Noreena Hertz: „Solidariteit en zorg worden totaal ondergewaardeerd.”

Foto Marc Nolte

‘Stedelingen trekken zich steeds meer terug in privacybubbels’

Interview We zijn beland in een eenzaamheidscrisis, die door de pandemie wordt versterkt, betoogt econoom Noreena Hertz. Schuldige: het neoliberalisme.

Eenzaamheid? Ja, de Britse econome Noreena Hertz (53) kent die maar al te goed. Toen ze begin jaren 90 als jonge twintiger voor de Wereldbank in Rusland was gestationeerd, voelde ze zich echt verloren. Ze werd naar fabrieken op de meest afgelegen plekken gestuurd om daar de privatisering door te voeren. „Familie en vrienden waren ver weg, ik had geen vangnet, ik voelde me totaal afgesneden. Als ik naar huis wilde bellen, moest ik dat twee dagen van tevoren aanvragen.”

In die periode ontmoette ze Marina Zasklavskaja, die werkte in een van de grootste naaifabrieken in Moskou. „We raakten bevriend, ze nodigde me geregeld uit bij haar thuis. Met haar man en zoon woonde ze in een piepklein appartement in Moskou. Ze maakten lekker eten, in de keuken klapten ze hun kampeerbed uit zodat ik kon blijven slapen.”

De vriendschap gaf haar een gevoel van saamhorigheid en solidariteit. Hertz, die dit verhaal vertelt via Zoom vanuit haar werkkamer in Londen, moet er ineens een beetje om lachen. „Zo gek, ik heb dit verhaal lang niet meer verteld. Ineens zie ik het verband met mijn laatste boek.” Die saamhorigheid zag ze namelijk ook in de fabrieken. „Er waren daar allerlei sociale voorzieningen, zoals kinderopvang, medische zorg, echt van alles. De privatisering maakte daar een einde aan. Dat vond ik zorgelijk.”

Hertz vertrok bij de Wereldbank en schreef een proefschrift waarin ze uiteenzette hoe de overgang naar een neoliberale markteconomie Rusland zou schaden. „Juist waarden als solidariteit en vriendelijkheid zijn van belang binnen een economisch systeem. Mensen worden niet alleen gedreven door eigenbelang.”

Eenzaamheidscrisis

Dit thema duikt opnieuw op in haar nieuwe boek, De Eenzame Eeuw (2020). Daarin betoogt Hertz dat we inmiddels in een wereldwijde eenzaamheidscrisis zijn beland. Niet alleen door de huidige pandemie – met de onvermijdelijke lockdowns – al vóór de uitbraak van Covid-19 was er volgens haar al sprake van een ‘sociale recessie’. „Eenzaamheid is niet alleen een afzonderlijke psychologische ervaring”, schrijft ze. Het gaat ook over het gebrek aan verbinding op de werkvloer, gebrekkige contacten in de publieke ruimte „en de onmacht van de burger ten opzichte van de politiek.”

Door de opkomst van digitale technologie en de brute uitwerking van het neoliberalisme zijn volgens Hertz steeds meer mensen in een isolement geraakt – en dat vertaalt zich op allerlei manieren. Zo schrijft ze over bejaarden die mutsen breien voor zorgrobots, Japanse ouderen die, vanwege sociaal isolement, ervoor kiezen om in de gevangenis te leven en alleenstaande Zuid-Koreanen die tijdens de maaltijd online kijken naar etende mensen (mukbangers).

Lees meer over eenzaamheid: We zijn allemaal (weleens) eenzaam

Zelf heeft u een dag doorgebracht met ‘een betaalde vriendin’ via Rent-a-Friend. Komt eenzaamheid vooral in de stad voor?

„Eenzaamheid komt natuurlijk overal voor, maar met name in de grote steden. Stadsbewoners hebben altijd al een hoog tempo gehad, maar in de eenzame eeuw gaat het nu nog sneller.

„Uit onderzoek blijkt dat omstreeks 2050 bijna 70 procent van de wereldbevolking in steden zal wonen. De impact van de stad op onze emotionele gezondheid is dus groot. Zelfs vóór het coronavirus gaf 56 procent van de Londenaren al aan zich eenzaam te voelen. Ook 52 procent van de New Yorkers noemde hun stad ‘een eenzame plek’ en in steden als Parijs en Sydney zei een derde van de ondervraagden zich eenzaam te voelen.”

Hoe kan het dat op een plek waar we met zovelen zijn, we ons toch zo eenzaam voelen?

„Onderzoeken laten zien dat naarmate een stad dichter bevolkt is, onze wellevendheid afneemt. Onze sociale energie raakt uitgeput als we de ruimte met zoveel mensen moeten delen. Het is dan een natuurlijke reactie om je nog meer af te zonderen. In plaats van ons open te stellen voor anderen, trekken we ons emotioneel terug, bedekken onze oren met koptelefoons en verschuilen ons achter schermen. Dat hebben we allemaal te danken aan grote techbedrijven als Apple, Google en Facebook. We creëren digitale privacybubbels en vinden dat inmiddels zo normaal dat sommige sociologen al spreken over ‘negatieve beleefdheidsculturen’.”

Wat bedoelt u daarmee?

„Het wordt onbeleefd gevonden als je ongevraagd zomaar iemands lichamelijke of emotionele ruimte binnenkomt. In de Londense metro word je echt raar aangekeken als je ineens met een vreemde een gesprekje aanknoopt. Nu nog meer vanwege de angst op besmetting.”

