Opinie

Compenseer de slachtoffers en vertrouw de burger

Toeslagenaffaire

Commentaar

Een ernstige crisis van de gehele Nederlandse rechtsstaat. Dat moet de conclusie zijn nadat vorige week het rapport Ongekend onrecht werd gepubliceerd naar aanleiding van de parlementaire verhoren over de zogenoemde kinderopvangtoeslagenaffaire. Politiek, ambtenarij, de rechterlijke macht tot aan de hoogste bestuursrechter toe: allemaal zijn ze medeschuldig aan het meedogenloos opjagen van duizenden individuele onschuldige burgers, die „jarenlang geen schijn van kans hebben gehad”.

Het rapport is het voorlopige sluitstuk van politiek zelfonderzoek naar de fouten die gemaakt zijn bij de dienst Toeslagen van de Belastingdienst. Een optelsom van een keiharde wet gericht op fraude-aanpak, weinig tot geen oog voor de mens achter het burgerservicenummer en een ambtenarij die zich doof hield voor maatschappelijke signalen, leidde tot duizenden gedupeerden. Burgers die financieel en emotioneel door het systeem tot de rand van de afgrond werden geduwd en in sommige gevallen zelfs daaroverheen.

Het cynische is: in het rapport staan nauwelijks tot geen nieuwe feiten. Alles was al bekend, met name dankzij vasthoudende vragen van parlementariërs Pieter Omtzigt (CDA) en Renske Leijten (SP) en journalistiek speurwerk van met name RTL Nieuws en Trouw.

Niet door een houding van zelfinzicht bij de politiek verantwoordelijken. Als iets beklijft na de verhoren, is het de mate waarin ‘Den Haag’ probeerde te voorkomen dat de werkelijkheid van de toeslagenellende boven water zou komen. Dat alleen al is een politieke doodzonde.

De onbeantwoorde vraag is hoe het kabinet met het rapport zal omgaan, zowel materieel als politiek. Deze dinsdag is er een extra ingelast overleg op het Catshuis om dat te bespreken. PvdA-leider Lodewijk Asscher, als minister van Sociale Zaken medeverantwoordelijk voor de fraudejacht, nam maandag de vlucht naar voren en bood persoonlijk excuses aan. Dat is een mooi gebaar, het kabinet deed dat al eerder, maar materieel heeft het weinig om het lijf.

Datzelfde zou gelden voor het offeren van één of meer bewindslieden: symboolpolitiek, vooral omdat al twee staatssecretarissen op het dossier sneuvelden. Tegelijk: als deze Toeslagenaffaire geen reden is om politiek verantwoordelijkheid te nemen, wat dan wel?

Wat los van de politieke consequenties hoe dan ook moet gebeuren, is de gedupeerden compenseren. Beloftes worden al tijden gedaan, maar de meeste slachtoffers van het systeem wachten nog steeds op hun geld. Het kabinet moet daar op zeer korte termijn een oplossing voor bedenken, desnoods buiten de fiscus om. Suggesties over een generaal pardon moeten serieus genomen worden, ook als dat betekent dat zij die daadwerkelijk gefraudeerd hebben dan ontkomen. De goeden hebben al te lang onder de kwaden geleden.

In tweede instantie moet de politiek snel een knoop doorhakken over de toekomst van het toeslagensysteem. Vorige week presenteerde staatssecretaris Van Huffelen (Toeslagen, D66) e<en ambtelijk rapport met daarin drie mogelijke richtingen. Na de verkiezingen van maart dient een veilige, eenvoudige en bovenal menselijke manier van inkomensondersteuning hoog op de agenda van de formatiebesprekingen te staan. Waarbij vertrouwen in plaats van wantrouwen in de burger centraal staat.

Want dat heeft de Toeslagenaffaire in elk geval duidelijk gemaakt: als een overheid grootschalig disfunctioneert op het terrein van financiële bescherming van haar eigen burgers, leidt dat terecht tot uitholling van vertrouwen van burgers in die overheid. Dit mag nooit meer zo uit de hand lopen.