Recensie

Recensie Boeken

Vondsten die leiden tot nieuwe blik

Boek Wat een vondst! geeft een mooi beeld van het enthousiasme waarmee historici hun vak bedrijven.

Elke historicus heeft in zijn carrière wel zo’n moment gehad: die ene ontdekking die alles op zijn kop zette. Soms is dat een archiefstuk dat een nieuw licht op een tijdperk werpt, soms is het een boek waarin een theorie wordt ontvouwen die het hele vakgebied een andere richting opduwt. Over dit soort momenten gaat de bundel Wat een vondst! Verhalen uit de geschiedenispraktijk.

De bundel met opstellen van vijftien auteurs is samengesteld bij het afscheid van hoogleraar Petra Groen van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie. Groens specialisaties waren militaire en koloniale geschiedenis, dus de bijdragen gaan over deze vakgebieden. Ze geven een mooi beeld van het enthousiasme waarmee historici hun vak bedrijven.

De beschreven vondsten zijn een bont geheel. Ben Schoenmaker vertelt bijvoorbeeld over de cahiers waarin luitenant-generaal Petrus Gerardus Booms (1822-1897) zijn levensverhaal had genoteerd. Booms bleek betrokken bij een strijd om de modernisering van het Nederlandse leger en schopte het uiteindelijk tot minister van Oorlog. Hij concludeerde op deze post echter teleurgesteld dat de regering-Thorbecke „geen oog op en geen hart voor ons krijgswezen” had en nam daarom ontslag.

Jan Hoffenaar deed zijn vondst in 2006 op een conferentie in Stockholm. Daar zaten voor het eerst hoge officieren van de NAVO en het Warschaupact bij elkaar om te praten over elkaars strategieën tijdens de Koude Oorlog. Geen van beide partijen had plannen gehad voor een offensieve oorlog, maar ze dachten dat de andere partij die wél ontwikkeld had. Dat had dus erg fout kunnen aflopen.

In haar bijdrage kan Elsbeth Locher-Scholten maar liefst drie vondsten kwijt. Ze hebben betrekking op de zoons van de Indonesische verzetsstrijder Si Singamangaraja XII, die door het Nederlands gezag uit huis werden gehaald. Locher-Scholten vindt hun verhaal op verschillende plekken terug: in officiële correspondentie, een foto van het gezin en een verslag dat zoon Karel Boental achterliet. De vondsten laten zien dat de kolonisator ook de kinderen van zijn tegenstanders niet met rust liet.