Achtste groeper Yunuscan (11) van basisschool De Vier Windstreken is een van de hoofdpersonen in Klassen.

Foto Jean Counet / HUMAN

Interview

Serie ‘Klassen’ over ongelijkheid in onderwijs: ‘Zo stoer hoe kwetsbaar kinderen zich opstellen’

Ester Gould en Sarah Sylbing Makers van de geprezen serie ‘Schuldig’ brengen in ‘Klassen’ kansenongelijkheid in het onderwijs in beeld in Amsterdam-Noord.

Toen eind 2016 de zesdelige serie Schuldig op tv werd uitgezonden, maakte dat veel los. Aan de hand van zes kleurrijke Amsterdammers, toonde de serie de sluipende armoede in de Vogelbuurt in Amsterdam-Noord. Schuldig ontroerde, confronteerde en legde een niet-werkend systeem bloot. Schuldig won de prestigieuze Zilveren Nipkowschijf en een Tegel voor achtergrondjournalistiek. Vaktijdschrift voor de journalistiek Villamedia riep makers Ester Gould en Sarah Sylbing uit tot journalisten van het jaar.

Lees ook: ‘Schuldig’ is een magistrale serie over armoede

Al snel kregen Gould en Sylbing de vraag of ze een nieuwe serie wilden maken. Gelijktijdig verscheen het jaarlijkse rapport De staat van het onderwijs van de onderwijsinspectie. De belangrijkste conclusie: de kansenongelijkheid in het basisonderwijs neemt toe. Het deed de documentairemakers denken aan een van de laatste scènes in Schuldig. Daarin blijkt dat Dion, de 11-jarige zoon van Ramona en Ron, ondanks zijn problematische thuissituatie – het gezin wordt door een schuld het huis uitgezet - een havo-advies krijgt.

Het inspireerde Gould en Sylbing om dieper te duiken in het onderwerp kansenongelijkheid in het onderwijs. Afgelopen schooljaar streken ze opnieuw neer in Amsterdam-Noord, waar ze een jaar lang achtste groepers van diverse basisscholen en een paar middelbare scholieren volgden voor hun serie Klassen. Maandag is de eerste aflevering op NPO 1.

Waarom hebben jullie juist kinderen uit groep 8 gevolgd?

Sylbing: „Kansenongelijkheid is een abstract begrip, maar de overgang naar de middelbare school is het meest aanwijsbare moment waarop een kind links of rechts afslaat. Je hebt die klassieke metafoor van een sjoelbak: kinderen worden met hun schooladvies een bepaald hokje in gesjoeld. Maar alle onderzoeken zeggen: kinderen van hoogopgeleide ouders hebben steeds meer kans op een hoog schooladvies dan die van laagopgeleide.”

Gould: „Kinderen met een leerachterstand gaan daardoor een te laag sjoelbakje in. In Nederland zijn we extreem vroeg met die voorselectie. Op je tiende krijg je al een voorlopig schooladvies. Kinderen gaan leven naar hun verwachtingen. Als een kind een laag advies krijgt, kan hij zomaar alles uit handen laten vallen. Wij laten zien hoe zij daarmee worstelen.”

Sylbing: „Daarnaast volgden we een aantal tieners, om te zien wat het betekent om op een populaire vwo-school of juist op een vmbo-zorgschool te zitten.”

Schuldig had een opbouw en sfeer die leek op Netflixseries. Heeft Klassen dat ook?

Gould: „We hebben ons laten inspireren door series als America to Me en The Wire. Ons lievelingsseizoen van die laatstgenoemde gaat over onderwijs. Ze zijn op scholen, maar ook bij de politie en straatgangs. Die verschillende perspectieven tillen de serie naar een hoger niveau. Dat proberen wij met Klassen ook, door ook een wethouder, bestuurder en schooldirecteur te volgen. Pas als je hun verhaal hoort, leer je het systeem begrijpen. Amsterdam-Noord is daarbij een soort minisamenleving, met arm en rijk, oud en jong, zwart en wit, Turks, Marokkaans en Surinaams. We hopen daarom dat die plek ook staat voor de problematiek in Groningen of Zuid-Limburg.”