In uw boek geeft u met name het neoliberalisme de schuld van de eenzaamheidscrisis. Kunt u dat uitleggen?

„In veertig jaar tijd heeft het neoliberalisme in grote delen van de wereld de inkomens- en welvaartskloof vergroot. Steeds meer macht en rechten zijn in handen van het grootkapitaal. Ondertussen voelen brede lagen van de bevolking zich achtergesteld en ondergewaardeerd, zonder sociaal vangnet. Ze beschouwen zichzelf als losers binnen een kapitalistisch systeem dat erop hamert ‘dat je harder moet aanpoten’ en ‘jezelf uit de modder moet trekken’.

Vijf mensen vertellen over hun eenzame gevoelens: ‘Het grootste taboe op eenzaamheid zit in je eigen hoofd’

„Het neoliberalisme heeft zo de onderlinge relaties tussen mensen veranderd. Margaret Thatcher zei het al: „Economie is de methode, het doel is om hart en ziel te veranderen”. Door die nadruk op zelfredzaamheid zijn inderdaad de verplichtingen die we jegens elkaar voelen veranderd. Eigenschappen als solidariteit en onderlinge zorg worden totaal ondergewaardeerd. Met als gevolg dat mensen het gevoel hebben er steeds meer alleen voor te staan.”

Geeft u het neoliberalisme niet overal de schuld van?

„Natuurlijk zijn er meer oorzaken voor de huidige crisis. Maar het heeft onze samenlevingen wel degelijk uitgehold. In hoeveel vacatures staan waarden als ‘zorg’ en ‘compassie’ nog? In het Verenigd Koninkrijk worden zorgmedewerkers nog altijd belabberd betaald. Dat geldt ook voor leraren. De hele sociale sector, waarin zorg en aandacht een belangrijke rol spelen, wordt ondergewaardeerd. Pas tijdens deze coronacrisis begint men het belang van deze sector in te zien. Het applaus voor de zorg, waar begin dit jaar de hele wereld aan meedeed, moet worden veranderd in iets tastbaars.”

Hoe kunnen we dan weer meer gemeenschapszin ontwikkelen?

„De overheid moet gaan nadenken over hoe je mensen, ongeacht inkomen, leeftijd, etniciteit of geslacht, weer laat samenkomen. Dat kan door te investeren in gedeelde fysieke ruimtes, zoals parken en bibliotheken. In Barcelona bestaan inmiddels verkeersvrije ‘superblocks’ waar alleen voetgangers mogen komen en buurtbewoners elkaar treffen in parken en speeltuinen. Het blijkt dat mensen daar drie keer zoveel vrienden hebben als mensen in buurten waar wel verkeer is.

„Ook de stijging van de huurprijzen in grote steden moet worden tegengegaan. Nu mensen door te hoge huurprijzen vaak niet lang op dezelfde plek kunnen blijven, maken ze ook geen contact met andere buurtbewoners. In Berlijn zijn ze inmiddels begonnen met huurstabiliserende maatregelen. En de overheid zou geld kunnen vrijmaken zodat werknemers niet alleen ouderschapsverlof kunnen opnemen, maar bijvoorbeeld ook tijd om een zieke ouder of vriend te kunnen verzorgen.”

Wat kunnen we zelf doen?

„We kunnen leren om die verslavende telefoon vaker weg te leggen en moeite doen om meer compassie te tonen voor anderen. De pandemie heeft ons contactloze bestaan versterkt. We gaan niet meer naar een boekwinkel maar bestellen een boek via Amazon. We laten eten thuisbezorgen en volgen yoga via een YouTube-kanaal. Op dit moment hebben we geen keus, maar ik maak me zorgen dat we straks gemakzucht laten prevaleren boven het ontwikkelen van echte contacten.”

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we echt in contact met elkaar blijven?

„Juist in de publieke ruimte leer je rekening met elkaar te houden. In bijvoorbeeld een yogaklas moet ik erop letten waar ik mijn mat neerleg of reageren op een gerichte instructie van de leraar. Je leert op anderen te letten, te anticiperen, zo ontwikkel je empathie. Het zijn niet meer dan micro-interacties, maar wel belangrijke bouwstenen voor de inclusieve democratie.”

U schrijft dat we kunnen leren van Ebenezer Scrooge, de vrek uit ‘A Christmas Carol’ van Charles Dickens, die verandert in een weldoener.

„Dickens schreef dit in een periode dat Engeland werd geteisterd door economische ongelijkheid en sociale machteloosheid. Via Scrooge laat hij zien wat je met zachtaardigheid kunt bereiken bij een ander. Uit sociologisch onderzoek blijkt dat korte ontmoetingen met vreemden misschien niet de emotionele bevrediging geven van een intieme relatie, maar dat die wel invloed hebben op de mate waarin we ons eenzaam voelen. Laten we dus de zorg die we tijdens de pandemie hebben ontwikkeld voor elkaar, blijven uitdragen. Om terug te komen op Scrooge: dit is het moment om een ander te helpen. Zeker nu de Kerst eraan komt.”

Noreena Hertz: De eenzame eeuw. Het herstellen van menselijk contact in een wereld die steeds verder ontrafelt. Spectrum, 399 blz.,22,50 euro

Muziek over eenzaamheid, voor de donkere dagen rond Kerst, samengesteld door NRC-redacteuren Amanda Kuyper, Peter van der Ploeg, Milou van Rossum en Mischa Spel.