De klap die het betaald voetbal in 2021 wacht

Vier kwesties voor het profvoetbal Restitutie voor seizoenkaarthouders, sponsors die zich terugtrekken, buffers die opraken: de Nederlandse Eredivisieclubs krijgen een lastig jaar.

Ajax speelt in een lege Johan Cruijff Arena een oefenwedstrijd tegen RKC Waalwijk.
Ajax speelt in een lege Johan Cruijff Arena een oefenwedstrijd tegen RKC Waalwijk. Foto Olaf Kraak/ANP

Het zijn taaie rakkers. Aan het eind van een jaar waarin het betaald voetbal werd geconfronteerd met de grootste crisis sinds de start in 1954, staan alle 34 Nederlandse profclubs nog overeind. Maar de zorgen over de toekomst zijn groot.

Betrokkenen noemen het verrassend dat nog weinig naar buiten is gekomen over financiële problemen bij clubs. Dat lijkt een kwestie van tijd. De verwachting is dat de grote klap nog komt, in 2021.

„We zijn zeker niet zielig”, zei Ajax-commercieel directeur Menno Geelen vorige maand in een podcast van Voetbal International. „Maar we gaan wel echt diep, diep in de rode cijfers.” Clubs gaan nu een korte winterstop in, na de laatste volledige Eredivisiespeelronde dit jaar – met duels dinsdag en deze woensdag. Wat staat ze te wachten in 2021?

1 Aantal opnames op de intensive care moet eerst flink dalen

Voor clubs is het cruciaal wanneer publiek weer naar het stadion mag. Zij hopen dat dit al in januari kan. Maar dat is zeer de vraag, zelfs voor februari. Premier Mark Rutte liet de KNVB onlangs weten dat mogelijk pas weer met beperkt publiek kan worden gespeeld als het aantal opnames op de intensive care daalt naar tien of minder per dag (de signaalwaarde). Al sinds eind september zit dit ruim boven de tien en momenteel ligt het gemiddeld aantal dagelijkse IC-opnames op veertig. Terugkeer van fans is dus nog ver weg.

Dat stelt clubs voor forse uitdagingen. Stadionbezoek is de levensader van het Nederlands profvoetbal, waar buitenlandse topcompetities met name drijven op mediagelden. Een jaar zonder publiek (lees: seizoenkaarten, losse tickets, businessseats, hospitality) kost Ajax – op een omzet van 162 miljoen – zo’n 55 miljoen euro. Doordat wedstrijdkosten nu lager uitvallen, gaat het om ongeveer 45 miljoen. Dit seizoen is het „overleven”, zei Geelen. „Om dan volgend seizoen de schade die we dit jaar gaan lijden, die echt groot zal zijn, weer een beetje te herstellen.”

2 Opeten van de eigen oorlogskas

Met hangen en wurgen houden clubs zich nu staande. Belangrijke inkomstenbronnen lopen door: de meeste sponsors zijn clubs blijven steunen, opvallend veel fans kochten een seizoenkaart en zendgemachtigde Fox Sports betaalt volgens afspraak de tv-gelden. En de NOW-regeling (voor salarissen) helpt clubs de winter door, met sectorbreed maandelijks miljoenen noodsubsidie. Salarissen vormen de grootste kostenpost van clubs, tot soms zestig procent van de begroting.

Lees ook: Voetbal is niets zonder supporters in het stadion. ‘Hier kom ik terug. Hier komen wíj terug’

„Er is fors bezuinigd op alle mogelijke manieren”, zegt directeur Serge Rossmeisl van de FBO, de federatie die de belangen behartigt van profclubs. „Selecties zijn ingekrompen, salarissen zijn naar beneden gebracht, van medewerkers is afscheid genomen, er zijn afspraken gemaakt voor de huur van stadions. Ik denk dat iedereen het dit seizoen nog wel redt, met name door de NOW-regeling.”

