Analyse

Terwijl de GGD’s afwachten rijst de vraag: kan het ministerie de vaccinatiecampagne wel aan?

Coronavaccin Volgens minister De Jonge kan het vaccineren 4 januari beginnen. Maar net als bij het testen, kraken vertrouwde structuren nu al. In het kabinet is er zorg.

Volgens minister De Jonge kan het vaccineren 4 januari beginnen
Volgens minister De Jonge kan het vaccineren 4 januari beginnen Foto Bart Maat

Moet een vaccinatiecampagne van ongekende omvang toch op de normale manier georganiseerd worden? Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) denkt van wel: hij vertrouwt op de bestaande vaccinatiestructuren om komend jaar massaal te gaan inenten tegen het coronavirus. Huisartsen die jaarlijks de griepprik toedienen, moeten nu de kwetsbare ouderen gaan vaccineren. Verpleeghuisartsen hun kwetsbare bewoners. En uiteindelijk de GGD’s miljoenen Nederlanders.

Maar nog voor de eerste vaccins goedgekeurd zijn, kraken die vertrouwde structuren al. Dinsdag kondigde De Jonge aan dat „als alles meezit” de eerste vaccins al in de week van 4 januari toegediend kunnen worden. Maar het vaccin waarop De Jonge vertrouwt, van Pfizer, is ongeschikt voor huisartsen, kondigde de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) aan. Het moet op min 70 graden Celsius bewaard worden – niet te doen voor de huisartsen. Als zij het vaccin van Moderna willen gebruiken, levert dat mogelijk extra vertraging op. Het toelatingsadvies van EU-medicijnagentschap EMA kan tot 12 januari op zich laten wachten. Ook verpleeghuizen zien nog grote problemen, waarschuwt koepelorganisatie Actiz: onder meer omdat ouderen nog voorgelicht moeten worden en goedkeuring moeten geven voor de prik. Ook zijn er zorgen over de logistieke voorbereiding.

Lees ook: Vaccineren - zijn de koelkasten er?

En de GGD’s? Die houden er rekening mee dat ze pas vanaf augustus massaal hoeven te vaccineren, zei een woordvoerder tegen de NOS. Een ict-systeem om te registreren wie welke prik heeft gehad, is er nog niet. Voldoende personeel om snel en grootschalig te vaccineren evenmin – de GGD vindt werven en opleiden voorlopig niet nodig. Die afwachtende houding roept herinneringen op aan de moeizame uitbreiding van testcapaciteit en bron- en contactonderzoek. Dat zou goed komen, zei de GGD, totdat er toch problemen opdoken.

Het kabinet leunt sinds het begin van de crisis op het bestaande, gedecentraliseerde zorgstelsel. Maar het ontbreekt daardoor aan „mogelijkheden centrale regie te voeren”, zei De Jonge zaterdag in NRC. Daarom „hebben we de hele crisis geïmproviseerd”. Woensdag zei hij steeds een „puzzelstukje” te kunnen leggen – het past bij de stapsgewijze aanpak die zijn ministerie steeds kiest, zonder al te ver vooruit te kijken.

‘Ongekende militaire precisie nodig’

Toch lijkt er bij het vaccinatieprogramma de tijd geweest te zijn het dit keer anders te doen: al in de zomer zei De Jonge begin 2021 een werkend vaccin te verwachten. Actiz pleitte voor „een operatie van ongekende omvang, met militaire precisie”.

Die ervaringen, samen met het toenemende maatschappelijke ongeduld over zowel de duur van de crisis als de komst van vaccins, leiden ook in het kabinet tot zorgen of VWS wel voldoende voorbereid is. Kan het niet sneller, grootschaliger, ambitieuzer? Dat ongeduld leidde dit najaar al tot een conflictueuze sfeer tussen ministers, waarbij met name de economische ministers Wopke Hoekstra (Financiën, CDA), Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) en Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) tegenover De Jonge kwamen te staan. Het ongeduld kan weer oplaaien als blijkt dat het vaccinatieprogramma langzamer gaat dan beloofd. De campagne voor de Kamerverkiezingen die dan gaande is, kan dat extra aanwakkeren.

De Jonge wilde de zorgen woensdag wegnemen: in de week van 4 januari zal alles gereed zijn, zei hij. Dan zal blijken dat de vrachtwagens die de vaccins naar huisartsen en verpleeghuizen moeten brengen, allang geregeld zijn. En dat er genoeg koeling is: het RIVM verwacht deze maand voldoende vriezers te hebben om de honderdduizenden Pfizer-vaccins tot zeventig graden onder nul te bevriezen. Door te hameren op geduld en de zorgen te temperen vraagt De Jonge ook om iets wat hij nu harder nodig heeft dan voorheen, maar maatschappelijk en politiek moeilijker lijkt te krijgen: vertrouwen.

In het nieuws pagina 8-9