Bedrijven moeten deel eerdere steun nu terugbetalen

NOW-regeling Zestig procent van de bedrijven die coronasteun kregen, moet dat (deels) terugbetalen. Dat is lastig, midden in de tweede golf.

Ongeveer 60 procent van de bedrijven die gedurende de eerste coronagolf in Nederland NOW-subsidie heeft gekregen, moet naar verwachting een deel van het ontvangen bedrag of alles terugbetalen. Dat heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) donderdag bekendgemaakt.

Het gaat om bedrijven die minder verlies leden dan verwacht tijdens de aanvraag. Het ministerie heeft een „ruwe schatting” van het uiteindelijke percentage terugbetalers gemaakt op basis van de beoordeling van de eerste 20.000 aanvragers voor de NOW, de gangbare afkorting voor de in maart ingevoerde Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud werkgelegenheid.

De eerste ronde van de regeling gold voor bedrijven die verwachtten in de maanden maart, april en mei minstens 20 procent omzetverlies te lijden. Zij konden van 6 april tot en met 5 juni 2020 een aanvraag voor NOW 1.0 doen, waarmee maximaal 80 procent van het maandsalaris van een werknemer in die drie maanden betaald kon worden. In totaal zijn bijna 140.000 aanvragen voor de eerste NOW-regeling toegekend. Later in het jaar volgden de NOW 2.0 en 3.0, met vergelijkbare, maar iets andere voorwaarden.

Van het te ontvangen bedrag van de NOW 1.0 werd 80 procent direct naar de bedrijven overgemaakt. De rest ontvangen zij na vaststelling van het werkelijk geleden verlies. Als ze minder verlies hebben geleden dan was verwacht, kan het zijn dat de betrokken bedrijven (een deel van) de subsidie terug moeten betalen.

Het ministerie stelt bij het bepalen dat circa 60 procent van de bedrijven moet terugbetalen uit te gaan van een schatting, „omdat in elk geval de grote bedrijven met hoge subsidiebedragen de vaststelling zullen aanvragen na het opmaken van de jaarrekening begin 2021”.

Het ministerie erkent dat terugbetaling „zeer ongelegen” komt voor de bedrijven die misschien in de periode van maart tot en met mei minder verlies leden dan verwacht, maar ook nu tijdens de tweede coronagolf getroffen zijn door de maatregelen. Zij kunnen telefonisch afspraken maken met uitkeringsinstantie UWV over een terugbetaalperiode van een jaar. Ook afspraken over een langere duur zijn mogelijk, aldus minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, D66).

„Ik begrijp dat het voor ondernemers in de eerste fase van de crisis lastig was om het omzetverlies en de loonontwikkeling in te schatten”, aldus Koolmees. „Sommige ondernemers hebben het momenteel zwaar. Dus ik heb met UWV afgesproken dat ze waar dat nodig is coulant omgaan met de betaaltermijnen.”

De NOW verving in de werktijdverkortingsregeling (wtv). Een wtv-uitkering werd pas achteraf betaald. Bij de harde klap die veel bedrijven door corona kregen, was dat niet houdbaar.