Zijn land verklaarde hem al bij leven heilig

Reacties in Argentinië Voor voetbalgek Argentinië was Maradona als een god. Velen vergaven hem zijn afglijden naar drugs onvoorwaardelijk. „Het is lastig om Diego te zijn.”

Argentijnen rouwen bij een muurschildering van Maradona op het Diego Armando Maradona stadion in Buenos Aires.
Argentijnen rouwen bij een muurschildering van Maradona op het Diego Armando Maradona stadion in Buenos Aires. Foto Matias Baglietto/Reuters

Maak nooit de fout een Argentijn te vragen of het niet spijtig is wereldkampioen te moeten worden dankzij een handsbal. Juist het feit dát Diego Maradona die bal met zijn vuist het Engelse doel injoeg – en daar óók nog mee wegkwam – doet zijn landgenoten 34 jaar later nog glunderen van trots. Het doelpunt heet in de volksmond ‘La mano de Dios’ (De hand van God) en dat is bloedserieus bedoeld. In de Argentijnse voetbalgekte balt een geheel eigen staatsreligie samen: devoot katholiek, met een hang naar gesjoemel en messianisme. En Maradona als god.

Tijdens de drie dagen van nationale rouw die president Alberto Fernández woensdag gelijk afkondigde, zal dit volksgeloof deze week weer collectief beleden worden door de Zuid-Amerikaanse natie van Spaanse en Italiaanse immigranten. „Hij verlaat ons, maar is niet vertrokken. Hij is eeuwig”, stelde zijn landgenoot Lionel Messi al in een eerste reactie op Maradona’s dood. Een andere bekende Argentijn, paus Franciscus, stelde dat „hij altijd in mijn gebeden zal zijn”.

Niet dat het een troost is, maar de Argentijnen beleefden al vele generale repetities voor dit moment. Al die keren dat ‘Pelusa’ (Pluisje) weer eens voor zijn leven vocht in een van de privéklinieken van Buenos Aires. Zoals in 2004, toen hij na een met cocaïne besprenkelde zondagse barbecue opgenomen werd in de Clinica Suiza van de hoofdstad. Groepjes fans hielden op de stoep al biddend en leuzen scanderend een wake voor hun Diego. „La Bombonera is de tempel. Boca is onze religie. Wij zijn z’n zonen en Maradona is onze god”, was een van de vele steunbetuigingen die aan de gevel van de kliniek waren geplakt.

La Bombonera is het stadion van Boca Juniors, waar Maradona speelde en nog regelmatig op de tribune zat. De voetbaltempel veranderde woensdag gelijk in een bedevaartsoord voor ontroostbaar huilende fans, gehuld in het blauw-geel van hun club. In Maradona’s tweede thuisstad Napels, in Zuid-Italië, brak een soortgelijke collectieve rouw uit.

Het is echter de vraag of Maradona in La Bombonera opgebaard zal worden. Een andere optie is El Bicho, het stadion van zijn eerste club Argentinos Juniors, dat zijn naam draagt. Dat de rouwwake hier plaatsvindt, is de wens van onder anderen president Fernández, maar hij is zelf dan ook een Juniors-fan. De familie moet uiteindelijk een besluit nemen.

‘De liefde voor mij houdt nooit op’

In het laatste interview voor zijn overlijden, met de krant Clarín, biechtte Maradona laatst op dat hij zich wel eens afvroeg of „de mensen nog wel van me houden, of ze nog wel hetzelfde voor me voelen”. Gelukkig bleek hem dat nog het geval, toen hij recent het stadion van Gimnasia binnenkwam, zei hij. „Ik voelde dat de liefde van de mensen nooit zal ophouden.” In werkelijkheid was die liefde vooral geschokt medelijden: Maradona oogde uiterst fragiel en kon amper zelfstandig lopen.

Maar Argentijnen wisten heel goed het onderscheid te maken tussen de twee Diego’s. Tussen enerzijds de voetbalgod die hun land solo naar een wereldtitel dribbelde en anderzijds de kwetsbare mens die hij zich daarna toonde. Daarom ook durfde president Fernández al meteen in de eerste uren na Maradona’s doodsbericht ook de zwakheden van de volksheld aan te stippen: „Hij was een op en top oprechte man, geen poseur. Hij drukte zich uit met dezelfde kracht als waarmee hij voetbalde. Hij verdedigde waarvan hij hield en schold uit wat hij haatte. Dat was Maradona in onvervalste staat.”

Dat zijn landgenoten hem zijn werdegang zo onvoorwaardelijk vergaven, was deels uit schuldgevoel. Maradona’s afglijden richting drugs en schandalen was tenslotte een direct gevolg van zijn ook door hen zo uitgebreid gevierde voetbalsuccessen. Alle „fama y plata” (roem en poen) brachten hem het hoofd op hol. Of zoals een Argentijnse het in 2004 verwoordde: „Het is lastig om Diego te zijn.”

Lees ook: Hij was de beste, maar ging ten onder aan drank en drugs