Tenant of Culture. Sample Sale 3

Foto Theo Christelis / Courtesy Soft Opening, Londen

Interview

Tenant of Culture bespeelt de macht van mode

Wereldkunst #14

Hendrickje Schimmel is een van de interessantste Nederlandse kunsttalenten van het moment. Onder de naam Tenant of Culture transformeert ze kledingstukken tot kunstwerken.

Natuurlijk heeft kunstenaar Hendrickje Schimmel zich gekleed voor de gelegenheid. Tijdens ons gesprek, in een woning boven galerie Fons Welters in Amsterdam, draagt ze een zwart vintage Dries Van Noten-jasje, dat, zo legt ze uit, op het ouderwetse werkjasje is geïnspireerd. „Dat betekent: vier zakken, puntige kraag, utilitarian details, sluiting rechts over links en knopen: die staan voor handenarbeid, pre-industrieel. De stof is ook wat vaal, of het heel vaak is gedragen. Typisch zo’n jasje dat op dit moment populair is bij de artistieke middenklasse: omdat het soberheid lijkt uit te stralen, bescheidenheid, en solidariteit met de arbeider. Helemaal de tijdgeest.” Ze lacht vrolijk.

Dat Schimmel vandaag juist dit jasje aan heeft (samen met, onder andere, enigszins grove zwarte Salomon outdoor-sneakers, „heel hip nu, sluiten aan bij de hiking-trend”), is geen toeval. Ze is bij Welters namelijk druk bezig met het inrichten van haar tentoonstelling Georgics (how to style a chore coat), die helemaal om dit type werkkleding draait. Het oeuvre van Schimmel, die werkt onder de naam Tenant of Culture, gaat altijd over mode en kleding. Voor haar nieuwste beelden bijvoorbeeld haalde ze hedendaagse werk- en outdoorkleding uit elkaar om de losse delen met behulp van klei en stukken steen en touw tot vreemde, exuberante kunstwerken te transformeren. Zo hangt er bij Welters een cowboyachtig jasje (al zitten er geen franjes aan), dat grotendeels is gemaakt van opengesneden witte sneakers, veters er nog in – alleen de bruine mouwen komen uit de buitenkant van een outdoorjas. Ook toont ze een knalrode overall, die ze eerst helemaal heeft gedeconstrueerd tot de stukken waaruit hij was opgebouwd. Die plakte ze op een groot zwart doek, waardoor er een soort puzzel van onbestemde lichaamsvormen ontstaat – opvallend slap en leeg. Of neem de stevige zwarte outdoorschoen, waar ze eerst een zool in een andere maat onder zette (zodat die een stukje uitsteekt) om daarna de zijkant open te snijden, en de binnenkant vol te stoppen met stro. Ineens wordt de stoere hikingschoen een symbool voor machteloosheid en ongemak – denk aan het beruchte strootje in je schoen of aan de drager als willoze vogelverschrikker.

Tenant of Culture: How to style a chore coat, 2020 bij galerie Fons Welters, Amsterdam

Foto Gert Jan van Rooij / courtesy de kunstenaar en Galerie Fons Welters

Sneakers

Precies dat laatste maakt Schimmels werk ook goed: voor elk beeld deconstrueert ze de oorspronkelijke kledingstukken zo ver dat de nieuwe beelden commentaren worden op de beloftes die de oorspronkelijke kledingstukken impliceerden. Loop je op sneakers echt alsof je zweeft? Koop jij, stadsbewoner, die zware outdoorschoenen echt omdat ze je beschermen tegen de elementen? Zo nee, waarom dan wél? En zelfs als je daar niet meteen aan denkt zijn het fantastische beelden, die een terrein verkennen tussen sculptuur, mode en archeologie waar niet veel kunstenaars tot nu toe zijn geweest.

Toch streeft Schimmel wel naar meer. Met haar ‘modebeelden’ wil ze vragen oproepen over de functie en de betekenis van mode, over de rol van kleding in de samenleving en over de mensen die die kleding dragen – wij allemaal dus eigenlijk. En laat ze zien dat we kleding weliswaar graag als onze belangrijkste vorm van persoonlijke expressie beschouwen, maar dat die expressie tegelijk volledig wordt gestuurd door de mode-industrie. Hoe doet de mode-industrie dat precies, vraagt Schimmel zich af, wat voor belang heeft ze daarbij en wat voor invloed heeft dat op het individu? Daarbij belandt ze in een fascinerende paradox, zeker voor iemand die zo modebewust is als zij zelf: juist iemand die zich heel bewust bezighoudt met mode, die kleding beschouwt als een manier om zijn of haar individualiteit te benadrukken, loopt het stevigst aan de leiband van de mode-industrie. Kun je aan die macht ontsnappen? En moet je dat wel willen?

Foto Gert Jan van Rooij / courtesy de kunstenaar en Galerie Fons Welters

Dit alles maakt Tenant of Culture ongetwijfeld tot een van de interessantste Nederlandse kunsttalenten van het moment, wat juist mede komt omdat ze de kunst vanaf een afstandje bekijkt. Niet dat ze er onbekend mee is: Schimmels ouders zijn de bekende Nederlandse kunstenaars Kinke Kooi en Roland Schimmel. „Mijn jeugd was helemaal doordrenkt met kunst”, vertelt Schimmel. „Mijn ouders hebben beiden atelier aan huis en er werd voortdurend over gepraat. Toch, toen ik eenmaal in de kunstwereld terechtkwam, moest ik wel wennen. De onuitgesproken codes, de gebruiken zijn in de kunst heel anders dan in mode. Ooit, bij een opening in Londen, zei iemand tegen me: ‘jouw werk is altijd ZO trendy’. Ik vatte dat op als een compliment, want in de mode is het allernieuwste het allerhoogste. Maar dit was in een galerie, en daardoor besefte ik later ineens dat dit wel eens een belediging kon zijn geweest. Want kunst gaat juist over autonomie, wil onafhankelijk zijn van de wereld – en dan is trendy helemaal niet de bedoeling.”

