Hoe exen met elkaar praten

Redacteur Margot Poll signaleert welke boeken er ook nog zijn verschenen en kiest er steeds zes om kort te bespreken. Deze week over voorbije liefdes, een Joodse crèche in oorlogstijd en hilarische toneelrollen.

1. Madeleine St John: De kern van de zaak

Al stond in het testament van de Australische schrijver Madeleine St John (1941-2006) dat haar werk in geen enkele taal vertaald mocht worden, toch besloot de Australische filmregisseur Bruce Beresford als executeur van haar literaire werk, dat verbod in 2019 op te heffen. Hij had haar debuut net verfilmd (Ladies in Black) en gaf toen de rechten vrij. Zo verkreeg Nijgh & Van Ditmar, volgens uitgever Elik Lettinga zonder scrupules, de vertaalrechten voor de vier romans van St John die op haar 52-ste debuteerde met Women in Black (De vrouwen in het zwart) zoals de oorspronkelijke titel luidde, over de damesafdeling van een warenhuis in Sydney. Nu is er de nog betere roman De kern van de zaak, oorspronkelijk uit 1997, die speelt in de wijk Notting Hill in Londen. Het schijnbaar lichte plot over een vrouw die totaal onverwacht van haar vriend hoort dat hij niet meer van haar houdt, krijgt een net zo onverwachte wending: de scheiding wordt een uitgesponnen spel van taal. Elke uitdrukking, ieder woord bijna, wordt tegen het licht gehouden. Als Nicola, zo heet de vrouw, bijvoorbeeld denkt ‘dat je beter dom kunt zijn dan achterdochtig’ reageert haar vriendin meteen dat je met ‘achterdocht tenminste voorbereid bent op het ergste. Was zij dan voorbereid op het beste?’ Het hele verhaal is een aaneenschakeling van mooie dubbelzinnige, grappige, sarcastische woordspelletjes waardoor je begrip krijgt voor de scepsis van St John over vertalingen maar vertaler Corine Kisling wist de nuances in het taalspel der exen juist uitstekend te vangen.

Madeleine St John: De kern van de zaak. (The Essence of the Thing) Vert. Corine Kisling Nijgh & Van Ditmar, 240 blz. € 20,-.

2. Elle van Rijn: De crèche

Op 4 mei 2019 legde de toen 95-jarige Betty Goudsmit-Oudkerk samen met haar zoon David een krans tijdens de Nationale Herdenking bij het Nationaal Monument op de Dam. Hij sprak daarbij de woorden: „Op haar 19de werkte mijn moeder als kinderverzorgster in de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg. Hieruit wist zij samen met collega’s en met hulp van het verzet meer dan zeshonderd opgepakte kinderen weg te smokkelen. Zij legt een krans voor al die kinderen die niet gered konden worden, haar familie en alle andere omgekomenen.” Geïnspireerd op het leven van deze kinderverzorgster schreef schrijfster en actrice Elle van Rijn de historische roman De crèche die zich afspeelt in 1942-1943 toen Joodse kinderen alvorens op transport te worden gezet met hun ouders, ondergebracht werden in de crèche tegenover de Hollandse Schouwburg. In het diepste geheim wisten de verzorgsters onder leiding van directrice Henriëtte Pimentel en met hulp van jongens van de Joodse Raad kinderen tijdens het buitenwandelen weg te sluizen naar mensen van het verzet die hen een straat verder opwachtten. Aan de kinderverzorgsters was de bijna ondoenlijke taak de ouders in het geheim er van te overtuigen, hun kind te laten redden en dus niet mee te laten gaan op transport. Dat daarbij ook speelde of er wel of niet een plaats was gevonden voor het kind, maakte het voor de verzorgster steeds moeilijker. Aan de ouders werd daarbij beloofd dat zij bij eventuele terugkeer met hun kind herenigd zouden worden. Van Rijn beschrijft integer en intens de onmenselijke beslissingen voor ouder en kind. Toen mevrouw Goudsmit jaren na de oorlog op een feestje van haar kinderen, voorgesteld werd aan een van deze geredde kinderen, besloot zij over haar eigen verleden te gaan praten. Niet alleen door haar verhaal maar ook door dat van Virrie en Mirjam Cohen, die een belangrijke rol speelden in de crèche, heeft Van Rijn een belangrijk onderdeel van het ondergrondse verzet ten tijde van de Tweede Wereldoorlog in Amsterdam opnieuw verteld.

