Celeste Plak: „Er wordt bij clubs zoveel van je gevraagd, dat ik het laatste jaar vaak dacht: laat me met rust.”

Foto Merlijn Doomernik

Interview

Celeste Plak: ‘De redenatie is: ik geef geld, dus mag ik over je heen pissen’

Volleybal International Celeste Plak (25) last dit jaar een pauze in nadat ze mentaal en fysiek was ingestort. De tol van tien jaar topvolleybal. „Ik voel weer, vooral rust en vrede.”

Celeste Plak kreeg plotseling last van trillend tandvlees, begon snel te ademen, zwaar te zweten, zag sterretjes, voelde haar lichaam tintelen, werd misselijk, kreeg het zwart voor de ogen. Regelrechte paniekaanvallen, in het veld welteverstaan. De volleybalster wist soms niet waar ze het zoeken moest en dacht op die momenten maar één ding: asjeblieft, haal me hier weg!

Maar ze bleef staan. Celeste Plak, 25 jaar, moest wel, vond ze. De volleybalster kon die nare gevoelens steeds wegstoppen en de ballen met die haar zo kenmerkende powerklappen tegen de grond blijven rossen. Ze ging maar door, en door, en door. Tot ze geblesseerd raakte én instortte. Zelf spreekt ze van exploderen, zo heftig voelde het. Nu weet ze: die aanvallen onderdrukken is niet goed geweest. Zal ze ook nooit meer doen, nooit.

Maar hoe gaat dat als gelouterde volleybalster met een goed contract en 261 interlands achter je naam? Je hebt een status opgebouwd, met daaraan verbonden verplichtingen. Stoppen is geen optie, denk je als topsporter. Tot er een moment komt dat de geest het lichaam corrigeert. Afgelopen voorjaar kwam Plak abrupt tot stilstand. Tien jaar topvolleybal had haar mentaal gesloopt.

Er restte één oplossing: stoppen en wel onmiddellijk. Tijd voor een sabbatical, tijd voor bezinning. Ze was een robotje geworden, zegt Plak. Een mechanisch poppetje, dat in een sneltrein zat waaruit het onmogelijk ontsnappen was. „Ik deed maar en deed maar, omdat het gevraagd werd, omdat het ‘normaal’ was; alles op de automatische piloot.”

Bijna een jaar verder, aan tafel in haar Apeldoornse appartement, zoekt Plak voorzichtig naar woorden om haar gemoedstoestand van toen te beschrijven. Ze schuift heen en weer op haar stoel. Ze wil haar hart laten spreken zonder anderen te kwetsen. En ze wil collega-topsporters waarschuwen voor die gevaarlijke „mentale blessure”.

Plak schaamt zich niet langer voor haar ineenstorting. Aanvankelijk wilde ze haar probleem stilhouden en hoopte ze tijdens de gedwongen coronapauze op een snel herstel.

Niet dus. De sportvrouw met die kenmerkende bos zwarte krullen kwam er uiteindelijk mee naar buiten en werd bedolven onder een lawine aan positivisme. Geestelijke wankelmoedigheid blijkt echt een ‘ding’ onder topsporters. Celeste Plak werd erdoor overvallen, maar het sterkt haar in de complexe zoektocht naar zichzelf.

Ben je aan de weet gekomen wie Celeste Plak werkelijk is?

„Naar dat antwoord ben ik al acht maanden op zoek en ik begin er beetje bij beetje achter te komen. Ik leef op passie, op intuïtie en wil mijn sprankeling graag op anderen overbrengen. Ik voel weer, vooral rust en vrede. Dat klinkt zweverig, maar beter kan ik het niet omschrijven.”

Is te herleiden waar het misging?

„Dat heeft vooral betrekking op de club [na vijf jaar in Italië speelde ze afgelopen seizoen bij Aydin in Turkije], minder op het Nederlands team. Er wordt bij clubs zoveel van je gevraagd dat ik het laatste jaar vaak dacht: laat me met rust. Het gaat louter om het resultaat, aan pijntjes hebben ze geen boodschap. Leidt dat tot een slechte wedstrijd, dan word je voor rotte vis uitgemaakt, dan ben je niks waard. Of een sponsor schreeuwt in je gezicht. De onderliggende redenatie is: ik geef geld, dus mag ik over je heen pissen. Dat heb je tot zekere hoogte te slikken. Nou, daar haalde ik geen geluk meer uit.”

Was het verwachtingspatroon misschien te hoog?

„Ach, dat niet zozeer. Ik kan goed met druk omgaan. Maar die druk is er al tien jaar, dag in dag uit. En je kunt die wereld nooit uitstappen, hè. Zelfs niet op een vrije dag, want je mag niet op een skateboard staan of een hamburger eten. Even uitpuffen is godsonmogelijk.”

Dat benauwde steeds meer.

„Ja, zodanig dat ik in het veld die paniekaanvallen kreeg. Ik had het gevoel dat er steeds meer van me gevraagd werd, een verlangen waaraan ik niet meer wilde voldoen.”

Was dat wanhopige gevoel te voorkomen geweest?

„Ja, als ik eerder over mijn problemen was gaan praten. Maar ik wil alles zelf oplossen. Dat kon op een goed moment niet meer.”

