Senne (16) verloor twee opa’s en een oma aan corona

Corona In korte tijd moest de Brabantse Senne Opheij afscheid nemen van opa Coppens en opa en oma Opheij. „Opa’s en oma’s zijn mensen die er altijd voor je zijn.”

Senne Opheij met haar oma Dora Opheij.
Senne Opheij met haar oma Dora Opheij. Foto privé

Het fijne aan opa’s en oma’s, zegt Senne Opheij (16), is dat dat ze altijd voor je klaar staan. „Ongeacht wat er aan de hand is in je leven. Het is onvoorwaardelijk. Dat is met ouders ook zo, maar opa’s en oma’s hoeven je niet de schuld te geven als er iets misgaat.” In het begin van de eerste coronagolf is Senne haar opa Cor Coppens (78) uit Zijtaart en opa Harrie (85) en oma Dora Opheij (84) uit Erp verloren. Oma Cisca Coppens (90) had ook coronaklachten, overleefde het en moest noodgedwongen in een verpleeghuis gaan wonen, omdat ze het niet redt zonder de zorg van haar man.

„Het is nog niet helemaal ingedaald”, zegt Anita Opheij, de dochter van Cor en Cisca „Het was gewoon te veel achter elkaar.” Kleindochter Senne moet nu vaker huilen dan toen het net gebeurde. „Veel mensen hebben er gelijk last van als er iemand overlijdt. Maar ik moest zo snel door in alles. Eerst opa en oma en toen weer opa. Meteen online school. Ik moest wel. Er telden dingen mee voor het examen.” In maart heeft Senne het wel aan haar mentor verteld maar verder weet bijna niemand in de klas het. Toen ze na de zomervakantie weer fysiek les kreeg, merkte Senne dat ze niet goed in haar vel zat. „Ik was verdrietig en boos vanwege de hele situatie. Dat ze overleden waren, en de manier waarop alles moest en ging.” Ze uit haar verdriet zo min mogelijk in de klas. „Daar ga ik niet huilen, dat zul je mij niet zien doen. Het blijft een middelbare school. Je wil daar niet het meisje zijn dat jankend in de klas zit.” Maar het kropt wel op, zegt ze. Thuis komt het verdriet er vaker uit, soms vermomd als woede.

Thuis komt het verdriet er vaker uit bij kleindochter Senne, soms vermomd als woede

Cor Coppens runde een klein gemengd boerenbedrijf en was toen zijn kinderen jong waren daarnaast vrachtwagenchauffeur. Zijn zaak kon hij op zijn 56ste verkopen, daarna ging hij met pensioen. Maar hij had geen ‘zitkont’, zegt zijn dochter Anita Opheij, en daarom nam hij een krantenwijk. Iedere ochtend, tot vlak voor zijn overlijden, bezorgde hij het Brabants Dagblad in Zijtaart. Zijn vrije tijd bracht hij door op de manege. Cor was nog geen twintig toen hij zich ging bekommeren om het gezin van Ciska, een weduwe uit het dorp, die na het overlijden van haar man was achtergebleven met drie kinderen. Hun levens raakten met elkaar vervlochten, en toen Cor 21 was en zij 33, trouwden ze met elkaar. Samen kregen ze nog eens vier kinderen, hun zoontje van tien maanden overleed door onverklaarbare oorzaak in zijn wieg.

Grootvader Cor Coppens van Senne Opheij.

Foto privé

Harrie en Dora Opheij leerden elkaar kennen tijdens dansmiddagen in de omgeving. Ze kregen vijf kinderen, maar een meisje, een van een tweeling, overleed na drie dagen. Het echtpaar Opheij was samen een geoliede machine, zegt schoondochter Anita. Hoewel Dora het meeste huishoudelijke werk op zich nam, kookten ze vaak samen. Met het kerstdiner zaten de kinderen en kleinkinderen in de woonkamer te kletsen terwijl zij in de keuken het eten maakten. „Harrie deed voor iedereen klusjes. Toen we op vakantie waren, vroegen we een keer of hij de aanhanger klaar wilde zetten voor het tuinafval omdat we na thuiskomst de heg wilden snoeien. Kwamen we terug, was de heg al aan alle kanten gesnoeid.”

Harrie Opheij was nauw betrokken bij de aanleg van het eerste kunstgrasveld van Noordoost-Brabant, bij zijn voetbalclub R.K.V.V. Erp. ’s Avonds tijdens wandelingen inspecteerde hij vaak de laatste werkzaamheden.

„Dora had haar leven voornamelijk in huis”, zegt Anita. Ze hield van knutselen, handwerken en koken, en ze onderhield samen met haar man de moestuin. Er zijn heel wat dieren aan komen lopen die door Dora liefdevol werden opgevangen. Dora en Harrie waren er trots op dat ze nog geen thuishulp nodig hadden, in hun grote woning in Erp. De twee kleinkinderen, Senne en haar broer Jesse, waren het belangrijkste in hun leven, zegt Anita. „Bij opa en oma mochten ze doen wat ze maar wilden.”

Nog even bij elkaar

Harrie Opheij zakte in elkaar terwijl hij op de voetbalclub als vrijwilliger het complex aan het opruimen was.. Toen de ambulancebroeders hem thuis ophaalden, zagen ze dat Dora ook heel benauwd was. Ze hoorden bij de eerste patiënten in het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch. Op 15 maart, de dag dat Mark Rutte zijn eerste speech in het torentje hield, overleed Dora, en twee dagen later ook Harrie. „Het verplegend personeel heeft Dora en Harrie nog even bij elkaar gezet. Ze hebben elkaars handen nog vastgehouden.”

Op 23 maart zijn ze samen begraven. „Er mochten maar heel weinig mensen bij zijn”, zegt Senne. Zeven nabestaanden in het uitvaartcentrum, en negen op de begraafplaats. „Het is heel gek dat je met een klein groepje om twee kisten staat, bij mensen die veel meer verdienen dan dat.”

Opa Harrie en oma Dora Opheij

Foto privé

Na de begrafenis zat de familie na te praten aan tafel, toen Anita geappt werd: haar vader Cor was ook ziek. „Dus het stopte niet”, zegt Senne. „Ik zat gelijk weer in een hoge stressmodus.” Ook corona. „Hij is naar het ziekenhuis in Leeuwarden gebracht omdat er geen plek meer was in Brabant. Ze hebben hem toen gevraagd of hij wel naar de intensive care wilde.” Anita: „Mijn vader was nog maar 78, dus hij zou er alles aan doen om beter te worden, heeft hij toen gezegd tegen de artsen.”

Op de begrafenis van opa Cor was iets meer mogelijk, er mochten dertig mensen naar de uitvaart en er was een rondrit door het dorp. Senne: „Met paard en wagen een rondje door Zijtaart, de kist lag erop. Er stonden allemaal dorpsgenoten langs de weg. Op de ponyclub deden ze nog een laatste rondje door de bak. Je kon in ieder geval zien welke impact hij heeft gehad in het dorp.”

In september was er een mooi afscheid voor opa en oma Opheij op de voetbalclub, zegt Senne, waarbij een tribune naar Harrie is vernoemd. „We hadden toen toch nog iets van afsluiting.”

Dora is van Harrie ziek geworden, die het waarschijnlijk ergens rondom het voetbalveld heeft opgelopen. Cor was wezen biljarten in het dorpshuis, en naar een begrafenis van een pater. Daar bleken laten zieke mensen te hebben rondgelopen. „Onze opa’s waren lekker actief bezig”, zegt Anita. „Die mensen lopen het meeste risico. We leefden toen nou eenmaal zo met elkaar.”