Europese ministers steunen Magnitsky-wet: sancties tegen individuen wordt eenvoudiger

Mensenrechten De Europese ministers van Buitenlandse Zaken maken het opleggen van sancties aan individuen makkelijker. Daaraan ging bijna tien jaar discussiëren vooraf. Pas een maand geleden ging Hongarije om.

De Spaanse minister van Buitenlandse Zaken, Arancha Gonzalez Laya begroet maandag haar collega’s in Brussel.
De Spaanse minister van Buitenlandse Zaken, Arancha Gonzalez Laya begroet maandag haar collega’s in Brussel. Foto John Thys/AP

Een historische dag in Brussel, te midden van verhitte onderhandelingen over Brexit, de Europese meerjarenbegroting en het coronaherstelfonds.

Na bijna tien jaar discussiëren stemden de Europese ministers van Buitenlandse Zaken maandag in met een Europese versie van de ‘Magnitskywet’. Voortaan is het opleggen van sancties aan individuen of instanties die zich schuldig maken aan ernstige mensenrechtenschendingen een stuk eenvoudiger. „De internationale mensenrechten konden zich geen betere dag wensen”, zo zei Sjoerd Sjoerdsma (D66) buitenlandwoordvoerder in de Tweede Kamer.

Het besluit van de Europese Raad van ministers was lange tijd onzeker. Pas een maand geleden liet Hongarije zijn verzet tegen de Europese sanctiewet varen. Mede daardoor gaat de wet minder ver dan sommigen hadden gewenst. Voor het opleggen van sancties is nog steeds een unaniem besluit van de EU-leiders nodig. Nederland had liever gezien dat een eenvoudig meerderheid voldoende was, zo zei minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok (VVD) maandag in Brussel: „Dat was nu nog een stap te ver.”

Oorspronkelijk Amerikaanse wet

Toch is de nieuwe Europese sanctiewet een belangrijke ontwikkeling, zo zeggen Nederlandse pleitbezorgers. Tot nu toe konden individuele maatregelen, zoals een inreisverbod of het bevriezen van tegoeden, alleen worden opgelegd als een heel land onder een sanctieregime was geplaatst. Met de Europese ‘Magnitsky-wet’ is dat niet meer nodig en kan de EU meteen optreden. Sancties worden daardoor gerichter – Kamerlid Sjoerdsma spreekt enthousiast van „laserachtige precisie” – en dat maakt de politieke drempel voor zo’n besluit een stuk lager. „Het kan nu allemaal veel sneller”, aldus Sjoerdsma.

De oorspronkelijke Magnitsky Act werd aangenomen in 2012 door het Amerikaanse Congres, naar aanleiding van de dood van de Russische advocaat Sergej Magnitsky, die stierf in de gevangenis nadat hij grootschalige fraude binnen de Russische overheid aan de kaak had gesteld.

Inmiddels staan niet alleen Russen op de ‘Magnitsky-lijst’, maar hebben de VS wereldwijd sancties opgelegd, zoals aan Saoedi’s die worden verdacht van de moord op journalist Jamal Khashoggi, of aan de partijsecretaris van de Chinese regio Xinjiang, waar Oeigoeren en andere minderheden worden geïnterneerd in ‘heropvoedingskampen’. Behalve de VS en Canada hebben het Verenigd Koninkrijk en de Baltische Staten inmiddels hun eigen versie van de ‘Magnitskywet’. Op Europees niveau bleef overeenstemming hierover echter uit – ondanks inspanningen van Nederland en andere landen.

Motie-Omtzigt

In 2018 diende het CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt daarom een motie in: als Nederland een Europese sanctiewet niet voor elkaar kon krijgen, moest het kabinet komen met een eigen, nationaal wetsvoorstel. De motie-Omtzigt zorgde voor een nieuwe impuls van de Nederlandse inspanningen. „Minister Blok heeft dat heel goed opgepikt”, zo zegt Omtzigt in een reactie. „Mede dankzij hem is het het er toch door gekomen.” Het CDA-Kamerlid zou graag zien dat de wet op termijn wordt uitgebreid, zodat niet alleen bij mensenrechtenschendingen, maar ook in het geval van corruptie sancties kunnen worden opgelegd. Maar maandagmiddag is Omtzigt nog vooral opgetogen: „Dit had ik niet gedacht toen ik hier aan begon.”

Met medewerking van Michel Kerres
Lees ook dit opiniestuk van William Browder: Nederland moet nu ernst maken met de Magnitsky-wet