De snijboon blijkt kosmopolitisch

Wat eten we? Snijbonen weten zich echt overal en in elke keuken te gedragen. Een beter opgevoede groente bestaat bijna niet.

Foto Getty

Soms zie je merkwaardige aantekeningen in je notitieboekje. Deze bijvoorbeeld, op een al lang gepasseerde bladzijde: „Mag ik even iets zeggen? De snijboon.” Aha. De snijboon dus. Goed dat u het opmerkt. De snijboon is een merkwaardige boon, alleen al omdat we hem zo noemen. Een boon bedoeld om te snijden. En dat hebben we ook lang geloofd, dat die boon niets liever wilde dan gesneden worden, behoorlijk klein. Vanwege z’n draadjes. Vroeger moest-ie dan daarna in het zout want dan liet hij zich lekker lang bewaren. Thuis aten we witte bonen- snijbonen stamppot, wat andere mensen geloof ik ‘blote billetjes in het groen’ noemen. Met boeuf bourguignon.

Nu fermenteren in de mode is, is ook het in zout inleggen van snijbonen weer terug. Dat is natuurlijk makkelijk om te doen, de kunst is vooral om de boel schoon te houden: de pot eerst steriliseren, niet met een vieze lepel snijbonen eruit scheppen en steeds weer een laagje zou op de bovenste bonen doen.

Al dat zout is dan weer wat minder in de mode. Maar het is wel lekker, mits de bonen goed genoeg zijn afgespoeld.

Het lijkt of de snijboon sowieso een comeback heeft gemaakt, maar dan zonder het ‘snij’ gedeelte, als ongesneden platte boon. Vaak met gestoofde tomaat en knoflook, maar je kunt alles wel met gestoofde tomaat en knoflook gaan eten, dat is de makkelijkste weg. Niet dat het moeilijk hoeft te zijn met die snijboon.

Snijbonen blijken al heerlijk als je ze in stukjes snijdt, even kookt (niet zo kort dat ze nog pieperig zijn, maar ook niet zo lang dat ze slap en waterig worden) en ze gewoon omschudt met boter en zout. Of met gepofte en geprakte teentjes knoflook met boter en zout (nu ja, wat is níét lekker met gepofte knoflook en boter) of met gefermenteerde knoflook en tahinsaus.

Snijbonen kunnen ook opgaan in de groentemenigte van Chinese gerechten, of op zichzelf staan met een pittig notensausje (cashew, kentjoer, rode peper, klein scheutje ketjap, limoen) of met citroenrasp en citroenolijfolie bij met geitenkaas gevulde ravioli. Snijbonen blijken enorm kosmopolitisch te zijn, ze weten zich echt overal en in elke keuken te gedragen, ze kunnen pittig en kalm, geruststellend en opwindend zijn, hoofdrollen zingen ze moeiteloos maar ze voelen zich ook niet te goed voor het ondersteunende werk (doo-wap, doowap, doo-wap). Een beter opgevoede groente bestaat bijna niet.

Dus dat was bij nader inzien helemaal niet zo’n gekke aantekening. Zeker niet nu de kersttijd nadert en iedereen al weken bezig is met kreeft in te kopen, is het goed om dit nog even te zeggen: de snijboon.