Maar de oorlogskas, om gaten te dichten, raakt langzaam op. „Alles wat aan eigen vermogen in clubs zit, wordt nu opgegeten”, zei Jan de Jong, directeur van koepelorganisatie Eredivisie CV, zondag bij het Fox Sports-praatprogramma Goedemorgen Eredivisie. „Diezelfde clubs gaan ervan uit dat in januari weer met beperkt of volledig publiek gespeeld gaat worden. Dus de periode die voor ons ligt, dat is echt de lakmoesproef. Daar wordt zichtbaar wie in de problemen komt.”

Spelers van FC Utrecht vieren een doelpunt in de bekerwedstrijd tegen Ajax in een lege Arena, op 16 december. Foto Olaf Kraak/ANP

Een van de clubs die de tweede seizoenshelft mét publiek heeft begroot is Feyenoord. Terwijl zij er van de vier topclubs (AZ meegerekend) financieel al het zwakst voor staan. „Dat ziet er gewoon niet goed uit”, zei algemeen directeur Mark Koevermans vorige week in een interview met de vier directeuren van de grootste clubs in VI. Feyenoord leed over afgelopen seizoen een verlies van bijna 7 miljoen euro, wat met name komt door een negatief transferresultaat.

Clubs kunnen verliezen compenseren door de verkoop van spelers. Het is daarom niet ondenkbaar dat Feyenoord door de financiële situatie straks bijvoorbeeld aanvoerder Steven Berghuis of verdediger Marcos Senesi verkoopt. Al is de onderhandelingspositie van Feyenoord, door de financiële krapte, niet sterk. Andere clubs waar, op basis van de jaarcijfers, ook zorgen over bestaan zijn Sc Heerenveen, PEC Zwolle, FC Twente en ADO Den Haag.

3 Een ‘stuwmeer’ aan compensaties voor fans en sponsors

Het hangt als een donkere wolk boven clubs: seizoenkaarthouders én sponsors die nu niet naar wedstrijden mogen, kunnen aan het eind van de competitie aanspraak maken op restitutie. „Er ontstaat een stuwmeer aan compensaties”, zei De Jong zondag.

De vraag is hoeveel bedrijven en supporters hier daadwerkelijk toe overgaan. Eerder dit jaar toonden velen zich loyaal nadat het seizoen 2019-2020 voortijdig werd afgebroken, al ging het in dat geval om slechts drie of vier gemiste thuisduels.

Het verschilt per club hoe dit is geregeld. Volgens Rossmeisl is het bij een aantal clubs in ieder geval mogelijk om restitutie te krijgen. Zo compenseert Ajax (ruim 40.000 seizoenkaarthouders) fans volledig, mits zij dat willen. „Financieel is dit [voor ons] de meest ‘slechte’ manier”, zei Geelen. „Er zijn ongetwijfeld fans die zeggen: ik heb het niet nodig, die compensatie. Daar helpen ze ons enorm mee. Maar er zijn ook fans bij die zeggen: ik heb het ook gewoon zwaar, ik wil het geld terug.” In de begroting gaat Ajax ervan uit dat iedereen gecompenseerd wil worden.

4 Vervreemding van de club bij supporters

Een andere dreiging is de vervreemding van fans en sponsors van hun club, door de lange periode zonder stadionbezoek. „Je hebt altijd een vaste kern die wel weer komt”, zegt Rossmeisl. „Maar het gaat om degene die je net binnen had, als sponsor of supporter. En die in deze tijd misschien andere hobby’s hebben opgepakt, een andere weekindeling hebben of financieel een pas op de plaats hebben moeten maken.”

En de bereidwilligheid om een seizoenkaart te kopen voor volgend seizoen, zal waarschijnlijk afnemen mocht medio 2021 blijken dat nog steeds niet met volle stadions kan worden gespeeld. Daarnaast zijn er ook sponsors die noodgedwongen de samenwerking moeten opzeggen omdat het bedrijf het moeilijk heeft.

De echt zware maanden voor het voetbal – die komen nog.