Celeste Plak: „Er wordt bij clubs zoveel van je gevraagd, dat ik het laatste jaar vaak dacht: laat me met rust.” Foto Merlijn Doomernik

Plak werd geadviseerd een sportpsycholoog in de arm te nemen. Ze hield het contact aanvankelijk af, om eerst tot zichzelf te komen. Maar die ontwikkeling ging trager dan gehoopt. Tot ze drie maanden terug alsnog bij Nynke Klopstra aanklopte. Wat een opluchting, wat een herkenning. Bij haar mentale begeleider, een oud-judoka, vindt ze rust, een luisterend oor en empathie.

Het herstel is inmiddels zover gevorderd, dat Klopstra haar een rentree adviseerde. Op 30 november stapte Plak op het nationale sportcentrum Papendal weer een sportzaal binnen, en een week later nogmaals. Vooral die eerste keer was ze gespannen. Ze keek, snoof, monsterde de omgeving, haalde diep adem en stapte de drempel over. Een minimale inspanning met een maximale impact. Maar het ging goed.

Er was nog veel onwennigheid op die vertrouwde vloer, maar tot Plaks opluchting bleven negatieve gedachten achterwege. Een balletje slaan, geen probleem, alsof ze nooit was weggeweest. Maar die jonge meiden van het nationale opleidingsteam van coach Avital Selinger, bij wie ze therapeutisch meetrainde, moesten haar wel veelvuldig haar plek wijzen. „Ik was alle systemen kwijt.”

Plak kan er achteraf smakelijk om lachen. Ze had eindelijk haar teen weer in het zwembad kunnen steken. Er stroomde weer een beetje sportgeluk door haar aderen. „Alsof ik nooit was weggeweest”, zegt ze merkbaar opgelucht. „Een kleine, persoonlijke overwinning, zonder daar onmiddellijk conclusies over een rentree aan te verbinden. Ik sta er vooralsnog neutraal in.”

Kijk je ondanks alles met enig plezier op de afgelopen tien jaar terug?

„Ja, omdat ik twee goede keuzes in mijn leven heb gemaakt: dat ik aan topsport ben gaan doen en na tien jaar besloot een pauze in te lassen.”

Daar zit een tegenstrijdigheid in.

„Klopt, maar alles wat gebeurt, maakt wie je bent. Als sporter heb ik veel moois meegemaakt, veel levenservaring opgedaan, fijne mensen ontmoet, maar ook de downside leren kennen. Mij wordt vaak gevraagd of dit mijn zwaarste levensjaar was. Nee, antwoord ik dan, juist mijn mooiste. Dit jaar kwam alles samen, mijn donkerste en lichtste kant. Geluk stelt niks voor als je niet weet hoe het voelt om verdrietig te zijn.”

Als ik terugkeer als volleybalster zal ik anders gaan denken en handelen. De oude manier is pertinent een no-go

Bestaat bij een rentree niet het gevaar van een terugkeer naar het oude stramien?

„Zeker, het is makkelijker om eruit dan erin te stappen. De eerste weken keek ik steeds op mijn telefoon om te weten wat ik moest doen. Mijn schema was voor een periode van drie weken per half uur uitgeschreven. Het is heel bevrijdend nu zelf mijn dag te kunnen indelen. Maar als ik terugkeer als volleybalster zal ik anders gaan denken en handelen. De oude manier is pertinent een no-go. Maar de vraag is nog steeds of ik weer in die sneltrein wil stappen, want ik heb interessante andere plannen.”

Zoals?

„Samen met honkballer Kalian Sams, die ik ontmoette bij een workshop van TeamNL, wil ik jeugd in achterstandswijken gaan begeleiden. Daarvoor zetten we een netwerk op. Vanwege bezuinigingen gaat het heel slecht in de jeugdzorg en valt voor probleemjongeren het laatste stukje houvast weg. Ik wil helpen hun talent te zoeken en te stimuleren. Ik wil voor die groep opkomen om te laten zien dat ze er wél toe doen.”

Plak heeft met haar sabbatical geen statement willen maken, maar ze beschouwt haar besluit wel als een aanklacht tegen met name de wereldvolleybalbond FIVB, die meer uit financiële dan sportieve overwegingen nieuwe toernooien verzint en volleyballers de wereld over jaagt, met als gevolg dat topspelers in het gunstigste geval een week vakantie hebben. Er is amper inlevingsvermogen, laat staan ruimte voor rust.

Moet de internationale agenda ingekrompen worden?

„Absoluut. Wij worden als pionnen gezien, niet als mensen. Neem zo’n Volleybal Nations League [VNL] waar we in zeven weken de wereld over reizen, van jetlag naar jetlag, en zo verschillend eten dat je spijsvertering ervan ontregeld raakt. Leuk voor de fans, maar rampzalig voor speelsters. Binnen ons team vindt iedereen die VNL verschrikkelijk. Maar ja, er gaat gigantisch veel geld in om, hè. Maar bijzonder weinig voor ons.”

Kan de aanstelling van Avital Selinger als bondscoach een terugkeer beïnvloeden?

„Ik had het nieuws niet meegekregen. Teamgenote Kirsten Knip belde me. Of ik al over de nieuwe bondscoach gehoord had? Ik achteloos: nee, wie? Toen ze Selinger noemde, kreeg ik een brok in mijn keel. Een goede trainer die de basis voor het succes van het huidige Nederlands team heeft gelegd. Een empathisch mens, die bovendien Nederlands spreekt; fijn voor de communicatie. Mijn proces staat los van Selinger. Als ik weer wil volleyballen maakt het in principe niet uit wie er voor de groep staat. Maar Selinger kan daar wel een positieve invloed op hebben, dat kan ik wel zeggen.”