Volgens collega’s heeft Paul Cliteur de grens van academische vrijheid overschreden

Universiteit Leiden De crisis bij Forum voor Democratie is overslagen naar de Leidse rechtenfaculteit. „Een blamage” voor de universiteit van Cleveringa.

Annabel Nanninga (FVD) en Paul Cliteur (FVD) tijdens de eerste plenaire vergadering in de Ridderzaal.
Annabel Nanninga (FVD) en Paul Cliteur (FVD) tijdens de eerste plenaire vergadering in de Ridderzaal. Foto Bart Maat/ANP

Wie rector-magnificus Carel Stolker van de Universiteit Leiden de laatste jaren vroeg of hij het wel kies vond was dat hoogleraar Paul Cliteur senator was van Forum voor Democratie, kreeg vaak als antwoord: „Dat wordt me nou nooit gevraagd over Ruud Koole, onze hoogleraar politicologie die voor de PvdA in de Eerste Kamer zit.” En dan benadrukte hij de lijfspreuk van de dit jaar 445 jaar oude universiteit: ‘Praesidium Libertatis’, bolwerk van vrijheid.

Bescherming van de academische vrijheid is zo’n beetje de belangrijkste beleidslijn van rector Stolker, die in februari afscheid neemt: aan de Leidse universiteit moet alles onderzocht, gezegd, geschreven en gedoceerd kunnen worden – zolang je de wet niet overtreedt natuurlijk.

Dus ja, Paul Cliteur, sinds 2004 hoogleraar Encyclopedie van de Rechtswetenschap en sinds 2016 prominent actief voor FVD past volgens de baas van de universiteit uitstekend in het Praesidium Libertatis.

De afdeling van Cliteur staat binnen de rechtenfaculteit al jaren bekend als het ‘conservatieve blok’ van de universiteit. Hier op de tweede etage van het statige Kamerling Onnesgebouw aan de Steenschuur leidt hij, met Afshin Ellian, de afdeling Encyclopedie van de Rechtswetenschap. Ernaast zetelt ‘Rechtsfilosofie’ van professor Andreas Kinneging. Door collega’s wordt de gang van het drietal schertsend de ‘gesloten afdeling’ genoemd. Een bijnaam met een nare bijsmaak: de gang is extra beveiligd omdat Ellian wegens zijn islamkritiek al jaren bedreigd wordt.

Hier wordt conservatisme onderzocht en onderwezen. Hier ontstond de conservatieve Burke Stichting, die het conservatisme wilde ontdoen van zijn negatieve connotatie. Een keur aan promovendi trok voorbij, onder wie ook Thierry Baudet die in 2012 bij Cliteur promoveerde op het EU-kritische proefschrift De aanval op de natiestaat.

Broedplaats

Critici noemen het wel een broedplaats voor radicaal, conservatief gedachtegoed, waar studenten niet alleen worden beoordeeld op juridische kennis of redeneringen maar ook opvattingen krijgen ingeprent. De leiding van de universiteit heeft de afdeling van Cliteur altijd z’n gang laten gaan onder de vlag van academische vrijheid.

Dat ligt sinds dit weekend anders. Het was de rector zelf die op zaterdag liet zien dat de vlam van de interne partijtwisten bij Forum was overgeslagen naar de juridische faculteit in Leiden, de werkkring van Paul Cliteur. „Het verwijt van een patroon van antisemitisme rond FVD is uiterst zorgelijk en raakt daarmee ook Paul Cliteur”, berichtte hij zaterdagmiddag op zijn Twitteraccount. Op maandag kondigde het college van bestuur een onderzoek aan naar „beschuldigingen van antisemitisme binnen een afdeling van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid”.

Stolker reageerde ermee op een oproep van docent kunstgeschiedenis Lieke Smits aan dezelfde universiteit. „Ik hoop en verwacht dat mijn werkgever zich distantieert van (de ideeën van) Paul Cliteur. Racisme mag geen gemeengoed zijn aan de universiteit, ook niet onder het mom van vrijheid van meningsuiting.”

Lees ook: De week waarin Thierry Baudet een voor een zijn medestanders verloor

Aanleiding van de aantijgingen waren allereerst de extremistische uitlatingen onder de jongerentak van FVD, die de bestuurscrisis in gang hadden gezet, en vervolgens die van partijleider Baudet zelf, die kort daarop in het nieuws waren gekomen. Cliteur had zich vorige week dinsdag dan wel met onmiddellijke ingang teruggetrokken uit de Eerste Kamer, maar zegde zijn partijlidmaatschap niet op en bleef zijn partijleider trouw. „Ik ben solidair met Baudet en zijn ideologische lijn”, zei hij donderdag in een toelichting in Trouw. Op sociale media brandde snel de kritiek los.

De timing van de ophef en de inhoud van de beschuldiging aan het adres van Cliteur waren voor de Universiteit Leiden buitengewoon pijnlijk. Het was 26 november. Dat is voor de Universiteit Leiden een historische dag met een bijzondere lading. In Leiden, elders in het land en in het buitenland komen medewerkers, studenten en alumni bijeen voor de Cleveringa-lezing.

Met die jaarlijkse toespraak herdenkt de universiteit de vermaarde hoogleraar Rudolph Cleveringa, die op 26 november 1940 als decaan van de rechtenfaculteit in een moedige rede openlijk protesteerde tegen het ontslag van de joodse medewerkers van de universiteit, met name dat van zijn leermeester, professor Eduard Meijers.

Scherpe afkeuring

In Leiden was de reactie van hoogleraar rechtsfilosofie Wouter Veraart aan de Amsterdamse VU hard aangekomen. Hij reageerde op zijn LinkedIn-pagina met scherpe afkeuring op Cliteurs interview in „de verzetskrant Trouw”. „Wat griezelig. Wat een blamage voor een Leidse rechtenfaculteit. Wat respectloos ten opzichte van de eigen, altijd zo opzichtig beleden Leidse Cleveringa-herdenking. Wat een treurnis.”

Vrijdag schreef een aantal Leidse hoogleraar-juristen een open protestbrief, die zondag online kwam. Zonder hun collega bij naam te noemen was het duidelijk dat de oproep tegen Cliteur gericht was. „De Cleveringa-rede valt dit jaar samen met het moment dat in Nederland eens te meer zichtbaar is geworden dat antisemitisme, vreemdelingenhaat, antidemocratische en antirechtsstatelijke opvattingen in bepaalde kringen volstrekt normaal of op zijn minst acceptabel lijken te zijn geworden.”

Jarenlang is er weinig openlijke kritiek geuit op het feit dat de Leidse rechtsgeleerde Paul Cliteur zo’n prominent volger was van de controversiële en steeds radicaler wordende politicus Thierry Baudet. Nu lijkt de ban gebroken en wordt Cliteurs handelen – of juist níét ingrijpen op foute elementen in zijn partij – openlijk gehekeld. De grens van academische vrijheid heeft hij volgens een aantal van zijn collega’s overschreden.

Cliteur zelf mag niet ingaan op het tegen hem ingestelde onderzoek. „Ik heb op het ogenblik een beetje zwijgplicht”, reageert hij kort per app. „Maar ik hoop weer snel vrij te kunnen spreken en schrijven. Want dat was de reden waarom ik het zo naar mijn zin heb aan de universiteit. De universiteit van Cleveringa tenslotte.”