Muziekleraar Joe Gardner is op weg naar een noodlottig ongeval, in ‘Soul’.

Foto Pixar

Interview

Pixar-pionier Pete Docter: ‘Grote keuzes maak ik op gevoel’

Interview | Pete Docter In zijn nieuwste animatiefilm ‘Soul’ verkent regisseur Pete Docter speels de vraag naar de zin van het bestaan. ‘Soul’ is de eerste Pixar-film met een Afro-Amerikaans hoofdpersonage.

De beste filmplannen beginnen met een heel simpele eerste gedachte, stelt regisseur Pete Docter (52). De animatiefilm Inside Out, over de emoties in ons hoofd die bepalen hoe we ons gedragen, ontstond na een conflict met zijn puberende dochter. En zijn nieuwste film Soul kwam voort uit existentiële vragen waar hij rond zijn vijftigste verjaardag mee worstelde. „Ik ben heel gelukkig met mijn leven en met wat ik mag doen bij Pixar”, legt hij uit tijdens een interview per Zoom. „Maar de laatste jaren bekroop mij steeds vaker het gevoel dat er toch méér moest zijn dan alleen het maken van tekenfilms. Is dat echt de keuze die ik zou maken als ik ooit de kans kreeg opnieuw mijn leven op aarde in te richten?”

Dat is ook de vraag waar docent en muzikant Joe Gardner (stem van Jamie Foxx) tegen aanloopt als hij daags voor een langverwacht optreden in de bekendste jazzclub van New York komt te overlijden. Door vreemd toeval krijgt hij de kans terug te keren op aarde, mits hij de roekeloze jonge ziel 22 (stem van Tina Fey) kan uitleggen wat er zo bijzonder is aan het menselijk leven. Deze plot lijkt wellicht zware kost voor jonge kijkers. Maar Pixar heeft de reputatie ook zijn niet-volwassen publiek heel serieus te nemen. „Kinderen houden er niet van als je voor ze op de knieën gaat”, beklemtoont Docter. „Ze krijgen in het echte leven ook te maken met zaken als dood of ziekte. We maken dat soort plotkeuzes altijd op ons gevoel.”

Pixar schreef geschiedenis door in 1994 met Toy Story de eerste niet-handgetekende lange animatiefilm ooit af te leveren. Sindsdien stelt vrijwel elke nieuwe film de tekenaars voor technische uitdagingen. Hoe tover je uit de computer geloofwaardig miljoenen haren (Monsters, Inc.), het water in de Stille Oceaan (Finding Nemo) of mensen die zichzelf kunnen uitrekken alsof ze van rubber zijn (The Incredibles)?

Voor Soul moesten regisseur Docter en zijn team bedenken hoe de hemel en een ziel eruitzagen. „We keken als basis naar het beeld dat de meeste filosofen schetsen van een ziel, als een soort wolkje lucht. Alleen is het noodzakelijk dat je in animaties ook ongedefinieerde objecten een gezicht kan geven. Anders kan je geen emoties uitdrukken: de kijker moet kunnen zien wat een personage denkt of voelt.” Ziel 22 werd uiteindelijk een soort paddenstoelvormig wolkje dat doorlopend wordt omgeven door een lichte gloed. Voor dit effect moest Pixar nieuwe technieken ontwikkelen.

Hoofdpersoon Joe Gardner beoefende tijdens het schrijfproces, dat drie jaar in beslag nam, verschillende beroepen. Hij was een zakenman, een acteur, een wetenschapper en zelfs een bankovervaller. Maar na het zien van een opname van een concert uit 1963, toen jazzpianist Herbie Hancock het podium deelde met trompettist Miles Davis, vielen alle puzzelstukjes op hun plek, vertelt regisseur Docter.

De piepjonge Hancock sloeg tijdens het optreden een verkeerd akkoord aan. Miles Davis speelde echter verder; zijn improvisatie zorgde ervoor dat de noten van Hancock opeens wél klopten. „Ik begreep in één keer dat jazz een prachtige metafoor is voor het leven. Soms gaan dingen niet zoals je zou willen. Maar dan nog kan de weg die je hebt bewandeld naar iets heel moois of waardevols leiden.”

De keuze voor een arena waarin jazzmuziek een belangrijke rol speelde, zorgde er wat Docter betreft voor dat Soul de eerste Pixar-film werd met een Afro-Amerikaans hoofdpersonage. Daarom benaderde hij een schrijver en meer tekenaars van kleur om het makersteam te versterken. Hij stelde ook een groep van consultants samen om de zwarte cultuur op de juiste manier te verbeelden in de film. De belangrijkste adviseur werd Johnnetta Cole, de oud-directeur van het Museum of African Art in Washington: geen design, haardracht of storyboard (in totaal 73.000 stuks) belandde in de film zonder haar goedkeuring.

„Als je een animatiewereld creëert, ga je doorgaans dingen en mensen stileren”, legt Docter uit. „Maar soms is het even zoeken naar de juiste toon van de cartooneske weergave van een werkelijkheid die je maakt. Het is natuurlijk een animatie waarin dingen gebeuren die niet kunnen. Maar tegelijkertijd wilden we dat de film realistischer zou aanvoelen dan over het algemeen het geval is in dit genre. Daar leenden dit verhaal en het thema zich gevoelsmatig beter voor.”

Lees hier de recensie van ‘Soul’

Scenarist Kemp Powers (toen 45) bewerkte op verzoek van de regisseur de basisideeën die er lagen aan de hand van ervaringen uit zijn eigen leven. Zo bedacht hij om Gardner in de New Yorkse wijk Queens te laten wonen en hem een bezoek te laten brengen aan een barbershop, een ouderwetse kapsalon die in zwarte gemeenschappen een belangrijke sociale functie vervult. „Als kind had ik geen tekenfilms waarin ik mijzelf kon herkennen”, vertelt Powers. „Het is geweldig om mee te werken aan een animatiefilm waarin meer dan de helft van de personages niet-wit is. Die representatie in zo’n populaire kunstvorm is zo onwaarschijnlijk belangrijk.”

De makers hebben er ook bewust op gelet dat er diversiteit is in de huidstinten van de verschillende zwarte personages. „Ik hoop echt dat Soul in dat opzicht veel navolging krijgt in Hollywood.”

Regisseur Docter heeft geen idee waarom het een kwart eeuw en 23 films heeft geduurd voordat Pixar zich durfde te wagen aan zijn eerste Afro-Amerikaanse protagonist. „Ik heb geen goed antwoord op die vraag”, bekent hij. „De meeste tekenfilms gaan over heldhaftige witte mannen. Dat is een historisch gegeven; we moeten echt harder ons best doen. Fans van elke mogelijke culturele achtergrond hebben hetzelfde recht om zichzelf terug te zien in de verhalen die wij vertellen.”