XL-teststraten gebruikt.

Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: Nieuwe, besmettelijkere variant coronavirus verspreidt zich