Mensen blijken het doodeng te vinden om een bestaand kledingstuk uit elkaar te halen, zeker als er een label op zit

Vervuiling

Schimmel (1990) volgde eerst de mode-opleiding aan Artez in Arnhem, daarna de textielopleiding aan het Royal College in Londen (waar ze nog steeds gedeeltelijk woont) en werkte daarna twee jaar bij het hippe outdoormerk Creenstone, waar ze „heel veel leerde over kleding en productie”. Langzaam drong zo tot haar door hoeveel impact kleding heeft op de wereld. Natuurlijk weet iedereen dat mode, kleding, een miljardenindustrie is en hebben we allemaal dagelijks met kleding te maken, maar dat het bijvoorbeeld ook een heel vervuilende industrie is hoor je al veel minder, laat staan dat het bijna onmogelijk is daar iets aan te veranderen. Dat laatste, zegt Schimmel, komt vooral doordat het productieproces zo complex en onoverzichtelijk is geworden. „Dat proces is in allemaal kleine stukken opgeknipt”, zegt Schimmel, „zoveel dat niemand er individueel nog overzicht over heeft, zelfs de grote mode-ontwerpers niet. Staat er op een label bijvoorbeeld ‘Made in Italy’, dan is het daar meestal wel gestikt, maar het is vrijwel zeker ergens anders gesneden en weer ergens anders geverfd. Een kledingstuk gaat soms de hele wereld over, wat mede komt doordat fabrieken in een gigantische concurrentiestrijd met elkaar zijn verwikkeld en grote merken soms maandelijks van fabriek wisselen. Er is geen vertrouwen, geen loyaliteit en geen gedeelde kennis. Dat maakt het erg moeilijk iets te veranderen.”

Ondertussen maakt de mode-industrie zich volgens Schimmel ook onkwetsbaar, door elke vorm van kritiek en idealisme, als een soort allesverslindend monster, meteen op te slurpen en te transformeren tot iets wat alsnog aan de wetten van de mode voldoet. „Ontstaat er bijvoorbeeld een stroming die zegt dat mode belachelijk slecht is voor het milieu, dan heeft de industrie meteen een antwoord: ze komen met kleding van organisch ogende stoffen, in gedempte kleuren, waarmee zowel de industrie als de drager zogenaamd laat zien dat ze oprecht zijn en betrokken. Maar aan de productiekant verandert er niks.”

Tenant of Culture: Works and Days

Foto Galerie Gregor Staiger

Recycling

Precies om die reden komt ‘recycling’ steeds in het werk van Tenant of Culture terug. Dat begint al met haar naam, ‘huurder van de cultuur’ („best wel lelijk Nederlands hè”), die ze ontleende aan de filosoof Michel de Certeau. De ‘huurder’-term impliceert dat ieder mens altijd een passant is, en dat je ervoor moet waken dingen niet te veel te beschouwen alsof je de laatste gebruiker bent – ook na jou gaat de wereld door. Daarom werkt Tenant of Culture ook vrijwel altijd met gebruikte spullen – niet eens uit principe, maar omdat ze juist door transformatie de blik op dingen wil veranderen. Dat lijkt ook het kernthema van Schimmels werk: door spullen, mode, kledingstukken, op een nieuwe manier te bekijken, wil ze die een andere betekenis geven en ook een andere waarde – wat kan door van oude kleren nieuwe te maken, maar ook door ze in kunstwerken te transformeren. Daarom geeft Tenant of Culture ook veel workshops, waarbij de deelnemers oude kledingstukken uit elkaar halen en er nieuwe van maken. „Daarbij gaat het me eens niet om het eindproduct, maar om het gesprek dat daarbij ontstaat. Mensen blijken het doodeng te vinden om een bestaand kledingstuk uit elkaar te halen, zeker als er een label op zit. Dat vind ik een prachtig voorbeeld van het enorm krachtige imago dat de kledingindustrie om zich heen heeft weten te scheppen. Uit elkaar halen voelt voor veel mensen bijna als heiligschennis, terwijl het toch alleen maar textiel en imago is. Bullshit eigenlijk.”

Maar als je echt iets wilt veranderen in de mode, zou je je dan niet helemaal moeten losmaken van de industrie?

„Ik vind het interessanter om dingen vanuit mijn eigen medeplichtigheid te bekijken dan ze van een afstand te bekritiseren. Ik hou van mode, mijn liefde voor kleding en voor de codes van de mode is heel belangrijk in mijn werk. En ik denk ook dat het onmogelijk is om helemaal uit het systeem te stappen: zoals mode omgaat met de wereld, dat monster dat alles opvreet en voor eigen gewin aanwendt, is precies wat de kapitalistische wereld voortdurend doet – alleen wordt het in mode het beste zichtbaar. Ik streef in mijn werk ook niet naar eenduidige oplossingen. Ik laat liever de complexiteit zien van het systeem.”

Tenant of Culture: Georgics (how to style a chore coat), Galerie Fons Welters, Bloemstraat 140, Amsterdam. T/m 8 januari 2021. Inl: fonswelters.nl