Elle van Rijn: De crèche. Hollands Diep, 334 blz. € 22,99

3. Oscar Wilde: De ballade van Reading Goal

Het beroemde gevangenisgedicht De ballade van Reading Goal van Oscar Wilde (1854-1900) is opnieuw vertaald door Maarten Asscher. De zeer verzorgde tweetalige uitgave met bruine omslag precies zoals Wilde het had gewild, begint met het rijke gedicht dat Oscar Wilde schreef nadat hij een gevangenisstraf van twee jaar wegens onzedelijk gedrag, in onder andere Reading Prison (Goal is een oude spellingswijze van het Engelse woord jail) had uitgezeten. De ballade is enerzijds een eerbetoon aan een medegevangene, de ter dood veroordeelde soldaat Charles Thomas Wooldrige. ‘CTW’ had dan wel zijn vrouw om het leven gebracht maar, zo dicht Wilde: En ieder doodt wat hij bemint,/Dat is het weten waard,/ De een doodt met een wrange blik,/ De ander fijnbesnaard,/ De lafaard doet het met een kus,/ De held steekt met een zwaard! De ballade telt 109 strofen van zes regels in rijm volgens het schema A-B-C-B-D-B en Asscher vertaalde zowel rijm als binnenrijm met verve. Anderzijds is De ballade van Reading Goal een vlammend protest in versvorm tegen de onmenselijke omstandigheden in de gevangenis, aldus Asscher in het nawoord waarin hij de ontstaansgeschiedenis en de betekenis van het gedicht uit 1898 uiteenzet.

Oscar Wilde: De ballade van Reading goal. (The Ballad of Reading Gaol) Vert. Maarten Asscher. Boom, 120 blz. € 20,-.

4. Hans Goslinga: De last van de vrijheid

Columnist en commentator Hans Goslinga volgt al sinds 1973 voor Dagblad Trouw de politiek in Den Haag. Ook met de Tweede Kamerverkiezingen op komst, is het meer dan inspirerend zijn columns te (her)lezen die hij tussen 1994 en nu heeft geschreven. In De last van de vrijheid is een honderdtal van die columns gebundeld die samen een overzicht geven van de bewogen politieke geschiedenis van de afgelopen kwart eeuw. Goslinga duidt bijvoorbeeld de opkomst van paars, de nacht van Wiegel, de opmars van Fortuyn, de avond van Van Thijn en vele andere veelzeggende politieke momenten. Het boek sluit af met zijn column van 15 maart 2020 over vrijheid en democratie met als laatste zin: ‘de Nederlanders mogen zich misschien wel het vrijste volk ter wereld noemen’.

Hans Goslinga: De last van vrijheid. De rumoerige jaren in de Nederlandse politiek. Van Gennep, 212 blz. € 19,99

5. Linda Huijsmans, Eke Mannink en Grieteke Meerman: Leven met tegenslag

Voor de wekelijkse rubriek ‘Tegenslag’ in Het Financieele Dagblad interviewen Linda Huijsmans, Eke Mannink en Grieteke Meerman ondernemers, bestuurders, politici en kunstenaars over de dieptepunten in hun loopbaan. In het gelijknamige boek Leven met tegenslag staan veertig van deze interviews over uiteenlopend ongeluk (o.a. faillissement, ziekte, handicap, vergismoord, gevangenschap, verkeersongeluk, terroristische aanslag) en hoe getroffenen de veerkracht vonden hun leven weer op te pakken. Het helderste inzicht over tegenslag komt van de vrouw van Vincent Bijlo die stelt dat ‘tegenslag inhoudt dat niemand met je zou willen ruilen’. Bijlo, die lijdt aan de ziekte van Norrie waardoor hij blind is en steeds slechter hoort, vindt dat een ‘interessante invalshoek’ en gunt vooral anderen een carrière zonder tegenslag.

Linda Huijsmans, Eke Mannink en Grieteke Meerman: Leven met tegenslag. Gesprekken over ongeluk en veerkracht. Atlas Contact, 256 blz. € 22,99

6. Maike Meijer: Wen er maar aan

Over haar zelf uitgegeven dagboek Wen er maar aan, over de ouder wordende actrice M. die hunkert naar een nieuwe glansrol en naar de aandacht van haar zoon, vertelde actrice en scenarioschrijver Maike Meijer in NRC dat het dagboek uitdrukkelijk niet over zichzelf gaat maar dat zij wel op deze vrouw lijkt. De dagboekaantekeningen over toneelrollen en over audities zijn ontluisterend en hilarisch, de aantekeningen over waar M. allemaal opgewonden van raakt of hoe zij zichzelf ziet in een pashokje (de ‘tieten moeten al dente zijn’ al ziet ze in de spiegel een ‘ruïne’) zijn vaak te flauw of over de top maar de overdrijving maakt de humor. Dat benadrukken collega’s als Sophie Hilbrand, Hanneke Groenteman of Ilse Warringa tenminste die juist ‘hardop lachen’ en ‘grinniken van de pijn’ omdat het dagboek zo herkenbaar is.

Maike Meijer: Wen er maar aan. Maike Meijer, 192 blz. € 17,99