Sarah Sylbing en Ester Gould

Sylbing: „We wilden van Klassen vooral een meeslepende serie maken. Maar de vorm is wel anders dan Schuldig. Daar staken we veel tijd in cliffhangers, zodat we het op een dramatische manier interessant maakten. Klassen leunt daar minder op. Omdat het thema zo complex is, ligt de nadruk op de ontwikkeling van de kinderen. Daarbij waakten wij voor clichés. Dus geen kansrijk kind met rijke ouders afzetten tegen een ondergewaardeerd kind van Marokkaanse afkomst, dat zou veel te kort door de bocht zijn. Er komt daarom bijna iedere aflevering een kind met een andere achtergrond bij.”

Gould: „Er zijn vaker documentaires over onderwijs gemaakt, maar bijna altijd over één school of een leraar. Dan zie je maar één stukje van de samenleving. Terwijl: het onderwijs is hier zo gesegregeerd, dat we op acht scholen hebben gefilmd om het hele systeem te kunnen doorgronden.”

Hoe overtuigden jullie scholen om mee te werken aan de serie?

Gould: „Dat was een onwaarschijnlijk schaakspel, want we moesten ook toestemming krijgen van de leraren, ouders en kinderen. We hebben wel twintig scholen benaderd. Als één iemand niet wilde, ging het hele feest niet door. Die gesprekken hebben maanden gekost.”

Sylbing: „Vooral de hoogopgeleide ouders waren moeilijk te overtuigen: zij hebben meer te verliezen. Uiteindelijk overtuigden we ze door het belang van de serie te benadrukken. Maar toch: iedereen die ‘ja’ zei en in de serie zit, is ontzettend stoer. Vooral de kinderen, die zich erg kwetsbaar hebben opgesteld.”

Gould: „Anyssa is zo’n voorbeeld. Zij heeft een ontzettend zware thuissituatie, maar haar optimisme en vechtlust zijn fascinerend. Dat zegt haar juf, Jolanda, ook altijd. In onze zoektocht naar de interessante kinderen, viel zij meteen op. Ze praatte heel open over de kledingbank en voedselbank, ze schaamde zich niet voor wie ze is. En ze bleek ook nog eens ontzettend slim.”

Sylbing: „Dan nog moesten we gedurende het jaar het vertrouwen van de hoofdpersonen winnen. Om in huiskamers terecht te komen, moet je echt een band opbouwen met de kinderen en ouders. Daar gaan heel veel gesprekken overheen.”

De makers zaten in maart midden tussen de draai- en montageperiode in, toen het coronavirus in Nederland uitbrak. Er zouden nog twee afleveringen gefilmd worden. Door corona moesten ze snel schakelen: ze volgden de klassen via online lessen, gaven camera’s mee aan kinderen en gingen op afstand langs de deuren.

Deze week bleek uit onderzoek van Oxford University, die zo’n 15 procent van de Nederlandse basisscholen analyseerden tijdens de schoolsluiting, dat leerlingen in die periode weinig tot niets hebben geleerd. Voor kinderen van laagopgeleide ouders bleken de gevolgen het nadeligst. Ook de conclusie van het Amsterdamse bureau Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) is somber. Amsterdamse leerlingen op scholen met veel achterstandsleerlingen zijn er méér op achteruit gegaan dan andere leerlingen.

Lees ook: Door de sluiting van de school groeide de kloof

Gould: „Ook wij merkten dat de ongelijkheid door het coronavirus alleen maar toenam. De kansrijke kinderen konden thuis ontspannen, voor kinderen in moeilijke thuissituaties werd het soms heel naar. Ze misten school, verdwenen van de radar. Voor Anyssa is juf Jolanda een soort tweede moeder, zij miste haar heel erg.”

Wat hopen jullie teweeg te brengen?

Gould: „De belangrijkste vraag die we opwerpen is: willen we alleen ons eigen kind omarmen, of alle kinderen omarmen? Daar willen we mensen over laten nadenken. En we willen de inzichten die wij hebben opgedaan aan Nederland laten zien: dat kinderen op latere leeftijd ingedeeld moeten worden, en dat leraren het verschil kunnen maken.”

Sylbing: „We nemen stelling in de serie. Het cliché is vaak: met sommige kinderen valt geen land te bezeilen. Wij wilden laten zien dat dat niet waar is. Kinderen moeten zich geliefd voelen.”

Klassen (Human) wordt de komende zeven maandagen uitgezonden om 21.25u, NPO 1.

Correctie (27 november 2020): In een eerdere versie van dit artikel stond dat maandag 21.35u de begintijd was. Dat is hierboven aangepast.